donderdag 15 oktober 2020

Ontwaken uit het neoliberale

Afgelopen week las ik Ruw ontwaken uit een neoliberale droom en de eigenheid van het Europese continent, van Gabriel van den Brink. Ik kreeg het onlangs cadeau, blijkbaar vond iemand dat een geschikt cadeau voor mij. Ik heb er in ieder geval plezier aan beleefd.

Van den Brink is niet erg gelukkig met het neo-liberale tijdperk in het algemeen en New Public Management in het bijzonder en gaat op zoek naar een alternatief. Hij doet dat in een leesbare stijl en begint paragrafen veelal met een belevenis of anekdote uit zijn eigen historie. Waaruit de lezer dat hij opgroeide in een katholiek gezin in Woensel, nu stadsdeel van Eindhoven, ging studeren in Nijmegen, dat in zijn tijd zich ontwikkelde tot het uiterst linkse Havana aan de Waal (naar ik begrijp omdat het katholieke gezag een hoogleraar Marxisme weigerde te benoemen) en de eerste 5 jaar na zijn studie leefde hij van een uitkering om een links filosofenblad te redigeren. Dat kon toen nog, en je kon je studenten jarenlang adviseren CPN te stemmen. Later kwam het goed en werd de auteur zelfs zzp-er die lol had in business development, zo begrijp ik. 

Tegen die achtergrond is een zoektocht naar iets tussen "super-staat China en super-markt Amerka" die via Rerum Novarum eindigt bij coöperaties en een zekere mate van corporatistisch goed te plaatsen. Cirkel rond zou je bijna denken.

De auteur is op zijn best bij de uitleg van een aantal denkers over het liberalisme in de economische filosofie (Locke, Smith, Marx, Friedman) en over de gemeenschapszin (Aristoteles, Thomas van Acquino, Roussaeu en de ethologie/biologie. Maar ook de beschrijving van de laatste 40 jaar in duidelijke trends mag er zijn. Met name gaat het dan om SCP materiaal, dat hier en daar onverwachte inzichten geeft. Kortom een mooie analyse.

In de loop van het boek moet het new public management het steeds meer ontgelden en wordt economie vereenzelvigd met de homo economicus. Met voor de hand liggende voorbeelden dat die niet bestaat. Dat wisten economen al behoorlijk lang. Mensen zijn meer dan calculatoren, maar daarom kan een gereduceerd model nog wel handig zijn om te proberen te begrijpen hoe de wereld in elkaar zit. Ook op wat andere punten zou mijn economische formulering anders zijn geweest. Zo werken coöperaties vooral daar waar de markt en centrale coördinatie niet werken. Die ruimte kun je ook oprekken. Het werk van Tine de Moor over gilden wordt samengevat en daar zie je dat ook in: op het platteland waren ze niet nodig, daar had je de familieverbanden en buren die je al lang kende. In de stad ontbrak dat. Later zag je met coöperaties op het platteland hetzelfde, en nu zie je dat weer bij energie coöperaties e.d. Maar of  je dan alles zo efficiënt kunt organiseren blijft toch de vraag. En multinationals zoals Credit Agricole en ForFarmers zijn dan toch twijfelachtige voorbeelden of dat nu het verschil in de geopolitiek gaat maken en verklaart dat Europa zo anders is. De Europese samenleving deelt de democratie en bottum-up met de Amerikanen (individualisme) en een wat grotere rol voor de staat met de Chinezen (vanuit gemeenschapszin en maatschappelijke organisatie), dat lijkt me juist. Maar of de Europese gemeenschapszin nu echt zo groot is (tussen bijvoorbeeld Nederland en Italië)  zal nog moeten blijken.

Enfin goed boek en toch dat werk van De Moor over gilden nog eens lezen en het proefschrift van Van den Brink over de modernisering in afgelopen eeuwen van Woensel. 

maandag 12 oktober 2020

Lijstje: typen boeren voor de Alblasserwaard

Tijd voor eens een lijstje. Ik maakte eerder reclame voor het boek van de EO Wijers prijsvraag "Naar een aantrekkelijk en vitaal platteland". In een van de ontwerpen voor de Alblasserwaard voorziet men allerlei nieuwe typen boeren voor de toekomst. De specialisatie zet door nar 12 typen. Mooi lijstje:

  • de waterboer
  • de gastvrije boer
  • de rentenierboer
  • de seizoensboer
  • de wilgenboer
  • de herenboer
  • de instaboer
  • de bosboer
  • de pensioenboer
  • de ecoboer
  • de multifunctionele teler
  • de energieboer
Hoe RHO Adviseurs de typen exact gedefinieerd heeft in zijn ontwerp Boer aan het Roer is niet helemaal duidelijk (er lijkt me hier en daar wat overlap) maar inspirerend is het wel. Weer eens wat anders dan de aloude VAT en NEG-typologie van boeren en tuinders.

zondag 11 oktober 2020

Platform economie rond de koe

Eerder deze week ontspon zich een interessante discussie op Foodlog over platform econome in de landbouw, Aanleiding was een aankondiging van Lely die hun melkrobot aanvullen met een robot grasmaaimachine, een aanpassig van stallen om ammoniak te reducreren en een dataplatform Horizon dat alle data rond een koe in de cloud bij elkaar brengt, ook die van de voerleverancier, derenarts, etc.

Het leidde o.a. tot de volgende post:

Zo leidt een uitdagend hoera-bericht over technologische vooruitgang tot een interessante discussie. Net als EMC vanuit haar eigen ervaring zo mooi beschrijft heb ik ook de indruk dat de eerste generatie robots vooral voor de middelgrote gezinsbedrijven uit sociale overwegingen aantrekkelijk waren en deze boeren early adaptors waren: meer rust en je stelt makkelijker een machine in dan een werknemer aan. Grote bedrijven hadden al wel arbeidsdeling in weekends en werken met productiegroepen. Maar inmiddels zie je wel ondernemers die er 6 bestellen en daarmee schaalvoordelen realiseren. Ook prima, zo ging het met van paard naar tractor ook (en de unintended consequences van bodemverdichting kwamen pas later op de agenda, hoewel ook bij de introductie er boeren waren die dat als bezwaar zagen).

Of je vervolgens die winst / toename van welvaart / lagere kostprijs gebruikt voor meer melk in babyvoeding voor Afrika of meer kaas voor Duitsland of minder koeien en meer natuur is een vraag die je niet aan de robotleverancier en ook niet helemaal aan de markt moet overlaten zo lijkt me, althans als je het introduceert als techniek om de productie op te krikken van boeren met 6.000 liter naar 8.000 liter.
Het boeiende van het ontstaan van deze platformen (niet alleen Lely, ongetwijfeld volgen Alfa-Laval en anderen zodat een boer kan kiezen, en ik meen in de akkerbouw hetzelfde te zien bij John Deere en anderen) is dat besluitvorming wordt gecentraliseerd en dat het algoritme op basis van 1 miljoen koeien en meer een indringend advies geeft voor Annie24. En dat zoals in #18 wordt toegelicht, centraal besloten wordt om gras met de cyclo-maaier te kneuzen en niet met de messenbalk te maaien (en ik leer ervan dat dit externe effecten heeft op de natuur). Boeren zullen dus in zo'n centralistisch systeem minder experimenteren.
Dus moeten we als samenleving afwegen het voordeel van het verbeteren van management en verhogen van productie / verlagen kostprijs door centraal informatiemanagement tegen risico's als het centrale deel uitvalt of softwarefouten bevat en het feit dat boeren minder wordt aangepast aan lokale omstandigheden c.q. er minder innovatiemogelijkheden door boeren zouden kunnen zijn. Maar misschien is dat laatste ook niet zo'n heel belangrijk vreschijnsel en is een minder of meer standaardaanpak (met algoritmes die rekening houden met wat ze aan lokale informatie kunnen verwerken) wel prima.
En er zijn natuurlijk issues van inkomensverdeling, zoals ik al eerder noemde. Die verschuiven enigzins van boeren en uit andere ketenpartijen en uit de regio naar de centrale leverancier van het systeem.

zaterdag 10 oktober 2020

Foodlog / IFAMA conversatie over NL landbouw

 Hier is de link naar een nieuw gesprek met Merijn Knibbe, Niek Koning, en mijzelf onder leiding van Dick Veerman over de situatie waarin de Nederlandse landbouw zich bevindt. Enjoy

vrijdag 9 oktober 2020

Green Deal college op Nyenrode

 Vanmiddag geef ik college op Nyenrode over de EU Green Deal, Farm to Fork en het nieuwe GLB. Gewoontegetrouw staan de slides op slideshare. 

donderdag 8 oktober 2020

Covid-19 in EuroChoices

 

Eerder schreef ik een long read voor de website van WUR over mogelijke effecten van Corona op het agri-food system. Op verzoek van EuroChoices is het bewerkt in een paper, en dat is nu online beschikbaar als early view totdat het in het volgende nummer verschijnt. Open Access dus niet achter een betaalmuur. Je vindt het hier.

woensdag 7 oktober 2020

AFSCHEID

 Mijn afscheid van Wageningen UR wordt gevierd met een digitaal symposium in de eerste dagen van November. Je kunt er bij zijn als je je hier aanmeldt. 

dinsdag 6 oktober 2020

Op BoerenBusiness over kostprijsberekening Horring

 


BoerEnBusiness vroeg me om af en toe iets uit de boekenkast te herlezen voor een actuele column. Leuke formule dus hier aflevering 1. En ik kon niet laten te beginnen bij het eerste proefschrift uit LEI-kringen, dat van directeur Jan Horring over kostprijsberekening. 

maandag 5 oktober 2020

Platform economie

Mijn blogposts van afgelopen dagen over data delen waren mede ingegeven doordat ik het boekje Platform Economics van Robin Mansell en W. Edward Steinmueller las. Uitgegeven in de serie Advanced Introduction to bij Edgar Elgar. Net verschenen en zeer aanbevolen voor iedereen die economisch denken wil toepassen op platformen. Of dat nu neo-klasssieke economie, institutionele economie of politcal economy is. Dit wordt een bruikbaar boekje voor een volgend paper. 

zondag 4 oktober 2020

Nog meer over data delen

 

Ook Food+Ãgri van vrijdag bevatte een paar opvallende stukjes over de rol van data en hoe die de organisatie van de bedrijfstak beinvloedt. Het blad interviewde Roald van Noord, interim directeur van Zuivel.NL, de opvolger van het productschap zuivel. 

Van Noort± ``Ik hoor ook wel geluiden dat boeren niet zitten te wachten op een aantal door ons ontwikkelde instrumenten. Dan denk ik± Dat is lekker. Wij hebben ze op jullie verzoek ontwikkeld`

Food+Agri: "Het gebruik van boerendata leidt regelmatig tot verhitte discussies. Hoe kijkt u daar tegenaan?

Van Noord: Ik ben van mening dat de bepaalde data in de sector publiekelijk toegankelijk moeten zijn, maar niet dat alle data gratis en voor niets toegankelijk moeten zijn. Als je dat doet, sla je de innovatiekracht van de sector dood.  

Ook een ander stuk in hetzelfde blad geeft een aardig inkijkje. Het betreft de fusie van twee mechanisatiebedrijven die als John Deere dealers de Deere strategie DOTS (Dealers of Tommorow Strategie) serieus nemen en fuseren. Het gaat om Kraakman die Agrimachines (v/h Vervaet-Stehouwer) overneemt. Teruglopend aantal boeren lijkt een aanleiding en in die DOTS worden er lagen uit de keten gehaald en kunnen de (grotere) dealers meteen met de fabriek dealen. 

Agrimachines was tot het inzicht gekomen dat boeren tegenwoordig meer aan een merk hangen dan aan een dealer. Dit tot verbazing van de interviewer. Edwin Vervaet: "Het is gewoon waar. Wat bij John Deere zeker meespeelt is dat het als enige echt een compleet pakket aanbiedt:van machine of trekker tot en met complete gps-systemen tot en met alle denkbare service en registratiemogelijkheden die je maar kan bedenken. Dat maakt dat klanten hier graag bij willen zijn en blijven. Zelfs de kritische klanten. Vergelijk het maar een beetje met Google. Veel mensen hoor je klagen over alle data die Google van je weet, maar iedereen maakt er graag gebruik van". Ook monteurs vinden dat aantrekkelijk, zo stelt geïnterviewde.

jaren geleden maakten we voor de Europese Commissie in een project ook al de observatie dat data delen sterk bevorderd moet worden. Europa heeft tal van gespecialiseerde machinebouwers, die goed zijn in spuitmachines of aardappelrooiers etc, maar die data moeten kunnen delen op platformen met de andere machines. Het alternatief is sterke concentratie, the winner takes all. 

zaterdag 3 oktober 2020

Gebrek aan data delen leidt tot aangescherpte contracten

Van tijd tot tijd speculeren we hoe IT ketenorganisatie zou kunnen gaan veranderen en hoe het best de dataketen kunt inrichten. Voor dat laatste bedenken we dan standaarden en systemen met machtigingen om data uit te wisselen. Met discussies over eigendom van data etc.

Tegen die achtergrond noteer ik een case die bruikbaar lijkt voor een volgend paper. Food+Agri meldde donderdag dat in de pluimveehouderij Storteboom en De Heus de keten willen sluiten. Wie een contract heeft als vleeskuikenhouder met Storteboom wordt verplicht zijn voer af te nemen bij De Heus. Die twee bedrijven hebben daarover een deal maar blijven verder volledig zelfstandig en bepalen ieder hun prijzen. Over de reden meldt het blad: "De voerfabrikant en pluimveeverwerker zien daarin verschillende voordelen: het borgen van de voedselveiligheid met een keten waar tracering simpel is, het beter in de hand hebben van gewichten en het maken van een kwaliteitsslag. Die zou gemaakt kunnen worden doordat bedrijfsresultaten onderling makkelijker vergeleken kunnen worden en de oorzaak van eventuele problemen makkelijker te achterhalen is en in de hele keten meer data gedeeld kunnen worden."

Ik weet niet of ik als boer niet liever afhankelijk zou zijn van 1 partij waarin ik via een contract mijn marge afspreek, dan van twee partijen die een bondje hebben maar waar ik van de een naar de ander moet als ik een gesprek over de marge wil hebben. De voerfabrikant komt immers in een aantrekkelijke positie want ik kan niet meer dreigen met een offerte van de concurrent.  Anderzijds: ook bij een contract met 1 partij krijg je een prijslijstje met een slachtkuikenprijs en een veevoerprijs, die je binnen het contract maar hebt te accepteren. Je kunt in feite alleen beslissen of je die ronde tegen die prijzen dieren gaat mesten of niet. Het feit dat die prijzen tegelijk worden aangeboden of dat je ze tegelijk kunt opvragen maakt het wellicht acceptabel, je kent daarmee je risico.

Maar het geeft toch weer eens aan hoeveel belang boeren hebben bij mechanismes waarin boeren makkelijk data kunnen delen. Ze kunnen dan immers ook hun data over voeraankopen van een aantal leveranciers met de data uit hun bedrijfsvoering (sensoren ed.) aan de slachterij beschikbaar stellen, liefst incl. receptuur van het voer en anders de slachterij die data bij de voerleverancier laten opvragen. De boeren zouden ook zelf een data-coöperatie kunnen vormen. Althans als je wat flexibel wilt blijven als ondernemer. 

vrijdag 2 oktober 2020

In de Groene


 De Groene Amsterdammer duikt deze week in de kringlooplandbouw. Ik kom nog even langs in het artikel om uit te leggen dat de voedselmarkt heel redelijk met Corona zijn werk is blijven doen - wat niet weg neemt dat er veranderingen in het systeem gewenst zijn. Hier het artikel 

donderdag 1 oktober 2020

De bodem in de kamer

 Gisteren lichtten we het RLI advies De Bodem Bereikt in de Commissie LNV van de Tweede Kamer. Hier de opname

woensdag 30 september 2020

lijstje: sociale strata in de Gouden Eeuw

In Hoverniers van Oranje (zie de blog van gisteren) citeert de auteur G. Groenhuis (p. 36) die in zijn studie naar predikanten de sociale stratificatie in de Gouden Eeuw beschreef. Ofwel hoeveel status hadden bepaalde beroepsgroepen op basis van inkomen, vermogen, familierelaties etc. Dat levert de volgende pyramide op:

  1. het patriciaat van adel en niet-adelijke regentenfamilies met bovenaan het Huis van Oranje
  2. een groep welgestelden zoals rijke kooplui, hoge ambtenaren en officieren, grote reders
  3. redelijk gegoede boeren, grotere winkeliers, meesters in diverse ambachten met een behoorlijk bedrijf en stedelijke ambtenaren
  4. kleine boeren lagere ambtenaren, kleine zelfstandigen
  5. werklieden in loondienst
  6. losse werklieden, bedelaars en dergelijke. 
En de hoveniers? Berkhout komt tot de conclusie dat deze tuinbazen afhankelijk van de situatie in 4 of 3 moeten worden ingedeeld. Net boeren dus. 

dinsdag 29 september 2020

Hoveniers van Oranje


Afgelopen week las ik met belangstelling het mooi uitgegeven academisch proefschrift Hoveniers van Oranje, van Lenneke Berkhout. Gedegen archiefonderzoek zo lijkt me, dat een interessant beeld oproept van de top van onze hoveniers tussen 1631 en 1732. Goed geschreven en met veel illustraties die via oude schilderijen en tekeningen een beeld geven van de tuinkunst. In een periode waarin de Republiek op zijn top was en ijverde met de Fransen (Versailles !) en Willem III als koning van Engeland ook Hampton Court liet aanleggen. Boeiend ook vanwege de samenhang met de opkomst van de siertuinbouw. 
De Lage Landen (tot de val van Antwerpen met name de Zuidelijke Nederlanden) hadden een uitstekende reputatie als het ging om het kweken van bloemen en bloembollen en van (fruit)bomen. Nederlanders werden in heel Europa ingehuurd, zoals (later) aan het hof van Brandenburg en door tsaar Peter de Grote. Buitenlanders kwamen hier hun opleiding afmaken. 
Overigens waren de tuinen ook zeer belangrijk voor de groente- en fruitvoorziening van het hof. Bloemen werden pas later belangrijker. Berkhout geeft een mooie en lange lijst van wat er allemaal werd geteeld (p. 232). Komende dagen noteer ik hier wat andere zaken die me uit het boek bijbleven. Die gaan vooral over de teelt en de mogelijke relatie met tuinbouw. Voor inkijkjes in de hofcultuur en de collectieve biografie van de hoveniers verwijs ik naar het boek zelf. Duik er in, de hoveniers en de auteur verdienen het - en hoeveel ze verdienden lees je er ook. .