zaterdag 5 april 2014

stadslandbouw in Berlijn

Donderdag had ik het genoegen een dagje de stadslandbouw van Berlijn te bekijken. Het IFSA congres waar ik een lezing over ICT en een over Agrarische Kennis- en Innovatie Systemen mocht houden, trok ook wat tijd uit om de boer op. Met voortreffelijk weer om na een stop bij Checkpoint Charlie de laatste boer van de stad Berlijn te bezoeken (tussen Berlijn en de ring zitten er meer, maar dat is formeel niet meer de stad Berlijn).
De eerste stop was bij Boerderijtuin Mette. Een uniek concept waar een jonge academisch opgeleide biologische boer zijn klanten helpt een biologische volkstuin te runnen. Hij huurt daartoe grond van Boer Mette (waarover straks meer) en maakt dat zaaiklaar en zaait de gewassen. In cirkels met een uitgekiend 'intercropping' systeem: stikstofbindende gewassen naast planten die veel stikstof nodig hebben en daarnaast de minder behoeftigen. Stukken van 50 vierkante meter van zo'n cirkel ("pizzapunten") verhuurt hij aan burgers voor 390 euro. Die moeten de gewassen schoon houden en mogen oogsten. Hij ondersteunt zijn klanten met cursussen, waaronder de cursussen onkruidherkenning en uitleg dat de biologische landbouw wel degelijk mest, namelijk biologische mest, gebruikt. Op de zanderige grond zou het anders ook niet veel worden.
Klanten mogen eventueel ook nog wel wat eigen planten neerzetten mits ze biologisch uitgangsmateriaal meebrengen. Want de boer wil liever niet zijn biologische erkenning verliezen, hoewel hij die strikt genomen helemaal niet nodig heeft omdat hij geen producten verkoopt.

De boer als trainer
Een slim model zo leek me: alle oogstrisico's en veel van het intensieve werk wordt naar de consument geschoven. Die consument is vooral het (blanke) burgergezin met kantoorbanen die in het weekend met de kids er even uit willen, iets met de natuur en grond willen doen en geen kennis genoeg hebben voor een volkstuin. De opbrengsten verschillen enorm tussen huurders, zo vertelde de gastheer, maar wie er elke week komt haalt zijn 390 euro er mogelijk wel uit. Mooie opbrengst per ha voor de boer, zo leek me. Bij zijn motivatie dat maar 2% van de bevolking in de landbouw werkt en zo de kennis van landbouw verloren dreigt te gaan leek me discutabel. Er zijn alijd nog 5 miljoen boeren in Europa die die kennis hebben, hooguit kun je stellen dat de burger van de landbouw vervreemdt.

werkelozen
Een tweede bezoek was aan een project eveneens op de grond van boer Mette. Nu ging het om een gebied naast een woonwijk waar paardenweitjes en paardenstalling (180 euro per maand) kon worden gehuurd. Ook was er een grote volkstuin waar werkelozen in oude rassen groente aan de slag konden, die vervolgens in de soepkeuken van de stad weer in maaltijden voor 1,50 euro aan behoeftigen werden verwekrt.
We reden ook nog even langs wat echte percelen van boer Mette voordat we bij hem gingen lunchen. de medewerker die ons rondleidde had veel klachten over burgers die hun hond uitlieten in het koolzaad en daar kuilen graafden. En meer van dat ongerief. Maar ja, diezelfde burgers zijn wel de levensader van het bedrijf. Huisverkoop o.a. van vlees en jaarlijks een Strobalenfeest dat 75.000 bezoekers trekt.
De boerderij zelf ligt volledig ingebouwd in de stad. Rijp voor projectontwikkeling zou je denken, maar de boerderij wordt daar vermoedelijk niet veel beter van, want veel grond is eigendom van de stad Berlijn en wordt gepacht.

Tempelhof
Tot slot bezochten we het Allmende-Kontor op het in 2008 jaar geleden gesloten vliegveld Tempelhof. Het vliegveld is een toegankelijk park geworden (zonder bomen, een grasveld dus) waar je over de twee startbanen kunt fietsen, rennen, skeeleren etc. Een gemengde groep mensen, van studenten tot immigranten is er een volkstuincomplexje begonnen dat een bijzondere indruk maakt. Er mag vanwege kerosine-vervuiling, mogelijke oorlogsminutie in de bodem en vooral de angst dat er straks bomen staan die aantrekkelijke projectontwikkeling blokkeren, niet in de grond worden geteeld. En dus is er van sloophout een grote hoeveelheid teeltbakken gemaakt, in tal van vormen. De eerste indruk is die van een krakersnest.
De plekjes zijn ingedeeld in buurtjes, die samen hun watertoevoer e.d. regelen. Er wordt heel wat afvergaderd in dit multi-culturele project zo is de indruk. Veel mensen doen mee uit integratiemotieven, om mensen in de wijk te leren kennen, en lekker buiten bezig te zijn, zo was mijn indruk. Voor de voedselvoorziening heeft dit geen betekenis zo vertelde ik enkele van de studenten in onze trip. Er zullen wel wat tomaten worden geoogst en een kropje sla, maar dit is vooral van belang voor de leefbaarheid van de wijken om Tempelhof heen (en voor het opdoen van praktische organisatieskills van studenten, in plaats van op de societeit), dit heeft geen betekenis voor de toekomstige voedselvoorziening van Berlijn, zo mag je hopen.

Al met al scherpten we onze opvatting over de stadslandbouw aan: een mooi verschijnsel, ofwel sociale innovatie, voor de leefbaarheid van de stad. En goed voor de landbouw, want het brengt de landbouw terug in beeld bij de burger in de stad. Maar de komende 25 jaar geen bedreiging voor de echte Agrariers, Agrico's en Albert Heijns.
Een reactie plaatsen