dinsdag 13 januari 2009

Wennen aan Florida

Voor boeren en andere plattelandsbewoners die aan de Hollandse winter willen ontsnappen en nog even van de goedkope dollar in Florida willen profiteren, hierbij een paar overgangstips.

Florida kent net als Nederland 16 mln inwoners en die wonen vooral langs de randen van de staat in steden (die het van rentenieren en toerisme lijken te moeten hebben). Wie die steden en de stranden nog even wil mijden (remember Miami Vice), huurt een auto op Miami International Airport en rijdt via de Turnpike (de tolweg) in hooguit drie kwartier naar Homestead.
Neem er een motel en ga eten bij de Country Kitchen van de Farmers' Market (Krome Avenue, om de hoek bij Starbucks). Het is het restaurant van de fruitmarkthallen, waar groente en fruit wordt verpakt en verladen. Zeiltjes op tafel, een groot wandschilderij van een John Deere met een koe in overall achter het stuur en goed eten. Zeven dagen in de week, ontbijt, lunch en diner.
Ik bestelde er een biertje bij, maar dat mag niet van Jeb Bush (de gouverneur, broer van): op state property mag geen alcolhol worden verkocht. Je mag het wel een blok verder bij WallMart gaan halen en binnen opdrinken (en dan heb je een hoop meer alcohol voor je dollars), maar ter plekke kopen - forget it.
Tweede verrassing: in het menu viel mijn keuze op de biefstuk, hoewel je in Florida heel goed veel vis kunt eten. Maar een Europeaan wil ook wel eens wat anders en goedkoop goed rundvlees kennen we hier niet zo, nietwaar. Gewoontegetrouw bestelde ik hem 'rare', maar ook dat mag niet van de heer Bush c.s. Niet voedselveilig genoeg, het moet minimaal medium zijn. Kijk, zo kun je ook de voedselveiligheid bevorderen.

Robert is here.
Rij na deze ervaring naar de Everglades (10 minuten) en stop op weg daar naar toe even bij de tropische fruithandel en kinderboerderij van Robert. Je kunt het niet missen, van veraf is te lezen dat er Robert is here op het dak staat. Boederijverkoop sinds 1960. En voor de deur een paar oude tractoren, waaronder bovenstaande John Deere, en een oude T-Ford en Bedford.
En in het visitorcenter van de Everglades zelf kun je dan het debat tussen landbouw en natuur volgen. Je kunt er "bellen" met een boer, een visser, een stadsbewoner, een natuurbeschermer en een park ranger om van een bandje te horen wat hun mening is over het waterbeheersissue en herstel van de Everglades.
De boer in kwestie (afgebeeld in traditionele blauwe overall) komt met herkenbare argumenten: de staat heeft ons hier in de jaren vijftig met landontginning naar toegebracht, als we minder water krijgen gaan de voedselprijzen omhoog en gaat werkgelegenheid verloren. Maar verder zijn we niet tegen de natuur, en als er ingegrepen wordt, dan willen we wel goed worden uitgekocht.

Suiker
Later reed ik door het suikergebied, maar je krijgt er nu niet direct de indruk dat het gaat om arme kleine gezinsbedrijven. De suikerrietteelt is zeer grootschalig en kapitaalintensief, georganiseerd door o.a. US Suger Corp. Die volgens The Economist bezig zijn een deal te maken met de staat over waterrechten. Dat aspect van de invloed van de grote industrie ontbrak toch een beetje in de presentatie op het visitor center en over WTO suikerbeleid al helemaal geen woord. Blijkbaar een gevoelig issue.
Wat landbouwbetreft is natuurlijk ook de citrusindustrie nog interessant, en er is extensieve rundvleesproductie. In het zuiden is er ook de tuinbouw, die zeer arbeidsintensief met veel cubanen en mexicanen wordt bedreven (met de hand 25 ha boontjes plukken). In de buurt van Gainesville kun je nog een leuk historisch dorpje bezoeken, en zien hoe hier ooit het Spaans mos van de bomen werd geoogst, vooral voor bedden (in plaats van kapok) en vulling van stoelen van auto's.
Tot zover mijn agrarische ervaringen, afgezien van heel goed en betaalbaar eten. Verder zijn er reisgidsen genoeg die je op weg helpen.
Een reactie plaatsen