vrijdag 8 oktober 2021

Verkade

 

Naast een fraai nieuw Molenmuseum en het Zaans museum is er bij die laatste op de Zaanse Schans ook de Verkade Experience. Verkade is misschien, naast Albert Heijn, Simon de Wit, Bruijnzeel, Linoleum en al die chocolademerken wel het meest bekende merk dat de streek heeft voortgebracht. 

In de tentoonstelling zijn complete fabrieksmachines neergezet en natuurlijk zijn er de meisjes van Verkade - veelal Amsterdamse meisjes die het inpakwerk en meer deden. 

donderdag 7 oktober 2021

De Zaanse krukas

Ons verblijf op Schermereiland, vorige week, leidde ook tot een uitstapje naar de Zaanse Schans. Want het was een regenachtige dag. Dat betekende weinig bezoekers, de Chinezen en Amerikanen waren er vanwege Corona-reisbeperkingen so wie so niet, en ook verder was het zeer rustig. 

Je leert er altijd weer wat. Zoals het feit dat de opkomst van de houtzaagmolens in de eerste helft van de 17e eeuw het gevolg waren van een uitvinding door ene Cornelis van Uitgeest. Hij kwam met de krukas die de draaiende beweging van de molen kon omzetten in een op- en neergaande. Daardoor kon je boomstammen tot planken zagen in een tempo dat tot een factor 30 sneller was dan het handwerk door twee werklieden met een trekzaag. 

Geen wonder dat het aantal molens explodeerde. Het waren vooral houtzaagmolens van het paltrok type (zo genoemd naar de rok-jas van Duitsers uit de Palts). De planken heetten 'wagenschot' en werden niet alleen gebruikt voor rijtuigen en huizen maar vooral ook in de scheepsbouw. Het trok later ook de aandacht van Tsaar Peter de Grote.

Cornelis van Uitgeest schreef ook nog een andere uitvinding op zijn naam, die voor de Zaanstreek als bakermat van de Nederlandse voedselindustrie minstens zo belangrijk was: de oliemolen. Tot 1600 werd de olie uit zaden gehaald via een rosmolen. Van Uitgeest bedacht dat dit beter met een molen kon als je in de molen de stenen niet (zoals bij graan) horizontaal over elkaar zou laten draaien, maar wanneer een steen rechtop zou staan en rondjes over de zaden zou draaien. Het kneuzen en breken van de zaden gaat dan beter dan bij het pletten met stampers.

Zo ontstond er een van de eerste (en zeker voor die tijd het grootste) industriegebied van NW Europa (en volgens sommigen van de wereld). Op zeker moment stonden er 600 molens en vermoedelijk zijn er in totaal meer dan 1000 gebouwd (ze vlogen nog wel eens in de brand of waren versleten). Vanaf 1850 namen de stoommachines het over en waren er in 1920 nog amper 20; nu zijn er nog 13  over. Museaal. Zoals verfmolen De Kat die deels een traditie voortzet waarbij o.a. antieke verf wordt gemaakt uit tropische verfhoutsoorten. Die worden tot spanen gehakt en tot poeder gemalen.  Nu zijn de molens de basis voor een recreatie-/toerisme industrie. 

woensdag 6 oktober 2021

Column over Coase


Gisteren verscheen er weer eens een column van mijn hand bij BoerEnBusiness. Dit keer herlas ik Ronald Coase zijn 1960 paper The problem of social cost. Zie alhier

Een lezer reageerde onder column dat het een linksig stukje is, maar dat lijkt me nu raar. Coase geeft juist aan dat de overheid niet alles hoeft te beslissen en het deels aan de markt over kan laten als het om de welvaart gaat. Ze hoeft slechts rechten te herbevestigen of toe te kennen. Een uiterst libertair, zo je wil rechts standpunt zoals je uit Chicago mag verwachten.

dinsdag 5 oktober 2021

De Beemster

 Vorige week genoten we een korte vakantie in het nationale landschap Laag Holland, ook wel het Land van Leeghwater genoemd. Er ligt ook nog het nationale landschap van de Stelling van Amsterdam, dus je krijgt er 2 voor de prijs van 1. We fietsten een dagje door het Unesco werelderfgoed van de polder De Beemster. Zeer de moeite waard. Zo kwamen we deze antieke weegbrug tegen. 

Aangelegd voor de bietentelers van coöperatie Puttershoek. Hij weegt tot 25 ton, oorspronkelijk zat er een beheerder in het hokje, later werd dat vervangen door een apparaatje dat je zelf mocht bedienen en een bonnetje afdrukte. Mooi dat zo iets behouden blijft. 

De Beemster ontstond overigens ooit uit het riviertje de Bamestra en dat was ook de naam van een van de 9 zuivelfabriekjes die in de 20ste eeuw werden opgericht, zo meldt een informatiebordje in Middenbeemster. In die tijd verdween het kaasmaken van de boerderij naar de fabriek. Onder andere vanwege personeelsgebrek zo meldt het paneel. De avondmelk werd afgeroomd en achtergehouden voor de boterproductie op de boerderij. De afgeroomde melk ging met de volle ochtendmelk naar de fabriek. Rond 1930 ontstonden er 'zoetfabrieken' die alleen volle melk innamen en ook boter fabriceerden. Bamestra sloot in 1964.

 


zondag 3 oktober 2021

De Zennevalei in BXL

Vorige week wandelde ik van het Zuidstation in Brussel de stad in. In de wijk St. Gillis trof ik een mooi bordje over het verleden van dat deel van de stad. Het verhaal komt er op neer dat in de 13e eeuw de adel en de kerk hun grondbezit in pacht gaan uitgeven en zich veel zelfstandige boeren zich kunnen vestigen in de vallei van de Zenne. Met bescherming van de hertogen van Brabant leggen ze moerassen droog en telen er graan, houden er vee. Maar planten er ook boomgaarden aan en gaan tuinieren. Zoals de Vlamingen dat verwoorden: "met de intensivering van een bepaalde teelt op familiale schaal op kleine percelen wordt in de ambachtelijke tuinbouw het hoogste rendement gehaald"

Zo'n 600 jaar lang verandert er weinig: groenteteelt langs het water, graslanden er omheen en graanteelt op de hoogste delen, een landschap met elzen en populieren en watermolens aan de rivier die het graan malen. Met dien verstande dat vanaf de 15e eeuw de rijkere burgerij er ook wijngaarden laat aanleggen. In de 18e eeuw zijn aardappelen en sprotjes (de Brusselse spruiten) de belangrijke gewassen. De kolensnijders staan bekend als 'kuulkappers'. 

Maar de stad rukt op. In 1846 is de gemeente eigenaar van 92% van de grond. In 1876 zijn er in Saint-Gillis nog maar 41 boerderijen en is minder dan 5% van de bevolking afhankelijk van de landbouw voor zijn bestaan. 

Het lijkt me een historie die in veel steden te vertellen is, maar zelden zie ik zo'n informatief bordje. 

donderdag 30 september 2021

Mak over agri

 In de NRC van zaterdag liet Geert Mak zijn licht schijnen over de landbouw. Aanleiding is het toneelstuk Wat soesto! over boer Frans dat dit najaar op tal van plekken in Friesland wordt opgevoerd. Frans ziet de boerentradities verdwijnen en heeft het over trots. Mak: "als je dat zo nadrukkelijk moet zeggen over jezelf en je eigen werk dan is er bijna altijd iets mis". Boeren zijn sinds de jaren vijftig afhankelijk geworden van het kapitaal en de overheid. "Je moet alles bijhouden: de kalveren, de kilometers, de diesel, de mineralen, de liters, de melk, klaagt boer Frans".  

Over de vraag wat een goed mens is, en wat in een boerencultuur een goed leven is, citeert Mak de antropoloog Robert Redfield: "Een grote gehechtheidvaan de geboortegrond, een respectvolle houding tegenover de oude gewoonten; een beperking van individuele strevingen ten gunste van familie en gemeenschap; een zeker wantrouwen ten opzichte van het stedelijk leven. vermengd met waardering: een sobere en aardse ethiek". Wat volgens hem het gevolg was van een voortdurende omgang met de natuur. 

Mak heeft wel wat kritische vragen aan boer Frans. Hij begrijpt de onvrede van Frans dat consumenten niet betalen voor verantwoord voedsel en dat hij geen onderhoudsfunctionaris van een landschapspark wil worden. Maar waarom - zo vraagt Mak - dan toch die drijfmest toepassing? Mak denkt dat ook voor boeren geldt "if something cannot go on forever, it will stop". Wat volgens hem overigens de eenvoudigste economische wet ter wereld is, van een zekere Herbert Stein. Die dan toch niet de economische theorieboekjes heeft gehaald. Deze wet van Stein is overigens ultra-liberaal: hij ging er vanuit de de markten de overheden wel zouden dwingen om minder te lenen als de schuld te hoog opliep. Daar hoefde de Amerikaanse regering niet zelf proactief op te zijn. 

Mak tot slot richting de boerenorganisaties: "'De boer' bestaat niet, terecht vind je dat onzin. Met die intensieve jongens in de varkens- en pluimveesector wil je niets te maken hebben en met die bioboeen aan de andere kant heb je, geloof ik, ook niet veel op. Maar die boerenorganisaties van jou doen niets anders dan alles en iedereen over één kam scheren". We moeten van wij-zij af, so suggereert Mak en de echte traditionele boer zou van zich moeten laten horen. We shall see. 

Geert Mak: Het verdriet van boer Frans in: NRC 25 september 2021

dinsdag 28 september 2021

Mais


 De biografie van mais is uit. Henk Boom publiceerde Wij zijn mais - de exodus van een goddelijk graangewas. Ik wist dat er aan gewerkt werd want hij zocht ooit contact met een paar vragen over snijmais, en nu las ik in de NRC van zaterdag (wetenschapsbijlage) een recensie. Die positief is. Nooit geweten dat het in Nederland ooit Turks koren heette (wel meer gewassen en dieren uit de Columbian exchange kregen een verkeerde naam), en er ontstond verwarring omdat mais niet in de bijbel voorkomt.  Het werd van siergewas voedsel voor de armen, waarbij je het wel goed moet bereiden omdat anders een B3-tekort ontstaat met kans op een dodelijke huidziekte). En ook nu hebben de armen er nog wel last van: veel wordt gebruikt als veevoer in plaats van voedsel en de High Fructose Corn Syrup is ook niet altijd een zegening.  319 pagina's voor 22 euro bij Athenemm. 

zondag 26 september 2021

met de PAL van Leiden naar Katwijk

Vrijdagmiddag was er het jaarlijkse werkbezoek van de Provinciale AdviesCommissie voor de Leefomgeving. Interessante middag: we starten op het Leiden Bio Science Park met een toelichting hoe dit park wordt ontwikkeld. Er is veel belangstelling van grote en kleine bedrijven voor dit innovatiedistrict. Een stichting met bestuurders van de gemeenten Leiden en Oegstgeest en van de Universiteit managet het park en ook de interactie via sportfaciliteiten en events. Ze hebben langjarig een kwaliteitsadviseur aan zich weten te binden. De afstemmingsvragen zitten vooral rond groen en blauw met de rest van het gebied en synergie in plaats van concurrentie met andere plekken in Nederland, zoals Rotterdam.

Vervolgens fietsten we naar het bouwterrein op Valkenburg waar de bouwkeet van de N206 staat. Het RVB, als onroerend goed exploitant van het Rijk (Defensie) legt het woningbouwgebied aan (en dus niet een grondbank van betrokken gemeenten). De rijksdienst heeft echter weer niet over alles de regie. Andere zaken, zoals de verbrede N206 voor ontsluiting of een recreatiehoek worden in aparte projecten ontwikkeld zonder veel programmamanagement dat voor afstemming zorgt. Zo wordt die weg verdiept aangelegd, niet in een betonbak maar met een dikke folie die meer breedte bij de aanleg vraagt. En die kan even niet gevonden worden op het oude vliegkamp waar de woningbouwers de ruimte willen, maar lnu ligt de tijdelijke weg in een toekomstig groenpark dicht bij bebouwiing. Er heeft in verleden niet iemand over stikstof geklaagd dus dat kan lekker doorgaan. 

We eindigden bij het icoonproject van de dijkversterking van Katwijk met de parkeergarage tegen de dijk onder het duin. Hier was het waterschap Rijnland de regisseur, de overheid betaalde de kustversterking en het proces met bewoners en de gemeente (over auto's en uitzicht) liep zeer bevredigend. Het leverde een mooi resultaat op. 

Onder een visje aan zee constateerden we dat gebiedsontwikkeling toch ook vooral een organisatievraagstuk is. 

zaterdag 25 september 2021

ICT in Almere


Ik meldde al eerder dat ik op het seminar Voedsel Verbindt vorige week op het Floriade terrein een boeiende middag had over ICT. De hele sessie staat nu ook online.
Zie hier.

vrijdag 24 september 2021

weer eens in BXL

Woensdag was ik na zeer lange (corona)tijd weer eens in Brussel. Met veel gelegenheid om een door de stad te wandelen en op een terras te zitten. Ik was er voor de Mansholt-lezing, een format dat ik ooit hielp introduceren en die dit jaar over ICT ging. Interessant paper van de oud-collega's. Voor wie het gemist heeft, de livestream is na te kijken.

dinsdag 21 september 2021

Intro landbouweconomie voor HAS studenten


Op deze Prinsjesdag spreek ik een groep studenten van de AERES Hogeschool in Dronten toe. Over landbouweconomie en scenario-studies. Net als vorig jaar maar ik update de slides. 

maandag 20 september 2021

Vijfheerenlanden

Een fietstochtje van Schoonhoven via Ameide naar Meerkerk en via Nieuwpoort terug, bracht ons tot in de Vijfheerenlanden, een gebied dat ik alleen van de A27 kende.  Reden om even uit te zoeken wie die 5 heren eigenlijk waren. Mijn fietsgidsje Wat en Hoe Groene Hart kwam zelf met de informatie bij een andere tocht: Het waren de Heren van Arkel, Leerdam, Vianen, Hagestein en Everdingen, die op 11 april 1284 met elkaar in de kerk van Everdingen in overleg gingen over de wateroverlast. Het water van Gelre stroomde namelijk gemakkelijk het laaggelegen gebied in. En het liep er aan de zuidwestkant niet meer uit omdat de Alblasserwaard ook genoeg had van wateroverlast en de Zouwendijk had aangelegd tussen Ameide, Meerkerk en Arkel. En dus besloten de 5 heren tot eenzelfde oplossing: de verhoging van de Diefweg tot de Diefdijk, van Everdingen naar Leerdam. 

Overigens een mooie fietsroute, mooie boerderijen, vergezicht over grasland, soms een perceel mais (op veen??), de Lekdijk, en we ontdekten Nieuwpoort, een fraai vestingstadje van de Hollandse waterlinie en een mooie pendant van Schoonhoven. . 

zondag 19 september 2021

In de Biesbosch

Een fietstochtje bracht ons gisteren met het mooie nazomerweer van de Kop van 't land door de Brabantse Biesbosch. Mijn 25 jaar oude kaart was van betrekkelijk gering nut, sinds het project Ruimte voor de Rivieren de aanleg van de Noordwaard ziet het er anders uit. Hier en daar nog wat akkerbouw, maar vooral veel ruimte voor water, natuur en weiland. 

In November gedenken we de Tweede Elisabethvloed die op 18 of 19 november 1421 (600 jaar geleden) de Grote Waard in de golven deed verdwijnen en zorgde voor het ontstaan van de Biesbosch. De eerste was overigens in 1404. De Grote of Hollandse waard moet er ongeveer hebben uitgezien als de Alblasserwaard of de Krimpenerwaard. Veel water, boerendorpjes langs rivierdijken en ontginningswegen in de polder. her en daar een kasteel of een klooster. Veeteelt, fruitteelt en turfwinning (moernering) waren de inkomstenbronnen. het veranderde in een binnenzee van 30.000 ha toen  ergens ten zuiden van Strijen, niet ver van de huidige Moerdiijkbruggen de dijken het begaven. Er volgde dijkherstel, en eigenlijk is 1421 dan ook niet de definitieve ondergang. Maar in 1422 waren er nieuwe doorbraken en in 1424 was er op 18 november wederom een Elisabethvloed (de derde dus). pas na 1430 verdween de hoop op herttel. Pas na 1600 waren er weer herbedijkingen, die nog eeuwen doorgingen.

Het gebied was vanaf de 11e eeuw ontgonnen maar was kwetsbaar, in de mond van de Merwede, Maas en Waal in de nabijheid van grote zeegaten. Dat was niet handig toen in de late Middeleeuwen het klimaat iets warmer werd en de zeespiegel wat steeg. Maar ook de mens droeg flink bij aan de ondergang. De vochtige veenbodem was in honderden jaren ingeklonken en de moernering zorgde ook voor flinke verzwakking.  Maar ook het dijkonderhoud was sterk verwaarloosd, door eindeloze financiële en bestuurlijke perikelen die ook samenhingen met de Hoekse en Kabeljauwse twisten (die maar weinigen nog kunnen duiden). En zo ontstond een groot en uniek zoetwatergetijdengebied. Een fietstochtje waard.

Gegevens ontleend aan J. J.B. Kuipers: Sluimerend in Slik. 

zaterdag 18 september 2021

Voedsel verbindt

 


Donderdag presenteerde ik het advies van de AER Flevoland op een seminar Voedsel Verbindt. In het paviljoen Food Forum van de provincie Flevoland op het Floriade terrein in Almere. Met CdK Leen Verbeek, Jacob van de Borne en Ernst van der Ende als andere sprekers. Mooie discussie en de Floriade begint vorm te krijgen. Hier zijn de sheets.

vrijdag 17 september 2021

het hondenhok


Er komen nog wat meer fototootjes die ik nam bij de uitreiking van de Erftrofee 2021 (zie de blog van gisteren). Gewoon als illustratie zonder commentaar. Met uitzondering van deze: een rond hondenhok. Schijnt vrij typisch voor de streek rond Westdorpe te zijn, onbekend is waarom. Misschien een lokale ambachtsman die er veel van deze vorm wist te slijten.