zondag 23 april 2017

Scheve verdeling

Er zijn grote en kleine boeren, dus als je zoals in het GLB betalingen per ha gaat geven, gaan sommigen er met veel geld vandoor. Dat is geen schokkend inzicht, tot je de cijfers op een rijtje zet. Alan Matthews deed dat in een rapport voor de RISE Foundation and nu in een blogpost. Ik citeer voor wie niet doorklikt, want de cijfers zijn te schokkend om ze niet te kennen;

Data extracted from the DG AGRI statistics on the distribution of payments in the financial year 2015 show that just 131,000 farm holdings received just less than 33% of the entire national envelopes for direct payments and, indeed, almost 10% of the entire EU budget.
One wonders just what services these farms are providing to the taxpayer that justifies giving them almost 10% of the entire EU budget. The €13.7 billion going to this small number of farm holdings is far greater than the entire EU budget for security and citizenship of €2.0 billion, the entire budget for Global Europe of €7.9 billion, and even the entire EU administration budget which attracts so much unfavourable comment of €9.0 billion in that year.

These generously-supported farms (all those receiving more than €50,000 per annum) accounted for just under 2% (1.8%) of all beneficiaries of direct payments and just over 1% (1.2%) of all farm holdings in the EU. Just over one-quarter are found in France alone, with many of the remainder in Germany, UK, Spain and Italy. But there are also significant numbers in some of the newer Member States such as Hungary, Poland, Bulgaria, Czech Republic, Romania and Slovakia where large agribusiness companies now operate the holdings of former state farms and large cooperatives.

Ik vrees dat de cijfers zelfs nog wat geflateerd zijn omdat er boeren zijn met meerdere bedrijven. En deels worden de gelden gedeeld met grondeigenaren, maar misschien zijn er daar nog wel minder van. Kortom dit zou in de toekomst anders moeten. Waarbij een bovengrens aan de betalingen per bedrijf geen oplossing zijn. Het moet omgezet naar maatschappelijke (natuur) diensten. 

zaterdag 22 april 2017

voerconversie

Japke-d Bouma bespreekt in de NRC de taalmode, en kwam gisteravond met een top10 van Boer-zoekt-vrouw-taal. De uitdrukking van dit seizoen is blijkbaar "Wat is je voerconversie?" Gebruikt door een van de meiden om een ex-Wageninger in te palmen die nu in de vissen zit in Afrika. Wat Japke-d niet signaleerde dat hiermee ook het begrip boer is opgerekt want de man in kwestie is geen visboer maar een viskweker.
Volgens de NRC columnist wordt dit de nieuwe openingsvraag in het uitgaansleven om het ijs te breken. Efficiency doet het blijkbaar altijd goed, hoewel ik juist gisteren ook gevraagd werd binnenkort een lezing te houden die dat ter discussie stelt.

vrijdag 21 april 2017

waterfootprint

Hierbij een link naar een videootje van PBL over het nut van de waterfootprint. Dat nut is niet altijd even groot. Dat ik er induik komt door een Twitter-discussie van gisteravond.
Aanleiding was een tweet over een artikel uit de NRC dat het watergebruik van rundvlees als juist factcheckte. Ik kon niet laten er op te wijzen dat water in Ierland voor de grasgroei toch niet zo heel schaars is. Dat leidde ook nog tot de discussie of een footprint ook nog eens blijvende schade inhoudt. Blijkbaar roept dat woord dat op. Ik heb de PBL video aan mijn zijde. Water beprijzen zou ik zeggen dan kan die indicator ook weer afgeschaft.

woensdag 19 april 2017

van sociale naar economische zaken

Zijne Majesteit opende vanmiddag B30, het gebouw van de planbureaus en o.a. de RLI. Een interessante middag, met een mooie voordracht van filosoof Bas Haring over het presenteren van complexe materie - iets wat de planbureaus en RLI wel vaker te doen hebben. Verhalen vertellen stelde Haring. Feiten op zich zeggen niets en zijn ingewikkeld. Een slimme conclusie of moraal ook niet en infographics zijn ook de oplossing niet. Je moet het kunnen beleven, inclusief de als-dan's, de omdat's etc. En dat kan in verhalen, zo illustreerde hij met Hans en Grietje.
Ik noteer ook een opmerking in haar inleiding van Laura van Geest, directeur CPB. Die ging nog even in op de geschiedenis van het gebouw en memoreerde dat in de jaren voor de oorlog o.a. de ministeries van Landbouw en Sociale Zaken hier gehokt hadden. Iets wat je je volgens haar nu niet meer kon voorstellen. Ik vroeg me af waarom: de omvang van het gebouw? Maar misschien wel, zo vul ik in, omdat de landbouw sinds die tijd de transitie heeft doorgemaakt van een sociaal probleem naar een economische krachtpatser, zo wil althans de dominante visie op de sector.

dinsdag 18 april 2017

Urk, walvissen en Williamson

Mooi verhaal een week geleden in de NRC over de Urker visserij-ondernemer Klaas Post die een dag in de week wetenschapper is in de natuurhistorie en in de Westerschelde unieke botten van oerwalvissen boven water brengt. Hij gaat een van de nieuwe oude soorten vernoemen naar de Urker visser die echt het werk deed. Dat schijnt een lastige en gevaarlijke klus te zijn: het gaat om dieptes van 35 meter en meer, met draaikolken, oorlogsmateriaal en afval.
Iemand die Urk goed kent vertelde me aan een etentje dat dit echt Urk is. Het eiland zou groot geworden zijn door net wat meer risico's te nemen in het vissen dan de andere kustplaatsen. Ze moesten misschien wel op dat kleine eiland maar ook het geloof schijnt hierin een belangrijke rol te hebben gespeeld. Het Godsvertrouwen hielp de visser de risico's te nemen en de bevolking de gevolgen te dragen als het mis ging. En vermoedelijk versterkte dat het ook weer.
Een fraaie illustratie op micro-niveau van de institutionele lagen van Williamson: cultuur en religie bepalen ons handelen.

donderdag 13 april 2017

complexe bedrijven en de provinciegrens

Het administreren van boerenbedrijven is helemaal niet zo simpel als het lijkt. Ik zit er voor in een Amerikaanse commissie en eerder deze week voerde ik er ook op EZ nog een nuttig gesprek over. Ik kan nu ook mijn eigen situatie als illustratie gebruiken, hoewel die niet eens zo ingewikkeld is.
Zo kreeg ik onlangs een foldertje van de provincie Zuid-Holland of ik interesse had mee te doen als Zuid-Hollandse landbouwpionier voor duurzame innovatie. Die brief was bezorgd op een adres in Flevoland. Daar ligt ook het familie-akkerbouwbedrijfje. Maar ik ben de oudste maat van de maatschap en woon in Zuid-Holland. Maar daar was de brief dan weer niet bezorgd. Vreemd, en voorlopige conclusie: bij de overheid is de big data nog niet perfect ;-)
Of ik nu wel of niet onder de regeling val heb ik maar niet uitgezocht. Misschien komt zo de samenwerking in innovatieprojecten over provinciegrenzen toch nog van de grond.
Enfin, voor een simpele maatschap van meerdere maten is het al niet zo simpel. Dat zal wel het topje van de ijsberg zijn want dat  bedrijven met meerdere vestigingen als meerdere bedrijven worden geteld is ook geen nieuws. Binnenkort weer maar eens met onze Amerikaanse vrienden kijken of die inmiddels een oplossing hebben bedacht. Een slide voor mijn eigen presentatie moet niet zo moeilijk zijn.

maandag 10 april 2017

Recht in Holland

Onlangs blogde ik al over het het al wat oudere boek Holland en de Hollanders van J. Raap. Ik las er nu een hoofdstuk in over tal van rechten, En hoe die van de graven van Holland in handen kwamen van steden en landheren (omdat de graven geld nodig hadden in de oorlogsvoering). Interessant is hoe in de Middeleeuwen bij aanbesteding van publieke werken de uitvoerder ook een recht van onteigening kreeg om het werk tot stand te brengen. Ook het erfrecht verschilde nogal tussen bv. het noorden van Holland en het zuiden.
Grappig is ook het recht van naasting waarin bv. de buren van een perceel grond het recht hadden dat perceel alsnog te kopen tegen de voorwaarden waarop een derde het had gekocht. Goed voor de verkaveling, zo lijkt me.
Interessantst is het pachtrecht. Dat waren behoorlijk complete contracten in een tijd waarin mest centraal stond voor de vruchtbaarheid. Om roofbouw te voorkomen was vaak bepaald dat in de laatste 2 van de 6 of 7 jaar geen aardappelen of bieten mochten worden verbouwd. Het kwam ook voor dat bieten, rode mosterd, vlas en hennep helemaal verboden waren. Soms was er de verplichting het land in de klaver of juist geploegd en bemest op te leveren. Er waren ook voorschriften voor het minimu aantal dieren dat een akkerbouwer moest aanhouden, of juist een beperking van het aantal paarden op het grasland. Verboden om stro en mest te verkopen kwamen ook voor. Weidegang van varkens was ook nog al eens verboden. En een scheurverbod was ook bekend.
Als je dat zo leest krijg je zin om weer eens naar contract design te kijken. Het blijft een issue.

zaterdag 8 april 2017

man en paard

Interessante vergelijking in The Economist van 1 april tussen man en paard. In boerenkringen zou je wellicht moeten zeggen tussen paard, landarbeider en boer. Aanleiding is de komst van de robots. Het blad wijst er in zijn Free Exchange rubriek op dat rond 1900 de toekomst voor het paard er geweldig uitzag. Maar binnen 50 jaar was het beest werkeloos door de komst van de auto en de tractor.
Het probleem was om nog nuttig werk te vinden voor de paarden. Er is nog steeds (bosbouw)werk dat met paarden wordt gedaan (vraag de gaucho's waar ik deze foto nam), en sommige viervoeters stegen in waarde in de paardensport, toen we rijker werden. Maar gemiddeld daalde de prijs van het paard, in de VS met 80% tussen 1910 en 1950. Dat hielp aan een wat langzamer verloop van de mechanisatie omdat het paard aantrekkelijk bleef.
(overigens gaat het blad niet in op het issue dat het ook goedkoper werd een paard op te fokken: er was minder grond nodig voor al die paarden en dus daalden de graanprijzen door hoger aanbod en dus konden de prijzen van paarden ook dalen).
De lagere prijzen leiden er natuurlijk ook toe dat er minder paarden werden gefokt en er meer naar de slacht werden afgevoerd. En zo daalde het aantal paarden en ezels in de VS tussen 2010 en 2060 van 21 naar 3 miljoen.
Ook het blad zelf vindt dat de vergelijking tussen paard en mens te ver kan worden doorgevoerd. Maar dat er een overschot aan arbeid is, dat dat goedkoper dreigt te worden en dat er daarmee veel laagwaardige banen ontstaan in de zorg en de hospitality lijkt toch wel een effect van de robots dat boven ons hoofd hangt.
Overigens is het effect van de internationale handel vooralsnog groter: in de VS verdwenen er pakweg 2 miljoen banen naar China tussen 1999 en 2011, terwijl de robots maar goed waren voor een half miljoen.

Uit; The Economist - Remember the mane, 1.4.2017

donderdag 6 april 2017

boekendag

De boeken voor de paasdagen stroomden vandaag binnen. Sprekers treden tegenwoordig vooral op als ook hun boek wordt uitgedeeld, zo lijkt het wel.
Onlangs keken we bij de Rli naar big data en dus kreeg ik daar vanochtend nog het boek van Sander Klous "Wij zijn big data" als een must read. In de lunchpauze was ik op EZ waar een essay bundel over beleid in complexe systemen werd gepresenteerd. Bruikbare inzichten zo leek me.
En eind van de middag had de KNAW een oploop om het pleidooi voor meer geld voor onderzoek en innovatie kracht bij te zetten in deze formatietijd. Waartoe Mariana Mazzucato was ingevlogen. Een begenadigd spreekster die ook goed door had dat iedereen het al snel eens was over meer geld voor onderzoek en innovatie maar dat de olifant in het glazen huis de vraagstimulering door de overheid is: niet alleen geld voor fundamenteel onderzoek in de hoop dat het een cluster bedrijvigheid oplevert met kweekbiefstukken en personal medicine, maar gericht ook sturen op een gezond en duurzaam menu (om eens een voorbeeld te noemen), waarbij je niet alleen onderzoeksgeld beschikbaar stelt maar ook iets doet rond btw of het type winkels in de obese omgeving van het gemiddelde treinstation. Of de panelleden het ook over die conclusie uit haar lezing eens waren weet ik zo net niet. Enfin, we kregen in vertaling haar bestseller Entrepreneurial State.
Iedereen dank voor de boeken en mocht het met de Pasen regenen, dan meld ik daarna wat ik er verder van opgestoken heb.

maandag 3 april 2017

Open Wetenschap

In zijn editie van 25 maart documenteerde The Economist de bezwaren tegen het huidige proces van publiceren van wetenschappelijke papers: het duurt te lang, het is al betaald, er is mogelijk gebrek aan transparantie etc. Het blad stelt 3 maatregelen voor:
1. papers met hun data als preprints in repositories van universiteiten beschikbaar stellen. De claim to fame is dan gemaakt en daarna kan het naar een journal en kunnen de reviewers hun tijd nemen. Publiceren via open access, dus de auteurs betalen de bladen.
2. Geen doubble blind review, maar de namen van reviewers publiceren. Ook de reviews zelf publiceren en zo mogelijk er gewoon een website met commentaren en verbeterde versies van maken. Dat voorkomt matige reviews (sommige bladen vragen de auteur al om namen van reviewers aan te leveren) en voorkomt dat bladen vooral bestaan omdat ze een adressenbestand van reviewers hebben.
3. universiteiten en instituten moeten ophouden vooral publicaties te gebruiken als maatstaf voor effectiviteit en productiviteit. Je kunt ook pre-prints tellen, en hergebruik dataset (net als citaties) en zelfs artificial intelligence inzetten om te kijken waar en hoe paper is gebruikt.

zaterdag 1 april 2017

anywhere en somewhere

Gisteravond sprak Charles Groenhuizen in ons Dorpshuis over de Amerikaanse politiek Waarbij de nieuwe president een makkelijk mikpunt van caberetiers en photoshoppers blijkt te zijn.
De analyse is al vaker gemaakt: de liberalisering bracht afgelopen twintig jaar veel goeds maar er was ook een groep, vooral in de lagere middenklasse, die er relatief op achteruitging en door de crisis ook nog eens de overheidsbezuiniging, veel onzekerheid en verminderde kansen op doorstroming over zich heen kreeg. Populisme als gevolg. Brug open of brug dicht. The Economist van vorige week bespreekt een boek van David Goodhart: The road to somewhere: the populist revolt and the future of politics. Goodhart deelt de maatschappij niet in als brug open of dicht, maar als een dominante minderheid (de elite) van mensen van anywhere tegen een meerderheid van mensen van somewhere. Anywheres hebben een draagbare identiteit die in de globalisering gedijdt, de somewheres hebben last van gebrek aan respect.

donderdag 30 maart 2017

stad-land verhoudingen

Dat de verhoudingen tussen stad en platteland al eeuwen niet helemaal koek en ei zijn blijkt ook uit het boek over Holland (zie de vorige blog). In de 16e eeuw werd Holland al gezien als een stadstaat, hoewel die steden helemaal niet zo groot waren (5000 mensen was al heel wat). Maar de boeren werden geplaagd door oorlogshandelingen, berovingen, overstromingen en veepest. Onroerend goed is kwetsbaar.  Op pagina 49 van het boek wordt een klaaglied van boeren uit 1576 geciteerd.
Aan het eind van de 17e en in de 18e eeuw kwam het romantische, pastorale beeld van het boerenleven op.
En in 1981 schrijft Raap "Het is opvallend, dat in onze tijd het geromantiseerde beeld is herleefd naar de tijd, toen de boer nog de landman heette te zijn, die met lome pas bij het vee ging toeven, ongestoord blikkend naar verre einden en omgeven door het getsjirp van de krekels, de schreeuw van de kievit en het gekwaak van de kikkers. Het is nog opvallender, dat mensen met uitgesproken, progressieve opvattingen zich in het plattelandsbeleid oer-conservatief opstellen en alles bij voorkeur willen laten zoals het is of -nog liever- het platteland willen terugvormen naar overleefde structuren en exploitatievormen."
Misschien wordt het tijd voor een herdruk van dit interessante boek, misschien helpt het bij het ontdooien van de verhoudingen.

dinsdag 28 maart 2017

uit de Hollanden

De Boekenweek verleidt ons om nieuwe boeken te kopen, maar soms ben je ook heel tevreden over een oud boek. Ik kreeg onlangs "Holland en de Hollanders", van J.W. Raap. Uitgegeven door de Hollandse Maatschappij van Landbouw. Naar verluid in 1981 of 1982 en de vormgeving op glanspapier is ook geheel uit die tijd. Het is een bundeling van caleidoscopische artikelen over van alles en nog wat als het maar over Holland gaat: zijn ontstaan, de bron van plaatsnamen, boerengebruiken, bijgeloof, oude maten en gewichten, grondeigendom etc. etc.
Leerzaam boek. Wonend in de streek die vroeger op Gouda gericht was (intussen is ook Zoetermeer groot en Rotterdam dichtbij gekomen) doet het me goed dat er een verband is met mijn geboortestadje Brouwershaven. Dat zou zijn naam ontlenen aan de export van gerst naar Gouda waar vroeger meer dan 350 brouwerijtjes stonden. En 's Gravendeel in de Hoekse Waard ontleent zijn historie als vlassersdorp aan het feit dat deze vlassers waren vrijgesteld van tol bij hun import van vlas uit Zeeland. En s' Gravenzande was ooit beroemd om de beste tarwe van Nederland, terwijl de Beemster paling had die aan het Engelse hof werd geroemd (net als de jonge aalscholvers uit Zevenhuizen).

donderdag 23 maart 2017

Uit de media

Twee verwijzingen naar de media. Allereerst het Twitterbericht met de aankondiging van een paper dat we uit het project EuroDISH met een grote groep mensen publiceerden in een journal van Elsevier. Food Science and Technology
En een link naar een opname van Omroep Gelderland van gisteren, waarin ik op een kalverhouderij in Garderen optrad in een interview over ontwikkelingen op het platteland. Met dank aan de VanDrie Groep.

dinsdag 21 maart 2017

oorlog en sociale zekerheid

De Amerikanen laten het veel meer aan het individu over dan de Europeanen om voor hun ziektenkosten te zorgen. Met veel onverzekerden als gevolg. Dat wisten we al uit de Obamacare discussies.
In een stuk in The Economist van afgelopen weekend wordt getracht dat te verklaren uit ons oorlogsverleden. In Pruisen begon Bismarck social beleid omdat er veel mensen gemobiliseerd moisten worden in de oorlog tegen Frankrijk. In Engeland bleek bij de recruten voor de Boerenoorlog in Zuid-Afrika te ongezond waren. De uitbouw van de nationale gezondheidszorg na de tweede wereldoorlog lijkt een compensatie voor het geleden leed. En, interessant genoeg, kwamen de Amerikanen tijdens de Vietnamoorlog bijna tot een nationale ziektenkostenverzekering. Het suggereert dat de overhead ook in tijden van oorlog met zijn burgers onderhandelt.

zondag 19 maart 2017

wilde apen

is de titel van een inmiddels populair boekje van Frank Berendse. Het gaat over de natuurbescherming in Nederland. De geschiedenis van de bescherming, de ontwikkeling van de natuur en de negatieve rol van de landbouw en de vraag hoe het verder moet na de omwenteling van Henk Bleker. Terugwentelen begrijp ik.
Het is een heel leesbaar boekje van amper 100 pagina's waarin je een goed beeld krijgt van belangrijke inzichten uit de ecologie en vooral de onderbouwing waarom je grotere gebieden moet beschermen. Niet (zoals ik dacht en ook door hooggeleerden wel heb horen uitleggen) om de trek an sich van dieren mogelijk te maken maar omdat door weers- en klimaatsveranderingen er altijd plekken zijn waar een plant of dier uitsterft en er dan weer herkolonisatie plaats kan vinden.
Dat leidt tot een helder pleidooi om ons land anders in te richten en een deel van de landbouw natuurinclusief te maken, zoals dat tegenwoordig heet. Een term die in het boekje niet gebruikt wordt en die ook beter landbouwinclusieve natuur zou kunnen heten: natuur als hoofdzaak en landbouw als medegebruiker.
Ik leerde overigens uit het boekje dat het eerste exportproduct van Zuidelijk Flevoland het baardmannetje was. De rietteelt betekende een explosie van het vogeltje, waarna het opdook in tal van gebieden in Europa waar het nog niet eerder was gesignaleerd. En verder nog een aanvulling of correctie: volgens mij was het niet zozeer het CDA dat een einde aan Minas maakte (tot teleurstelling van de auteur), maar het Europese Hof - dat vond dat een economische prohibitieve sanctie op mestoverschot niet hetzelfde was als een juridisch verbod. Wel tijdens een CDA ministerschap.
Maar verder dus van harte aanbevolen, dit kon wel eens een invloedrijk geschrift worden.

vrijdag 17 maart 2017

Hoeve Flikweert

Zou ook een mooie titel zijn geweest, maar Chris de Stoop koos voor "Het vierde gewas". Het was vorig jaar het Zeeuws boekenweekgeschenk. De onderwerpkeuze is een logisch vervolg op zijn bestseller Dit Is Mijn Hof, over het omzetten van het boerenland in Antwerps natuurterrein. Want dit gaat over Waterdunen, het Zeeuwsvlaamse natuur- en recreatiegebied bij Breskens.
Centraal staat de hoeve Flikweert van de gelijknamige familie die werd omgezet in Hoeve Waterdunen; de familie Flikweert verdween naar Groningen. De case wordt interessant belicht waarbij pijnlijk duidelijk wordt hoe de visies over de toekomst van de streek schoolvrienden en families verdeelt of in kongsi's bij elkaar brengt. Met het noodlottige ongeval van Tijs Kramer in China dat velen in deze case en die van de Hedwige heeft doen afvragen of het anders had kunnen lopen.
De titel het vierde gewas gaat terug op de akkerbouwcrisis na het verlagen van de graanprijs en instelling van de inkomenstoeslagen in de jaren negentig, toen velen vonden dat het akkerbouw-bouwplan met bieten, aardappelen en granen te nauw was en er een vierde gewas moest komen dat de laag salderende groenten en uien zou vervangen. Veel onderzoek werd geïnvesteerd in agrificatie, de voorloper van bio-based, en gewassen als hennep en olifantengras. De boeren langs de kust gingen in minicampings en bouwden die uit via een lobby van 3 tot 25 plaatsen en haalden de wrevel van de recreatieondernemers op hun dak. En inmiddels zijn de uien booming.
En ik kreeg bevestigd met het boekje wat ik achteraf wist: de bekende snoepfabrikant Van Melle kwam uit Breskens, ze hadden er zelfs een vliegveldje. De andere beroemde inwoner was 'De Kromme' alias Willem van Hanegem, maar die heeft het boekje niet gehaald.
Al met al een leuk geschenkboekje voor wie nog niet genoeg had aan de nostalgie van Dit is mijn hof of de case Waterdunen kent. (En de pinguïn foto hiernaast is geen toeval, de rode variant heeft het boekje regelmatig gehaald).

donderdag 16 maart 2017

Kenneth Arrow

Een paar weken geleden overleed Kenneth Arrow. The Economist weidde er onder de titel An impossible mind een mooi stuk aan. Arrow wordt er in getypeerd als de man die wiskundig aantoonde onder welke omstandigheden markten werken (samen met Gerard Debreu goed voor een Nobel in economie, de jongste kandidaat ever) en waarom het alternatief collectieve besluitvorming soms kan falen.
The Economist 4.3.2017

dinsdag 14 maart 2017

grasland extensiveren met de EU

Nu we toch in de wetenschappelijke papers zitten: de laatste uitgave van Eurochoices (2016-3) had een artikel van Hecht et. al waarin ze voor 3 landen doorrekenen of je meer extensief grasland kunt stimuleren door de premies van akkerbouwgrond en grasland in pijler 1 over te hevelen naar pijler 2 en ze daar weer uit te delen voor extensief beweid grasland. Ik begrijp uit het artikel dat dit nu al mag en dat je dan ook de volledige vergoeding van de EU houdt en dus niet zoals bij andere pijler 2 gelden nationaal moet co-financieren. Een verleidelijk idee.

maandag 13 maart 2017

Rli rapport Technologie

Afgelopen anderhalf jaar had ik het genoegen om in een commissie mee te werken aan een Rli rapport over het effect van nieuwe technologie op de samenleving en de vraag hoe je dat beter kunt beoordelen. Vrijdag werd het eindresultaat gepubliceerd, met een case over de melkrobot.

zondag 12 maart 2017

weird experiment

Het experiment in het paper dat ik gisteren besprak had nog een mooie passage in zijn discussie paragraaf. Het heeft last van het WEIRD probleem: het is uitgevoerd met studenten die vooral een Western, Educated, Industrial, Rich and Democratic achtergrond hebben. Dat maakt dat de resultaten niet per se voor kleine boeren in Zimbabwe of zo gelden.

zaterdag 11 maart 2017

contracten in de keten

het andere paper over ketenarrangementen (zie de blog van gisteren) in de ERAE is van Kunte et al. Zij vragen zich af hoe partijen zich gedragen  bij contracten tussen bv. groententelers en een verwerker als er de mogelijkheid is van directe onderhandelingen en communicatie. Zorgen langlopende relaties ervoor dat contracten worden nagekomen door de partners en helpt het als partijen zelf kunnen onderhandelen en hun ongenoegen over bepaalde contractvoorwaarden of gedrag kwijt kunnen bij de wederpartij? En wordt de handel hier efficienter van?

Het experimentele spel met studenten wijst uit dat lange termijn relaties helpen. Wie breekt, verliest ook opties voor de toekomst. Maar een eenmalig contact of boerderijbezoek van de fabrikant helpt niet echt, dat wordt al snel gezien als 'cheap talk', de relatie moet wel wat dieper. Als er geen reputatie-effecten zijn dan worden contracten aangeboden met een wat hogere prijs, maar die contracten worden vervolgens gebroken / niet nagekomen. Je krijgt als het ware (mijn voorbeeld) een wat hogere prijs voor je uien, maar er wordt later veel zwaarder getarreerd dan was gesuggereerd.  Tot slot constateren de auteurs dat goede relaties in de long run aantrekkelijk zijn voor beide partijen en zich terugbetalen, maar dat ze in het experiment relatief zelden tot stand komen.
En dat betekent dus dat er ruimte is voor een andere opzet. Bijvoorbeeld makkelijke arbitrage of small-claim rechtbanken (ontwikkelingslanden). Ook neutrale kwaliteitsbeoordeling (zie mijn tarra-voorbeeld) kan helpen. En natuurlijk producentenorganisaties tussen de boeren en de fabrikanten in.

vrijdag 10 maart 2017

keten-arrangementen

Twee andere papers in de ERAE van februari zijn meer theoretische of experimentele onderzoekingen naar het gedrag in ketens.  Bauner et al tonen aan dat bij een duopoly (twee ondernemingen die de de dienst uit maken in een activiteit) die marktmacht hebben naar de inkoopkant (boeren) en de verkoopkant (retail) en een vrij uniform agrarisch product omzetten in levensmiddelen van verschillende kwaliteit, het doorvoeren van kosten-reducerende technologie in die fabrieken leidt tot meer product-differentiatie.
Dat komt omdat de fabriek die de lagere kwaliteiten maakt, een prikkel krijgt om het nog wat goedkoper met een nog lagere kwaliteit te doen. Dat leidt namelijk tot vergroting van de markt, er wordt meer verkocht aan bestaande en nieuwe kopers. Dat is gunstig voor consumenten en is in lijn met feit dat aandeel van boeren in de toegevoegde waarde van de keten terugloopt.


woensdag 8 maart 2017

food miles en meer


Een ander paper (zie de blog van gisteren) in de ERAE over GHG kijkt of Amerikaanse consumenten onderscheid maken tussen informatie over GHG emissie, wel/niet lokaal geproduceerd en food miles.
Het blijkt dat consumenten bereid zijn een premie te betalen voor producten die scoren op die attributen. Maar er zijn ook trade-offs. De bereidheid om te betalen voor hybride rijst met een lagere GHG in de productie neemt af in niet-lokale markten als daar ook een traditionele rijst met hogere GHG te koop is maar met minder food miles / lokale origine.
Verder is er geen volledige substitutie tussen food miles en lokale origine, ofwel er zijn andere redenen om een lokaal product te kopen dan food miles. En wederom blijkt dat consumenten effect van food miles op GHG te hoog inschatten.

dinsdag 7 maart 2017

broeikas-schapen

Het laatste nummer (februari 2017) van de European Review of Agricultural Economics bevat een aantal beleidsrelevante papers. Ik ruim er dus een paar blogposts voor in. Om te beginnen een paar papers over broeikasgassen (GHG, Green House Gasses in het jargon).
Een Frans team schatte de GHG emmissie voor Franse schapenbedrijven en komt tot de conclusie dat een verbetering van 35% best haalbaar is. Dan moeten de schapenhouders wel meer in de markt integreren door andere technologie aan te schaffen en vervuilende inputs te vervangen door schonere. In mijn woorden: professionaliseren en integreren in de markt dus, niet romantisch aanrommelen op extensieve wijze op de berghelling.
Methodisch toont het paper aan dat je de GHG niet moet optellen maar afzonderlijk moet bekijken. Dan blijkt dat het duur is om NOx terug te dringen terwijl CO2 en methaan makkelijker zijn.

zondag 5 maart 2017

laat niet de schillen....

De circulaire economie in food begint te leven. Een mooi voorbeeld dat ik in het blad Duurzaam Bedrijfsleven tegenkwam is dat van de sinaasappelschillen. Daar worden er jaarlijks honderden miljoen kg van weggegooid. Afval dat in biovergisters en compost vanwege de zuurgraad niet eens ideaal is.
Er zijn nu twee start ups die ontdekt hebben dat in deze reststroom nog waarde zit. die er economisch uit te halen is. PeelPioneers haalt de schillen bij foodbedrijven en cateraars op en haalt er etherische oliën uit en maakt er vezelrijke korrels van. Die oliën gaan de cosmetische industrie, de schoonmaakbranche of de voedingsmiddelenindustrie weer in. Pectine en flavonoïden gaan in gelei en voedingssupplementen.
De start-up Ruik wil vanuit Almere de vervuilende industrie achter de parfumbusiness (nu vaak uit olie gemaakt) beconcurreren. De start is er, met 700 kg schillen van Ekoplaza maakten ze 3 liter olie goed voor een paar duizend flesjes parfum, waarvan er al 500 zijn verkocht. Dennennaalden na de kerst moeten een vergelijkbare bestemming krijgen.

Uit: Duurzaam Bedrijfsleven, februari 2017

vrijdag 3 maart 2017

Spaanse cooperaties

Formules de crecimiento en el cooperativismo agroalimentario espanol is de titel van het boek dat de auteur Andres Montero Aparicio me toestuurde. Het boek is een bewerking van zijn proefschrift en gaat over de life cycle van drie Spaanse cooperaties, deels een vervolg op het EU project dat we ooit deden. Ik mocht het voorwoord schrijven, en dat kan ik wel lezen want dat is in het Engels....

woensdag 1 maart 2017

risicomanagement in GLB

is een onderwerp dat in de belangstelling staat. De website die het debat over de Toekomst van het GLB probeert aan te zwengelen, vroeg me om mijn visie hierop. Dankbaar gebruikmaken van eerder OECD werk en publikaties van collega's, vind je hier mijn bijdrage.  Als je niet meer in de markt van melk wilt ingrijpen, waarom dan nog wel in de markt van risk management?

maandag 27 februari 2017

Volkskrant en BoerEnBusiness

Het CBS publiceerde vandaag cijfers over de landbouwstructuur vanaf 1950 en de Volkskrant wist me gisteravond nog te vinden voor een duiding van die cijfers. Velen zijn afgevloeid, de blijvers hebben nu een hoger inkomen dan in de jaren 50, net als in de rest van de maatschappij. Een boer belde me omdat hij zich afvroeg of dat voor iedereen gold, er waren toen boeren die vooral opzichter waren en niet zoveel hoefden te doen, terwijl het nu van onbetaalde gezinsarbeid moet komen. Tja uitzonderingen zijn er ook. Hier is het artikeltje
En BoerEnBusiness verzocht me om een column, het was weer een tijdje geleden. Dat werd een column over voedselbeleid, en die vind je hier. 

zondag 26 februari 2017

Toekomstscenario's bij De Schakel

Donderdag hield ik ook nog een tweede lezing. 's Avonds was ik te gast op de jaarvergadering van Telersvereniging De Schakel in Ysselsteyn. Een vereniging met leden in Nederland, Belgie (Wallonie) en Duitsland die vooral (industrie)groenten teelt. 25 a 30 miljoen omzet. Afgelopen jaar bedroeg de omzet van de telers per ha ca 2300 euro zo hoorde ik, maar dat kwam door de regen en hagel. Normaler is 2800 euro. Dus net wat meer dan graan wat al snel betekent dat je het van oppervlakte moet hebben. De teelt verschuift in Nederland naar het Zuiden en ri. Frankrijk zo werd me verteld. Ook omdat het in de buurt van fabrieken geteeld wordt (transportkosten!) en een aantal Nederlandse fabrieken is in de concurrentiestrijd in blik, vriezer en glas gestopt.
Enfin, voor het buffet en de carnaval losbarste mocht ik wat vertellen over toekomstscenario's. Op basis van eerder werk natuurlijk maar de sheets staan toch op Slideshare. 

zaterdag 25 februari 2017

Voedselbeleid op seminar EZ

Donderdag was er een druk bezocht seminar bij EZ over de noodzaak van een EU Voedselstrategie en het belang dat Nederland daar bij heeft. Zelf sprak ik over kansen om in het GLB ook voedselbeleid een plek te geven. Dit alles bij het afscheid van Joost de Jong. Ook prof. Erik Matthijs (Leuven) had een mooi verhaal. Het mijne staat op Slideshare. 

woensdag 22 februari 2017

kunstmest als medicijn

Kunstmest heeft als nadeel dat een deel verloren gaat. Dat geldt in het bijzonder als het regent of als je het zoals bij rijst in een natte omgeving strooit. Het zou eigenlijk langzaam beschikbaar moeten komen voor de plant.
Een onderzoekster van een nano-technologie instituut in Sri Lanka heeft een oplossing gevonden, die eigenlijk wel heel erg voor de hand ligt: verpak de kunstmest net zoals medicijnen in capsules die langzaam de stof vrijgeven. Het werkt en het lijkt kosteneffectief te kunnen worden, zo meldt the Economist van afgelopen weekend (18.2.2017)

maandag 20 februari 2017

Situationsbericht

De Duitse DLG heeft eind vorig jaar weer een update uitgebracht van zijn Situationsbericht. Een onmisbaar boekje over trends en feiten in de landbouw, in ieder geval de Duitse. Maar ook EU cijfers zijn er in te vinden. En de grafieken en tabellen zijn goed toegankelijk gemaakt op een website.

zaterdag 18 februari 2017

Bij - de drone

Voor het geval de bij uitsterft, heeft een Japanse onderzoeker inmiddels een oplossing in de maak: de bestuivings-bot: een kleine drone met een kwastje en gel. Vooralsnog moeten ze door de mens bestuurt, er wordt nu gewerkt aan de zelfsturende bij-drone.

Uit the Economist 11.2.2017

donderdag 16 februari 2017

minder immigranten leidt tot mechanisering

Gaan de lonen omhoog als je de immigranten naar huis stuurt? Dat is een actuele vraag die bijvoorbeeld de Amerikaanse groenten- en fruitsector bezig houdt nu president Trump plannen in die richting heeft. Welnu een paar Amerikaanse economen komen met een mooie analyse. Ze keken naar het Bracero programma waarin in de jaren 60 een half miljoen Mexicanen seizoenswerk konden doen in de States.
Die andere president met een kuif, John F. Kennedy (!) maakte daar een eind aan. Het leidde vooral tot mechanisatie. In staten met veel bracero-Mexicanen nam tijdelijk de werkgelegenheid voor Amerikanen wel iets toe, maar dat was tijdelijk en maar een klein effect. Maar dat gebeurde ook in staten waar het Bracero-programma niet was toegepast. De loonontwikkeling was positief in de jaren 60, maar ook daar was er geen verschil tussen beide typen staten.
Het leidde ook nog niet tot illegale immigratie of immigratie van elders, maar vooral tot mechanisering. Katoen, suikerbieten, tomaten werden voortaan met de machine geoogst. Waar dat niet lukte zoals bij asperges en sla, liep het areaal terug. Net zoals nu de abrikozen vervangen worden door amandelbomen.
In mijn afstudeerscriptie die ik ooit aan de EUR maakte kwam zo iets voor de aardappelen in ZW Nederland ook al naar voren: een samenloop van algemene loonkostenontwikkeling en doorbreken van nieuwe technologie (wat nog een interessante discussie opleverde met een andere landbouweconoom). En het voedselpakket wordt dus beïnvloed door de relatieve prijzen als gevolg van kostprijsontwikkelingen door mechaniseren.

The Economics of immigration: Man and Machine in The Economist, 4.2.2017

dinsdag 14 februari 2017

leugens en statistiek

The Economist draagt een steentje bij aan de afkeer van factfree politics door een boek te recenseren over goed gebruik van statistiek. Met een verwijzing naar de uitspraak "you have lies, damned lies and statistics" publiceerde Daniel Letvin A Field Guide to Lies and Statistics. Een goed boek over zaken als het verschil tussen procenten en procentpunten en over de betekenis van het woord significant voor onderzoekers en voor journalisten. Zeer leesbaar want de auteur is geen statisticus maar begon als stand-up comedian en is nu neuro-wetenschapper.

maandag 13 februari 2017

Benchmarking in de landbouw

In januari verscheen bij het EIP Servicepoint ons rapport van de Focus Group Benchmarking. Wie het net als ik even gemist had: hier is het.

terug uit de VS

Ik was dus afgelopen dagen even naar Washington voor een vergadering. Verschillende mensen vroegen zich af of ik nog wat van de controverses rond de nieuwe president zou merken. Bij mijn gastheren en dames niet echt, in November was het meer een issue. Maar dat kan komen omdat er overheidsdienaren bij waren of we meer zaken te bespreken hadden.
Wel legde een hoogleraar internationale handel me uit dat hij ineens weer door Democraten gevraagd wordt om over agricultural trade te spreken. Zijn uitleg van de politieke wending was dat de Republikeinen altijd een grote groep America First kiezers hadden die vrij negatieve beelden hadden bij de qua normen liberale Europeanen en de "onbetrouwbare, ondoorgrondeliljke" Aziaten. En de Democraten geloofden voor een groot deel ook al niet in handel die banen op de tocht zet. Maar afgelopen decennia hebben presidenten van verschillende kleur de handelsverdragen door het congress gesleept door het grote midden te zoeken. Trump heeft ingezien dat dat grote midden door de crisis verschrompeld is, en dat hij de buitenkanten kon verenigen.
Bij de douane was het stil, maar dat kan komen door weinig vliegverkeer vanwege de sneeuwproblemen in de ochtend en rond New York, Toch kwam ik  laat aan in het hotel want de taxichauffeur van de shared van was fel anti-Trump. In LA geboren van Spaans-Canadese achtergrond (en met ook een paspoort van dat land als het nodig was) kon hij de Twitter-stijl en de consistentie van het voldoen aan verkiezingsbeloftes nog wel waarderen maar inhoudelijk was het oorlog. Hij voorspelde een geblokkeerde overhead als over anderhalf jaar het congress deels weer verkozen wordt, en dacht dat het niet goed zou aflopen met de president: impeachment of de weg van Kennedy en Lincoln.
Dat het mij een half uur extra kostte kwam doordat de taxi chauffeur ontdekte dat we een Irakees aan boord hadden die in de VS op een werkvergunning verbleef en in Londen door de maatregelen van Trump getroffen was. De man had er dagen gebivakeerd, was toen maar teruggevlogen naar de familie in eigen land en was na de gerechtelijke uitspraak nu van Doha naar Washington gevlogen na eerst nog eens uren in Doha rondgehangen te hebben omdat de vlucht naar NY door sneeuw was gecancelled. Die was volgens de taxi-chauffeur aan zijn bed toe dus veranderde hij de optimale route vlak bij mijn bestemming door eerst maar eens naar dat hotel te rijden. Zo probeerden we nog wat van het imago van de VS te redden.

zaterdag 11 februari 2017

melk en melk

De Washington Post van vandaag meldt een melkoorlog in de VS. Op het vlak van naamgeving: de zuivelindustrie is het zat dat de term melk ook wordt gebruikt voor producten op basis van soja, amandelen, kokosnoten, rijst, cashewnoten en natuurlijk quinoa. Die producten groeien hard en de real thing is op zijn best stabile in consumptie. Omdat melk een zekere definitie heeft in de Warenwet en er bepaalde ingredienten in moeten zitten, moet de FDA dat maar eens gaan handhaven. De plantengebaseerde melklobby denkt daar natuurlijk anders over.

vrijdag 10 februari 2017

American Gothic, of wel wat is een farm?

Vandaag presenteerde ik in Washington de Nederlandse ervaringen rond het in de statistiek weergeven van complexe bedrijfsstructuren in de landbouw. Wat is eigenlijk een boerderij? Wie is er boer? Met een post-modern intro, maar het was een officiële openbare presentatie, dus hij gaat hierbij online.

dinsdag 7 februari 2017

Origin Green

Eind deze middag mocht ik in Amersfoort een verhaal houden bij de presentatie van het Ierse initiatief Origin Green. Om te laten zien wat we in Nederland al doen, En om de discussie aan te wakkeren of we van het Ierse initiatief wat kunnen leren. Hier is mijn presentatie

maandag 6 februari 2017

Patagonie

Komende weken op de blog wat fotootjes uit Patagonie. Ik ben namelijk net terug van 4 weken vakantie, de geroutineerde lezer had mijn afwezigheid aan de berichten hier al gemerkt. Bij uitzondering begin ik met een fotootje van mezelf.

zondag 5 februari 2017

Van katoen

Katoen mag dan in Europa nog maar een paar eeuwen belangrijk zijn en wol en linnen hebben verdrongen, in de rest van de wereld was katoen altijd koning. Boeren teelden het tussen hun andere gewassen, en in de rustiger perioden werd er dan, vooral door vrouwen, gesponnen en geweefd. Het was de eerste industrie, deze huisindustrie. Dat veranderde met de komst van de eerste industriële revolutie. Sven Beckert schreef er een geweldig boek over: Empire of Cotton, inmiddels ook in het Nederlands vertaald.
Het boek laat uitstekend zien hoe zaken en politiek samengingen en een aantal malen de hele sector en ook de wereld op zijn kop zette. Liverpool en Manchester legden de bijl aan de wortel van het oude systeem met de eerste industriële revolutie. Liverpool importeerde zowel katoen als textielproducten en net als in andere Europese landen werd de geïmporteerde katoen via een 'putting-out' systeem naar de boerenhuishoudens gebracht die dan het spinnen en weven voor hun rekening namen en het garen of de textiel weer terugleverden voor de markt. Goedkoper kon je het niet maken.
Toch wel want de Engelsman Samuel Greg constateerde dat de Indiase wevers dat toch goedkoper konden dan de Europeanen en zon op een list voor importsubstitutie. Dat was de eerste op waterkracht gedreven spinnerij in Lancashire. Daarmee ontstond ook een behoefte aan meer katoen als grondstof. De oplossing daarvoor kwam uit het Zuiden van de VS, in de vorm van plantages met slavernij. Goedkoper kon je de katoen niet produceren, en dat hielp aan de driehoekshandel: goedkoop textiel naar Afrika in ruil voor slaven naar de VS, aldaar omgezet in katoen voor Engeland die er textiel voor o.a. Afrika maakte.
Dit systeem werkte alleen als ook de staat meewerkte: kanalen, maar ook arbeidscontractrecht voor mensen die ineens in de fabriek moesten werken. En daar veelal geen zin in hadden omdat het oude systeem hun meer vrijheid gaf. Het begon dus met wezen, gevangenen en landlopers. En natuurlijk het legitimeren van de slavernij, ook al was die in Engeland inmiddels verboden en er ook een beweginkje was van vrouwen die slavenvrije textiel kochten. En zo werd de natiestaat fors versterkt.
De volgende stap was het inzetten van de natiestaat voor het zeker stellen van de aanvoer van katoen. De afhankelijkheid van de VS werd als problematisch gezien, en dat gezichtspunt werd nog sterker toen de slavenhandel en de slavernij steeds meer ter discussie kwamen. Het werd aantrekkelijk niet  alleen meer te volstaan met een factorij die de katoen opkocht van lokale handelaren in de kolonien maar zich steeds meer met de produktie te bemoeien. Dat gold al helemaal bij de Amerikaanse burgeroorlog tussen het Ziuiden van de katoen en het  oorlogskapitalsime , zoals Becket het noemt, en het noorden van het industriële kapitalisme. Daardoor liep de prijs van katoen fors op, wat een prikkel was voor zuidelijke boeren om meer in de markt te integreren. Maar meer was dit nog een prikkel voor het kolonialisme waarin de westerse overheden gingen investeren in infrastructuur maar ook teeltbevordering, soms ook gedwongen. Vooral de  relatief lage prijzen van textiel maakten uiteindelijk de huisoroduktie in landen als India onaantrekkelijk, de boerengezinnen verloren van de machine en moesten zich noodgedwongen toeleggen op de katoenteelt en voor een deel in de fabrieksweverjien gaan werken. Het is discutabel of hen dat echt veel welvaart heeft gebracht, want veelal hadden de arbeiders weinig politieke macht en bleef het bij een hongerloontje.
Een interessante passage is ook dat de overheid zich steeds meer ging bemoeien met de handelsstandaarden, o.a. In de VS dat zich niet aan de standaarden van de Liverpoolse branche organisatie wilde committeren. En de keten veranderde fors door de telegraaf. Die leidde niet alleen tot het verdwijnen van regionale prijzen en markten, maar ook tot het verdwijnen van veel tussenschakels, de grote handelshuizen gingen zelf vertegenwoordigers ter plekke aansturen.
Het kolonialisme leidde uiteindelijk ook tot fabrieken in de ontwikkelingslanden. En de fabrikanten daar hadden ook belang bij een nationale staat die hun bevoordeelde, bijvoorbeeld met tarieven aan de grens. Ze gingen dus onder een hoedje spelen met de nationalisten, met dekolonisatie als gevolg. En daarna verschoof de macht van de handelaren naar de retailers en merkfabrikanten die nu de ketens aansturen. De arbeidsomstandigheden zijn daarbij nog immer een aandachtspunt. Dat lijkt de constante in deze veranderingen.
Kortom een geweldig boek over de Political Economy van katoen met een nieuwe blik op de geschiedenis van de afgelopen eeuwen. Sterk aanbevolen.

vrijdag 3 februari 2017

farm or firm

In Washington kreeg ik vorig jaar het boekje Understanding Business Dynamics - an integrated data system for Amerca's future. In 2007 gemaakt door de National Research Council van de National Academy of Science. Over de vraag hoe je de statistieken aanpast aan de moderne tijd met zijn internetfirma's etc.
Het werd uitgedeeld als voorbeeld omdat we ook zo iets gaan maken over de vraag wat eigenlijk een boerderij is. Als we aan willen sluiten bij wat gangbaar is in de statistiek van de rest van het leven dan hebben we de keuze tussen twee definities:
Een farm is een FIRM: an organisation conducting a business (..). A firm may operate one place of business or more. Of: Een farm is een Establishment: a single physical location where a firm's business is conducted...
In het laatste geval moeten we dan voor de mensen met meerdere boerderijen een nieuwe term verzinnen. Agriculturarl family firms of zo iets. We gaan het er volgende week eens over hebben.

dinsdag 31 januari 2017

Spoeling revisited

al eens eerder besteedde ik aandacht aan de spoelingslandbouw rond Schiedam. Onlangs sprak ik iemand die het meegemaakt had. Hij vertelde me dat het product vooral door kleinere boeren werd gevoerd. Grotere gingen meer voor de kwaliteit van de melk dan voor volume, de spoeling zou de smaak van de melk negatief beïnvloeden.
Of die verklaring klopt weet ik niet, want vaak zie je juist de kleinere voor specifieke kwaliteitsproducten gaan. Ik vermoed dat de kleinere het probeerden vol te houden met een hogere veebezetting en daarbij spoeling nodig hadden en dat de kwaliteit van de melk het resultaat was waarbij de prijskorting opwoog tegen het goedkope veevoer en de hogere omzet. En dat er wellicht een verschil in managementniveau was, al was het maar omdat de betere groter werden. Misschien moet er nog eens een historisch onderzoek plaats vinden.
Overigens zou er een eind aan gekomen zijn door een verbod tot gebruik van spoeling. Ik leg het maar even vast voor wie het nog eens wil uitzoeken.

zaterdag 28 januari 2017

De retail verandert

ook de retail verandert. Ik sprak onlangs een directielid van een keten die al enige tijd met pensioen is en me uitlegde dat de concurrentie aan de inkoopkant sterk veranderd is. Vroeger waren er echte prijsonderhandelingen tussen de retailers en de leveranciers uit de voedingsmiddelen industrie. En betaalde de een soms wat meer dan de ander voor de suiker of het bier. Maar toen de fusies in de retail hun intrede deden kwamen de retailers achter de grootte van die verschillen en kregen ze meer macht, met als gevolg dat ze het in hun ogen teveel betaalde van een van de fusiepartners over afgelopen jaren gingen terugeisen, en grotendeels terugkrijgen.
Daar hadden de voedingsmiddelenfabrikanten geen zin meer in en ze gingen dus vaste prijzen hanteren die niet onderhandelbaar zijn. Er wordt nu alleen nog gewheeled en dealed rond acties, bonussen, reclamecampagnes etc. Met een situatie waarin we hard op weg zijn naar maar 3 inkoopcombinaties in Nederland lijkt de markt dus niet in alle aspecten op wat er in de economieboekjes staat bij het hoofdstukje volmaakte mededinging.

dinsdag 24 januari 2017

Fintech en factoring

mijn aandacht in the Economist van 14 januari werd getrokken door een foto van een vervallen schapenboerderij bij een artikel over fintech, de ICT revolutie in de financieringswereld. Het probleems is bekend: grote partijen in ketens betalen pas na 4 weken, althans volgens contract en in werkelijkheid zijn er situaties waarin ze daar ver over heen gaan. De prijsconcurrentie is dan zo hoog dat ze nog meer leverancierskrediet nodig hebben. In de landbouwwereld zit de EU er mee in zijn maag en probeert met allerlei afspraken te maken en is er een commissie Veerman mee bezig geweest.
Nu had de markt daar al een oplossing voor die factoring heet: de koper die moet betalen maar daar nog geen zin in heeft, draagt de factuur over aan een factoringmij (vaak aan een bank gelieerd), die betaald de leverancier direct en int zijn geld bij de koper een paar maanden later als die het product heeft verkocht.
Dat brengt natuurlijk wat kosten met zich mee, maar als zo'n koper echt een hoge opportunity Cost heeft van kapitaal dan kan dat. Wat er nu gebeurt door ICT is dat die transactiekosten fors naar beneden gaan. Denk alleen al aan digitale facturen, maar ook inschatten kredietrisico en inzage in administratie. En die fintech bedrijven zijn hip en kunnen heel wat kapitaal goedkoop op de beurs aantrekken. probleem lijkt dus via de markt oplosbaar.

zondag 22 januari 2017

Computertaal

mooi overzicht in the Economist Technical Quarterly van 7 januari over het gebruik van spraak bij computers. En dan vooral als input, het geven van commando's met je stem. Maar ook over vertalen. Is nu allemaal goed mogelijk via de computer. Je zegt Hey Siri en je kunt opdrachten geven op krijgt antwoord. Gaat ook in de landbouw toegepast worden. Tip van de dag, noem je koe geen Siri of naar een van de andere spraakassistenten, dan gaat het fout.

vrijdag 20 januari 2017

bier in de kunst

Uit hetzelfde boekje nog 1 stukje. Over bier, Die gerstenwijn was bij de Grieken niet zo populair, en werd als onmannelijk gezien. Wel werd het op de olympische spelen gedronken. En op festivals gewijd aan Demeter.
Bij de Romeinen was dat Ceres en ook bij haar festivals werd een biertje genutigd. Vandaar de naam Cervisa die je in het Spaans dus nog terugvindt. Agricola, gouverneur van Brittania brracht een paar goede brouwers naar Rome maar net als melk en honing werd het na de val van het Romeinse rijk gezien als de drank van de barbaren.  Pas de reformatie met de noordelijke protestanten als winnaar deden het bier aan status winnen.

dinsdag 17 januari 2017

suiker en het klooster

Ik lees nog eens even in het kunstboek Food and Feasting in Art. Leuke weetjes en schilderijen. Zoals over suiker. Dat was in de Middeleeuwen al wel bekend vanuit suikerriet, maar extreem duur. Honing werd relatief veel meer gebruikt. Tot de belangrijke honingproducenten behoorden de kloosters. Althans tot de reformatie toen velen sloten. Waarmee de suikerrietproducenten de wind in de rug kregen uit onverwachte hoek. Zo had ik er nog niet tegenaan gekeken.