woensdag 5 september 2012

kennisrijke landbouw

Ineens stond mijn blog van maandag hier links in de lijst als meest gelezen blogs in de afgelopen decade (aardige app trouwens). Dat kwam niet door de overweldigende belangstelling voor de relatie tussen economie en utopie, maar via het webforum op Foodlog.
Een beetje moe van de hele dag vragen en discussie over wat ik van het intensiveringspleidooi van mijn CEO vond, deed ik mijn beklag over al die mensen en politieke partijen die 1 oplossing verabsoluteren en aanprijzen als het wondermiddel voor alle plaatsen en tijden. Want dat is mijns inziens ook een utopie.
Dat sprak mijn Flevolandse collega-akkerbouwer Huib Rijk (full transparency: we kennen elkaar al jaren en zijn bevriend) zo aan dat hij het stukje op Foodlog plaatste in de discussie die daar loopt.over dit onderwerp. Met een keurige link en vandaar de hits.

Dat was voor Foodlog manager Dick Veerman weer aanleiding even toe te lichten dat ik bij het LEI Wageningen UR werk. Hij blijkt het wel met mijn nuance eens te zijn, maar als goed Foodlog discussie-animateur probeerde hij me nog wel even uit de tent te lokken met de opmerking dat hij de strategische vragen mist en dat zorgelijk vindt.

Het ontbreekt me door andere besognes even aan de tijd me in die discussie te storten, en niet vanwege de constatering van iemand anders dat het onderzoek zich alleen met feiten moet bezig houden en niet de McKinsey moet uithangen met strategisch advies - we gaan niet McKinsey uithangen, maar in een discussie de feiten aandragen en een advies geven hoort ook bij onderzoek. Inderdaad als er eerst goed onderzoek is.

Uit al dat onderzoek, dat elkaar soms tegenspreekt want dat heb je bij onderzoek in de sociale wetenschappen (tijd en plaats en methode etc.), is wel duidelijk dat er meerdere oplossingsrichtingen zijn en dat we die ook nodig hebben. Als er een conclusie is uit de honderden scenario-studies van afgelopen jaren, dan is het wel die meerdere oplossingsrichtingen, waarin inderdaad kennis vaak heel belangrijk is.

Om er dan toch wat op persoonlijke titel over te zeggen:
Consumenten in Nederland kunnen uit eigen belang en gezondheid veel matiger consumeren, zeker ook van vlees, en vooral veel minder voedsel weggooien. Eet rustig biologisch als je je daar goed bij voelt (gezondheidsclaims niet bewezen) en de hectares in Nederland die er mee beteeld zijn, liggen er duurzamer bij dan de andere (waar nauwlettend bestrijdingsmiddelen en nitraat gemonitored moeten worden). De hele wereld ga je er niet mee voeden, mogelijk vanwege de hoeveelheid grond die je nodig hebt (indirect land use) omdat de opbrengsten lager zijn, maar vooral omdat biologische landbouw enorm kennisintensief is. Je hebt biologisch omdat boeren geen geld hebben voor kunstmest (dat gaat met hogere voedselprijzen wel over), maar in meer westerse omstandigheden is biologisch boeren verre van simpel, zo weet ik van dichtbij. In veel delen van de wereld is de landbouw niet zo kennis-intensief en gaat dat voorlopig ook niet worden.
Verder kan de consument rustig vlees blijven eten. Neem lamsvlees dat veelal uit berggebieden komt waar je echt geen granen kunt telen of geen ploeg de grond in kunt zetten en alleen schapen lopen. Neem rundvlees dat een bijproduct is van melk en dus nauwelijks vervuilt (die uitstoot kun je grotendeels aan kaas en melk toerekenen). Of dat van veengronden komt die je absoluut niet moet omploegen, dan krijg je een hele hoge CO2 uitstoot (ja onderwater zetten is nog beter). Neem kipvlees omdat daar relatief weinig granen in gaan en omdat je hier via de kipfilet het grootste deel van de kip betaalt, waarmee de vleugels en poten die wij niet willen voor een habbekrats naar arme Nigerianen gaan. Je kunt ook varkensvlees nemen als dat gemaakt is met de resten uit ons voedselsysteem waardoor de verspilling weer opgewaardeerd wordt (dat is overigens maar een deel van ons varkensvlees). Of neem de moderne half-om-half: een mengsel van vlees en soja bij producten waar het je eigenlijk toch om een drager voor satesaus gaat. Wie denkt de arme Afrikaan aan eten te helpen door morgen geen vlees te kopen, overschat wel erg zijn eigen bijdrage. Het effect is niet alleen marginaal, maar de ondervoeding is vooral een armoedeprobleem. De honger in India en Biafra is in de jaren 60 en later niet opgelost door in Amsterdam minder vlees of brood te eten maar door hogere productie ter plekke, beter bestuur en meer welvaart. Het zou overigens goed zijn voor hun gezondheid als sommige Afrikanen eens een stukje vlees kregen, want er zitten voedingselementen in die je moeilijk anders binnen krijgt. Wie bang is dat de Chinezen in 2050 de zaak ontwrichten doordat ze evenveel vlees eten als de Amerikanen, bier drinken als de Duitsers en wijn drinken als de Fransen, kan het best zorgen dat de Chinezen tevreden zijn met een wat ander dieet.
Politici die de Nederlandse consument een beetje willen helpen gezonder en matiger te eten kunnen de btw op vlees verhogen. Of het veel helpt is de vraag, zeker als je dat als Nederland alleen doet (grensverkeer etc) maar kwaad kan het in mijn ogen niet. Tenslotte betaalt de consument relatief te weinig voor voedsel en blijft een deel van de vervuiling onbeprijsd. Dus als de overheid toch geld nodig heeft is er wat te zeggen voor een Pigovian tax. Die beter zou zijn op de vervuiling zelf, dan op het product vlees, maar de wereld is zelden perfect.
Verder doen politici er goed aan de markt zijn werking te laten doen. Er zijn mij iets te veel voorbeelden van het falend ingrijpen: het landbouwbeleid heeft er aan bijgedragen dat we in Europa de varkens niet in graangebieden maar rond havens houden, heeft vervolgens te laat ingegrepen om de milieuproblemen te corrigeren (aan proefschriften over het mestbeleid geen gebrek) en de hoge voedselprijzen van een paar jaar geleden kwamen mede door ingrijpen in de rijstexport. En dan hebben we nog de biobrandstoffen en de verplichte bijmenging waar misschien wel politieke argumenten voor zijn, maar zeker geen economische. Ook nieuwe voorstellen om 7% van de grond in mooie Vlaamse en Nederlandse polders maar in biodiversiteitsbraak te leggen in plaats van die natuur te realiseren daar waar ze nodig is (rond de steden) of daar waar ze goedkoop is (op de oude arme, woeste zandgronden) zou je van tafel kunnen halen. Als je de melkquota er af haalt, gaan we binnen de beperkende mestruimte, meer melk produceren en minder varkens. Dat wordt nog veel sterker bij vrijhandel met Brazilie. Ook hier zou marktwerking leiden tot een oplossing die veel Nederlanders ambieren, met meer toegevoegde waarde en minder negatieve externe effecten.
Nu de boterbergen geruimd zijn is de prijsdrukkende werking daarvan weg en hebben we alleen nog te maken met het feit dat er in die weinig rendabele tijden te weinig in ontginning, infrastructuur en kennis is geinvesteerd.  Maar die verandering is al duidelijk ingezet en moet nu even worden volgehouden.
En dan krijgen we een oplossing via een nog kennis-rijkere landbouw. Dat kun je kennisintensieve landbouw noemen, waarbij een koe weer wat meer melk geeft of een ha nog meer aardappelen oplevert. Je kunt het intensieve landbouw noemen en dan krijg je in ieder geval repliek omdat mensen aan bio-industrie denken met dierenleed en varkenspestbeelden.

Enfin, als je dus strategische vragen zoekt, dan is het vooral hoe je die oplossingsrichtingen (consuminderen, minder voedselverliezen, meer produceren via meer ha of via kennis-intensiever) afweegt. Dat kan alleen maar via de markt, waarbij prijzen de goede informatie moeten geven en andere middelen (voorlichting, certificering) consumenten kunnen helpen goede keuzes te maken. En door aan de andere kant te blijven investeren in kennis, via bedrijven of via de overheid. Kennis van productie, maar vooral ook van goede instituties (cooperaties, voorlichtingsdiensten, plantenziektekundige diensten, onderwijs etc).
De strategische vraag die er toe doet is dan wat voor overlegforum (transitie-arena, G20?) er nodig is om te zorgen dat we vooral die randvoorwaarden scheppen, en niet zitten te vernaggelen door op basis van 1 of 2 zgn. absolute waarheden raar overheidsbeleid te gaan voeren en markten te verstoren.
De tweede vraag is of wij deel van die beweging willen uit maken. Wij gaan er nauwelijks over, het speelt vooral buiten Europa en wij zijn nog rijk genoeg om iets anders te doen. Maar we weten er veel van en geo-politiek is het verstandig het probleem voor onze voordeur te helpen oplossen. Als we er aan mee doen en er wat aan willen verdienen dan zullen we er realistisch naar moeten kijken. Niet met 1 dogmatische oplossing maar met maatwerk naar plaats en tijd.


Een reactie plaatsen