Velen zijn op zoek naar de heilige graal van de groene groei. Dat vraagt veranderen, maar hoe dan?
Voor wie inspiratie zoekt: Herman Wijffels gaf een mooi interview voor de jongste editie van het Robeco relatieblad SAFE. Met pittige uitspraken over Haagse restaurateurs, dus hij ziet het er voorlopig nog hier ten lande niet echt van komen. Er is blijkbaar eerst nog meer crisis nodig voor dat we bv. de miljarden subsidies op fossiele energie (van rode diesel tot kerosine en nog meer) afbouwen en inzetten om werkeloze bouwvakkers aan het werk te zetten in het energiezuiniger maken van onze huizenvoorraad; waarbij het probleem is dat banken niet kijken naar de total cost of ownership bij hun leningen en de huurwetgeving het doorrekenen van de investeringen in hogere huur tegenhoudt. Mooie voorbeelden dus.
weblog over de toekomst van de Nederlandse landbouw en het platteland. Gemotiveerd vanuit het werk als econoom, de nevenfuncties als bestuurder en de woonomgeving van de moderator, maar als persoonlijke stellingname geheel buiten de verantwoordelijkheid van mijn werkgevers - zoals het hoort bij een weblog.
zondag 18 december 2011
vrijdag 16 december 2011
bedrijfseconomisch denken in Afrika
Er zijn heel wat case-beschrijvingen uit ontwikkelingslanden waarin mensen voor de korte termijn van consumptie kiezen en niet voor de langere termijn van gezondheid (goedkope chloortabletten) of betere huisvesting (een tv tegen de verveling in plaats van een betere huisvesting). Daar zijn overigens veel goede verklaringen voor. De NRC had gisteren twee pagina's naar aanleiding van het boek Arm & Kansrijk van Banerjee en Duflo.
Als ik het goed begrijp bevelen die een middenweg aan tussen de vrije markt en hulp: de overheid moet zorgen mensen de goede keuzes te maken (het nudging idee hoewel het niet zo wordt benoemd) en invallen voor wat mensen voor de langere termijn laten liggen.
Een mooi voorbeeld uit een kader bij het artikel: in een Keniaans experiment bleek een kg kunstmest van $1 per saldo $ 1.70 op te brengen. Toch kochten weinig boeren kunstmest, maar 10%. Tegen de tijd dat het gekocht moest worden (volgend voorjaar) was het geld al op. Er is altijd wel ergens geld voor nodig. Oplossing van onderzoekers: verkoop bij de oogst vouchers voor levering in het voorjaar. Dan blijkt 50% mee te doen (althans dat neem ik aan, de krant schrijft dat het aantal met 50% stijgt, maar dat zou van 10 naar 15 zijn). Deed me denken aan een reserve officier van het Nederlandse leger die ik eerder deze week bij BNR hoorde: de man had in Afghanistan ondernemers gecoacht. Je moest er bij de basis beginnen, zo vertelde hij. Die basis was uitleggen dat als je een bedrijf hebt, je moet zorgen voor 2 portomonnees: 1 voor het bedrijf en 1 voor het huishouden. Zo simpel is het soms.
Als ik het goed begrijp bevelen die een middenweg aan tussen de vrije markt en hulp: de overheid moet zorgen mensen de goede keuzes te maken (het nudging idee hoewel het niet zo wordt benoemd) en invallen voor wat mensen voor de langere termijn laten liggen.
donderdag 15 december 2011
naar 1 btw tarief ??
Een mogelijkheid voor Groene Groei: De Raad voor Volksgezondheid en Zorg (RVZ) pleitte deze week in het rapport 'Preventie van Welvaartsziekten'.voor het hoge btw tarief op voedsel, plus nog een vettaks. Dat in de strijd tegen ongezonde leefstijl, vooral bij laaggeschoolden (waar naar idee van de Raad dan blijkbaar de prijselasticiteit nog wel effect heeft). Kun je ook mooi de arbeidskosten in deze inkomensklasse verlagen en de administratieve lasten verlagen. Ongetwijfeld zijn er ook nadelen.....
woensdag 14 december 2011
kunstbeken
Echte natuur kent Nederland eigenlijk niet, vrijwel alles is een cultuurlandschap, inclusief de heidevelden en de dennebossen met mijnbouwhout. Wie dacht dat dan in ieder geval veel van de beken op de zanndgronden nog een natuurlijk karakter hebben, kan ook zijn mening bij stellen. Veel beken zijn door boeren vorm gegeven, om daarmee grasland te bevloeien - de zgn. vloeiweiden. Dat was eeuwenlang zinvol want het verlengde het groeiseizoen (tot wel 2 maanden!) door minder vorst in de grond, bracht mineralen, doodde de mollen en insecten en zorgde voor spreiding van werk in de tijd. Wie in het landschap beken aantreft die zich stroomafwaarts splitsen of die niet echt goed meanderen (met uitslijtende buitenbocht) heeft met een aangelegde beek te maken. Meer op de website http://www.stromendlandschap.nl/ En in het boek Stromend landschap - vloeiweidenstelsels in Nederland, G.J. Baaijens e.a., KNNV Uitgeverij. Aldus een recenssie in de NRC van afgelopen weekend.
dinsdag 13 december 2011
De hongerige stad
Het boek Hungry City van Carolyn Steel, een internationale bestseller uit 2008, had ik tot voor kort ondanks wat aanbevelingen genegeerd. Er verschijnen aan de lopende band boeken over de voedselketen - je kunt tenslotte niet alles lezen. Inmiddels werd me de Nederlandse vertaling "De hongerige stad" - tot stand gekomen door bemoeienis van het LNV Innovatienetwerk- ter leen in handen gegeven, dus nu is het er toch van gekomen.
Daar heb ik geen spijt van want het is een goed boek dat ik je kan aanraden. Steel bekijkt als archtitecte het issue vanuit het ontwerp van de stad en herinnert ons er nog eens aan dat een stad zo groot kan worden als de voedseltoevoer aankan. Ze laat zien hoe steden ook rond voedselaanvoer ontworpen zijn en met wat voor problemen ze hebben geworsteld, inclusief de afvoer van mest en eventueel hergebruik daarvan.
Ze is op zijn best - of misschien moet ik zeggen dat ik dat het meest leerzame aspect van het boek vind- in de historische verhalen. Zo wist ik niet dat het de Nederlanders zijn geweest die het telen van veevoer als akkerbouwgewas hebben uitgevonden. Als productiviteitsmaatregel.
Zo zijn er tal van verhalen over de relatie tussen stad en ommeland. Door de goedkope transportkosten is dat ommeland nu wel heel groot geworden en hebben stadsbewoners daar niet meer zoveel betrokkenheid bij. Dat roept blijkbaar het spook van Rome op, waar dat op zeker moment ook het geval was en de verre gewesten nog wel voedsel naar de stad stuurden (terwijl Rome zich omringd had met mulifunctionele landbouw en andere lusthoven) maar de aftakeling van de decadente stad in gang werd gezet.
Voor een auteur verbonden aan de London School of Economics biedt het boek in zijn verklaringen van de mooi beschreven feiten soms verrassend weinig economie en economische redeneringen. Maar dat is mogelijk beroepsdeformatie van deze recensist.
Steel komt niet echt met een oplossing en misschien zelfs wel niet met een heldere probleemdefinitie. Ze voert de tuinsteden op en heeft een lovend woord voor het Nederlandse Pig City en natuurlijk gaan we straks via internet kopen en thuis laten bezorgen. Het ontbreken van zo'n zware epiloog met toekomst-ontwerp is misschien ook wel verfrissend en haar allerlaatste punt lijkt me zeer terecht: het gaan om voedselcultuur, die moet weer terug komen.
Met die kanttekeningen: goed dat dit toch in het Nederlands is vertaald en een mooi boek om wat te leren van de relatie stad en platteland door de eeuwen heen.
Daar heb ik geen spijt van want het is een goed boek dat ik je kan aanraden. Steel bekijkt als archtitecte het issue vanuit het ontwerp van de stad en herinnert ons er nog eens aan dat een stad zo groot kan worden als de voedseltoevoer aankan. Ze laat zien hoe steden ook rond voedselaanvoer ontworpen zijn en met wat voor problemen ze hebben geworsteld, inclusief de afvoer van mest en eventueel hergebruik daarvan.
Ze is op zijn best - of misschien moet ik zeggen dat ik dat het meest leerzame aspect van het boek vind- in de historische verhalen. Zo wist ik niet dat het de Nederlanders zijn geweest die het telen van veevoer als akkerbouwgewas hebben uitgevonden. Als productiviteitsmaatregel.
Zo zijn er tal van verhalen over de relatie tussen stad en ommeland. Door de goedkope transportkosten is dat ommeland nu wel heel groot geworden en hebben stadsbewoners daar niet meer zoveel betrokkenheid bij. Dat roept blijkbaar het spook van Rome op, waar dat op zeker moment ook het geval was en de verre gewesten nog wel voedsel naar de stad stuurden (terwijl Rome zich omringd had met mulifunctionele landbouw en andere lusthoven) maar de aftakeling van de decadente stad in gang werd gezet.
Voor een auteur verbonden aan de London School of Economics biedt het boek in zijn verklaringen van de mooi beschreven feiten soms verrassend weinig economie en economische redeneringen. Maar dat is mogelijk beroepsdeformatie van deze recensist.
Steel komt niet echt met een oplossing en misschien zelfs wel niet met een heldere probleemdefinitie. Ze voert de tuinsteden op en heeft een lovend woord voor het Nederlandse Pig City en natuurlijk gaan we straks via internet kopen en thuis laten bezorgen. Het ontbreken van zo'n zware epiloog met toekomst-ontwerp is misschien ook wel verfrissend en haar allerlaatste punt lijkt me zeer terecht: het gaan om voedselcultuur, die moet weer terug komen.
Met die kanttekeningen: goed dat dit toch in het Nederlands is vertaald en een mooi boek om wat te leren van de relatie stad en platteland door de eeuwen heen.
maandag 12 december 2011
Euro, 1 Europa en bedrijfsverplaatsing
Wie iets van mijn hand wil lezen verwijs ik naar de site Boerenbusiness met een column over de eurocrisis en de noodzaak voor meer Europa, inclusief betere mogelijkheden voor verplaatsing van Nederlandse boeren
zondag 11 december 2011
zaterdag 10 december 2011
Terug van de Agribex
Een genoeglijke dag in Brussel gisteren, hoewel de NS het er maar moeilijk mee had. Voor de terugweg was er niet tijdig een locomotief en op de heenweg werd de trein van 8 uur helemaal uit de dienstregeling gehaald. Mijn plan om een uurtje over de Agribex te zwerven viel daarmee in het water.
Maar ook bij het doorsteken van een paar hallen snuif je de beursgeur van glimmende materieel en foldersverzamelende boerenkinderen al weer snel op. Weer meer bezoekers dan de vorige editie, zo begreep ik.
We lunchten met een mooi uitzicht op de ring waar de Holsteins aan een keuring werden onderworpen. De middag was er voor de conferentie van Landbouwkrediet / Credit Agricole. De grootste landbouwbank in Wallonie en de nummer twee in Vlaanderen. En omdat er meer boeren in Vlaanderen zijn dan in Wallonie, is het evenwichtig verdeeld. De conferentie verliep dan ook bewonderenswaardig tweetalig.
[Terzijde: in de NRC van vandaag blijkt uit een rapportage dat er ook veel Vlamingen in Wallonie boeren. Bij de havenuitbreidingen van Antwerpen en Gent zijn velen daar naar uitgeweken, en verder hebben de Duitsers in de Tweede Wereldoorlog daar nog een handje in gehad door Waalse boerenzoons langer te interneren dan Vlaamse die vervolgens Waalse hoeves konden overnemen]
Inhoudelijk leerde ik er nog een paar zaken die ik even noteer. Geert Noels (zie de blog van donderdag) besteedde in zijn interessante inleiding ook aandacht aan een onderzoek dat ze naar West-Vlaanderen hebben gedaan. Daar blijkt 46% van de Europese diepvriesproductie van groenten te zitten. Een mix van akkerbouwgroente-bedrijven en verwerkende industrie, veelal in de mkb-sfeer. Een echte Porter-cluster dus.
Zelf eindigde ik mijn inleiding met de vertaling naar de praktijk dat iedere boer een strategie moet hebben (soms maakt het niet uit welke, als je er maar een hebt): beter, groter, anders, elders. Stress-gestest op de grote ontwikkelingen in deze tijd. Met de toevoeging dat banken niet meer zouden moeten lenen als zo'n strategie bij hun klant ontbreekt.
Dat leverde een mooie reactie op van de CEO van Landbouwkrediet. Gastheer Luc Versele legde uit dat zijn bank bij de dioxine crisis een applicatie heeft ontwikkeld waarbij men precies de risicopositie van de landbouwportefeuille kan uitrekenen en bepaalt welk bedrag eventueel aan de stroppenpot moet worden gedoteerd. Hij voegde er als pikant detail aan toe dat hij de indruk had dat er ook banken zijn die dat liever uit de losse pols doen en zo'n incident gebruiken om, als er door andere reden dat jaar behoorlijk winst is, meer te doteren dan nodig zodat in andere jaren verliezen kunnen worden toegedekt door vrijval uit de stroppenpot. Z'n winstegalisatie getuigt niet meteen van goed management, zo lijkt me. Landbouwkrediet betaalt zijn leden al jaren 5% dividend en de CEO is dit jaar bankmanager van het jaar in Belgie/Luxemburg. Het cooperatieve model staat duidelijk weer in de belangstelling.
Verder een paneldiscussie over het GLB na 2013. Veel kritische kanttekeningen bij de flat rate (leuk voor de grote grondeigenaren), de biodiversiteits-braak, de verplichting van 3 gewassen (als onredelijk gezien voor melkveehouders met gras en snijmais) en de administratieve lasten. Innovatie-gelden wordt verwelkomd maar Belgie is al zo slim om 60% van de tweede pijler gelden voor het innovatiedoel aan te wenden. Piet Vanthemsche, voorzitter van de Boerenbond, oogste een spontaan applaus met de stelling dat de gelden uit het GLB wel bij de boeren terecht moeten blijven komen.
En intussen werd elders in Brussel bepaald hoe de toekomst van de Euro en de EU eruit zien. Wat mijn stelling ondersteunde dat ondernemers maar beter naar dat soort grote trends en trendbreuken kunnen kijken als ze grote investeringen overwegen dan naar de details van het GLB. Dat moet so wie so globaler en minder gedetailleerd.
Maar ook bij het doorsteken van een paar hallen snuif je de beursgeur van glimmende materieel en foldersverzamelende boerenkinderen al weer snel op. Weer meer bezoekers dan de vorige editie, zo begreep ik.
We lunchten met een mooi uitzicht op de ring waar de Holsteins aan een keuring werden onderworpen. De middag was er voor de conferentie van Landbouwkrediet / Credit Agricole. De grootste landbouwbank in Wallonie en de nummer twee in Vlaanderen. En omdat er meer boeren in Vlaanderen zijn dan in Wallonie, is het evenwichtig verdeeld. De conferentie verliep dan ook bewonderenswaardig tweetalig.
[Terzijde: in de NRC van vandaag blijkt uit een rapportage dat er ook veel Vlamingen in Wallonie boeren. Bij de havenuitbreidingen van Antwerpen en Gent zijn velen daar naar uitgeweken, en verder hebben de Duitsers in de Tweede Wereldoorlog daar nog een handje in gehad door Waalse boerenzoons langer te interneren dan Vlaamse die vervolgens Waalse hoeves konden overnemen]
Inhoudelijk leerde ik er nog een paar zaken die ik even noteer. Geert Noels (zie de blog van donderdag) besteedde in zijn interessante inleiding ook aandacht aan een onderzoek dat ze naar West-Vlaanderen hebben gedaan. Daar blijkt 46% van de Europese diepvriesproductie van groenten te zitten. Een mix van akkerbouwgroente-bedrijven en verwerkende industrie, veelal in de mkb-sfeer. Een echte Porter-cluster dus.
Zelf eindigde ik mijn inleiding met de vertaling naar de praktijk dat iedere boer een strategie moet hebben (soms maakt het niet uit welke, als je er maar een hebt): beter, groter, anders, elders. Stress-gestest op de grote ontwikkelingen in deze tijd. Met de toevoeging dat banken niet meer zouden moeten lenen als zo'n strategie bij hun klant ontbreekt.
Dat leverde een mooie reactie op van de CEO van Landbouwkrediet. Gastheer Luc Versele legde uit dat zijn bank bij de dioxine crisis een applicatie heeft ontwikkeld waarbij men precies de risicopositie van de landbouwportefeuille kan uitrekenen en bepaalt welk bedrag eventueel aan de stroppenpot moet worden gedoteerd. Hij voegde er als pikant detail aan toe dat hij de indruk had dat er ook banken zijn die dat liever uit de losse pols doen en zo'n incident gebruiken om, als er door andere reden dat jaar behoorlijk winst is, meer te doteren dan nodig zodat in andere jaren verliezen kunnen worden toegedekt door vrijval uit de stroppenpot. Z'n winstegalisatie getuigt niet meteen van goed management, zo lijkt me. Landbouwkrediet betaalt zijn leden al jaren 5% dividend en de CEO is dit jaar bankmanager van het jaar in Belgie/Luxemburg. Het cooperatieve model staat duidelijk weer in de belangstelling.
Verder een paneldiscussie over het GLB na 2013. Veel kritische kanttekeningen bij de flat rate (leuk voor de grote grondeigenaren), de biodiversiteits-braak, de verplichting van 3 gewassen (als onredelijk gezien voor melkveehouders met gras en snijmais) en de administratieve lasten. Innovatie-gelden wordt verwelkomd maar Belgie is al zo slim om 60% van de tweede pijler gelden voor het innovatiedoel aan te wenden. Piet Vanthemsche, voorzitter van de Boerenbond, oogste een spontaan applaus met de stelling dat de gelden uit het GLB wel bij de boeren terecht moeten blijven komen.
En intussen werd elders in Brussel bepaald hoe de toekomst van de Euro en de EU eruit zien. Wat mijn stelling ondersteunde dat ondernemers maar beter naar dat soort grote trends en trendbreuken kunnen kijken als ze grote investeringen overwegen dan naar de details van het GLB. Dat moet so wie so globaler en minder gedetailleerd.
donderdag 8 december 2011
lijstje: 6 schokken
Zes economische schokken zullen uw leven fundamenteel veranderen, zo meldt de cover van het boek EconoShock van de Vlaming Geert Noels. In Belgie een veel gevraagd commentator zo begreep ik. Ik zou het boek niet in handen hebben gehad, ware het niet dat ik morgen een lezing mag verzorgen op de Agribex in Brussel in een seminar van Landbouwkrediet. Daar spreekt ook Noels en zo kreeg ik het boek op mijn bureau. De zes schokken:
- demografie
- het zwaartepunt verschuift naar het Oosten
- informatie- en communicatietechnologie
- het einde van de fossiele brandstoffen
- het nieuwe kapitalisme
- de groene economie.
woensdag 7 december 2011
innovatie en onderzoek
Mijn blog van vandaag staat op de site van het LEI, waar ik een cursiefje schreef over het topsectorenbeleid, innovatie en onderzoek. En als je innovatie dan toch met onderzoek wil bevorderen, doe dan vooral bedrijfskunde en andere sociaal-wetenschappelijk onderzoek - zo stel ik (ja ook met welbegrepen eigenbelang).
dinsdag 6 december 2011
canvas voor business model
Vandaag een tip voor wie nog een nieuw business model moet ontwikkelen, voor zijn bedrijf of de eigen baan. Hier vind je een model (een canvas) dat je helpt je gedachten te bepalen en tot een consistente propositie te komen. Ik moet het zelf nog eens gebruiken, maar ik hoor er goede ervaringen over.
maandag 5 december 2011
risico-regelreflex
Als het kalf verdronken is, dan dempt men de put. Hoewel dus te laat, is dat nog niet het ergste. Vaak wordt er meer dan 1 put gedempt en wordt ook de overheid (wij belastingbetalers dus) opgezadeld met het dempwerk. Dat is de zogenaamde risico-regelreflex die wijst op twee diepgewortelde effecten van een risico (of beter: een risico dat zich heeft geuit in een incident): enerzijds overregulering en anderzijds de tendens om alle verantwoordelijkheid bij de overheid te legggen. Want shit happens maar we hebben recht op een risico-vrij bestaan.
Een verschijnsel dat ook op grote schaal is opgetreden bij bv. de bse-affaire om eens een landbouwvoorbeeld te noemen.
De Academie van wetgeving hield in april een sypmposium over dit verschijnsel (en wat er aan te doen) en in een brochure publiceerde het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijk Relaties de speeches en discussies. Mooie voorbeelden en enkele suggesties voor good governance.
De Risico-regelreflex in het openbaar bestuur, sept. 2011
Een verschijnsel dat ook op grote schaal is opgetreden bij bv. de bse-affaire om eens een landbouwvoorbeeld te noemen.
De Academie van wetgeving hield in april een sypmposium over dit verschijnsel (en wat er aan te doen) en in een brochure publiceerde het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijk Relaties de speeches en discussies. Mooie voorbeelden en enkele suggesties voor good governance.
De Risico-regelreflex in het openbaar bestuur, sept. 2011
zondag 4 december 2011
het zesde zintuig in digi-vorm
Vrijdag wees ik hier op de website GoodGuide waarmee -misschien op minder wetenschappelijke basis dan gewenst is- consumenten informatie over producten kunnen opvragen en zich desgewenst in duurzaam gedrag kunnen laten ondersteunen.
Het kan straks nog veel handiger als het aan het MIT MediaLab ligt. Waarom zou je een pda of mobiele telephone gebruiken, als een kleine projector de informatie ook kan visualiseren op het product zelf. Een mooi TED filmpje van Pattie Maes van dat lab laat de toekomst van augmented reality zien.
Het kan straks nog veel handiger als het aan het MIT MediaLab ligt. Waarom zou je een pda of mobiele telephone gebruiken, als een kleine projector de informatie ook kan visualiseren op het product zelf. Een mooi TED filmpje van Pattie Maes van dat lab laat de toekomst van augmented reality zien.
zaterdag 3 december 2011
Innovatie trivia
| Het laatste in Europa gebouwde kasteel, door Wilhelm II in 1905 in Posen, nu Poznan |
Robertsen; Book of Firsts: who dit what for the first time.
vrijdag 2 december 2011
GoodGuide
We discussieerden vandaag over het feit dat business as usual voortaan business as sustainable zou moeten zijn. En dat keurmerken in dit proces niet het enig zaligmakend instrument zijn. Want steeds meer consumenten bepalen zelf wel wat ze belangrijk vinden.
Een Amerikaans voorbeeld op dat vlak stond vorige week in the Economist: GoodGuide.com heeft als sinds 2008 een website dat producten beoordeeld op veiligheid en duurzaamheid (in de VS althans, 140.000 producten). Nu is er ook een app voor het mobieltje: je scant de barcode en de purchase analyser op je telefoon geeft je de info. En suggereert eventueel een alternatief op basis van je profiel. En geeft aan (i.s.m. PriceGrabber) hoe competatief de vraagprijs is. Volgende stap: je houdt bij hoe groen je inkoopt en deelt dat met je facebook community. Dat is transparantie...
Een Amerikaans voorbeeld op dat vlak stond vorige week in the Economist: GoodGuide.com heeft als sinds 2008 een website dat producten beoordeeld op veiligheid en duurzaamheid (in de VS althans, 140.000 producten). Nu is er ook een app voor het mobieltje: je scant de barcode en de purchase analyser op je telefoon geeft je de info. En suggereert eventueel een alternatief op basis van je profiel. En geeft aan (i.s.m. PriceGrabber) hoe competatief de vraagprijs is. Volgende stap: je houdt bij hoe groen je inkoopt en deelt dat met je facebook community. Dat is transparantie...
Abonneren op:
Posts (Atom)

