donderdag 18 juli 2013

Beweging in de ketens

Het wordt tijd om weer eens een favoriete sheet te publiceren. Deze heb ik afgelopen jaren veel in lezingen gebruikt (en blijf dat nog wel even doen) om te duiden dat er zaken in ketens aan het veranderen zijn.
Het komt uit een artikel van Michael Boehlje: Structural Changes in the Agricultural Industries: How Do We Measure, Analyze and Understand Them?, gepubliceerd in American Journal of Agricultural Economics, 1999, vol. 81, issue 5, pages 1028-1041.
Hij onderscheidt 3 factoren die bepalen of in een keten vooral van dagmarkten gebruik wordt gemaakt, of juist meer van contracten of eigendomsrechten (integratie). Naarmate de productie beter programmeerbaar is (je weet tot op de dag precies te plannen wanneer de radijs te oogsten zijn of het pluimvee naar de slachterij kan) wil een retailer daar wel gebruik van maken voor planning (bv. van advertentiecampagnes). Als de advertenties er staan wil je niet van de veiling afhankelijk zijn. En wie 10 ha radijs zaait om in die week te oogsten wil ook niet afhankelijk zijn van het verschijnen van een koper op de veiling. Van dagmarkt naar contract dus.
Iets dergelijks geldt bij wat economen noemen asset specifity: als een partij specifieke investeringen doet in een productie (bv. speciale machines of kennis om bio-brocolli te telen) die niet inzetbaar is voor andere afnemers, wil hij wel een garantie dat de investering terug te verdienen is.
En tot slot: de dagmarkt splitst de winst over de twee handelende partijen. Soms is dat erg lastig omdat niet te bepalen is wie er het meest bijdraagt aan het success: de maker van de Nespresso machine of de maker van de koffie-melanges. Dan kan het zinvol zijn te integreren en samen een onderneming op te zetten.
Een reactie posten