woensdag 17 oktober 2007

de fabel van de bijen

Begin van de week hadden we het hier over fabeltjes in de economie. Vandaag even over de bijen. Die begint bij het feit dat mensen die een activiteit ondernemen, hun kosten en baten afwegen. En dan komt het in een markteconomie wel goed. Maar soms veroorzaken activiteiten ook kosten (en een enkele keer baten) bij een ander. Bij milieuvervuiling is er sprake van kosten voor een derde, economen noemen dat een (negatieve) externality. En als ik een mooie voortuin aanleg, waar de voorbijganger ook van geniet, dan is er een positieve externality.

Het standaard denken wil nu dat in zo'n geval de omvang van de activiteit (de productie) niet optimaal is, om dat de besluitvormer de kosten of opbrengsten bij derden niet meetelt. Als ik de kosten van de milieuvervuiling doorberekend zou krijgen, zou ik wat minder produceren en vervuilen. Als ik van alle voorbijgangers die van mijn tuin genieten een euro zou krijgen, zou ik er nog een paar duurdere en mooiere bomen inzetten, of de tuin 10% kunnen uitbreiden.

Economen hebben een standaard voorbeeld verzonnen dat veel in colleges wordt gebruikt, maar te mooi is om waar te zijn: de bijen en de boomgaard. Als de bijenhouder alleen rekening houdt met de honing die hij produceert en niet met het bijprodukt dat de bijen ook de fruitbomen helpen te bevruchten, zal hij te weinig bijenkasten neer zetten en heeft de fruitteler minder appels dan mogelijk zou zijn. En voor de fruitteler geldt ook zo iets: als hij alleen de opbrengst van de appelen in zijn afweging betrekt, en niet de appelhoning die de bijen produceren, dan worden er minder appelbomen aangeplant dan voor de samenleving optimaal zou zijn. En als dit waar is dan is de implicatie natuurlijk: hier moet de overheid wat aan doen want de markt faalt.

Maar het verhaal blijkt een fabeltje, zoals iedereen die de bijenhouderij een beetje kent wel kan bevroeden. Landbouw-econoom Steven Cheung ging op fact finding naar de Amerikaanse staat Washington, waar de fruitteelt zich concentreert. Dat leverde in 1973 het klassieke artikel "The fable of the bees: an economic investigation" op, waarin wordt aangetoond dat er allerlei efficiente contracten bestaan tussen fruittelers en imkers om de waarde van de bevruchting, respectievelijk de honing te verrekenen. Private onderhandelingen zorgen er hier voor dat de sociale opbrengsten worden geinternaliseerd (in de prive-afweging betrokken), zonder dat de overheid daar ook maar enigszins aan te pas komt. Beide partijen hebben immers belang om rond de tafel te gaan zitten en over hun 'bijprodukt' te gaan onderhandelen. Zo onstaat vanzelf zelforganisatie. De markt faalt helemaal niet, als de wet maar ruimte biedt voor contractonderhandelingen.

Op de foto bergflora uit Oregon en Washington state

Een reactie plaatsen