weblog over de toekomst van de Nederlandse landbouw en het platteland. Gemotiveerd vanuit het werk als econoom, de nevenfuncties als bestuurder en de woonomgeving van de moderator, maar als persoonlijke stellingname geheel buiten de verantwoordelijkheid van mijn werkgevers - zoals het hoort bij een weblog.
maandag 11 juni 2012
social web of things
Ericsson denkt dat er in de toekomst 50 miljard objecten met het internet verbonden zijn. En dan gaat het leven er zo uitzien.
zondag 10 juni 2012
dienstmededeling
In de colofon links was er een blokje Volgers opgenomen. De laatste weken geeft dat om onverklaarbare reden problemen, die ik zo snel niet kon oplossen. Heb het blok nu vervangen door de top-10 meest gelezen post in de afgelopen 30 dagen. Zijn dus niet post van de laatste 30 dagen, maar degene die de laatste 30 dagen het meest gelezen zijn (naar ik aanneem zonder de oude lezingen mee te tellen). Misschien hebben we hier meer aan.
zaterdag 9 juni 2012
fusies op komst?
Het wordt weer tijd voor een rondje fusies van bedrijven. Dat voorspelde The Economist in een column op 19 mei. Fusies gebeuren namelijk in golven. In de VS was er zo'n rondje net voor 1900, toen er bijvoorbeeld 500 food retailers verdwenen in een fusiegolf. In de jaren twinting, zestig en rond 1990 zag je ook van die golven.
Onderzoek wijst uit dat de aanleiding vaak ligt in schokken. Die kunnen technologisch zijn. zoals de telefoon, die transactiekosten veranderen. Maar ook vraaguitval die voor overcapaciteit zorgt. Of deregulering waar de een sneller of beter op inspeelt dan de ander. Ook de financiele situatie (veel cash, goedkoop krediet) speelt een grote rol.
Zodra met een eerste (grote) fusie het spel op de wagen is, krijg je kopieergedrag. Anderen voelen zich bedreigd. Sommigen maken winst en hebben geld om anderen over te nemen en zo hun winst per aandeel nog verder te vergroten. Mangers krijgen vanwege hun bonussen belang bij fusies.
Dit alles suggereert dat we een rondje consolidatie krijgen. Er is overcapaciteit, veel bedrijven zitten goed in de slappe was en er is hier en daar sprake van deregulering om innovatie te bevorderen. Zo bezien is de door Arla aangekondigde zuivelfusie niet onlogisch.
Effecten van fusies zijn in de regel lagere prijzen (goed voor de consument) en daarmee wat herstel van de vraag. Het kan ook de concurrentie aantasten, maar The Economist is daar niet zo bang voor. Als er maar toetreding is: in 1987 hadden General Foods, Proctor & Gamble en Nestle in de VS 90% van de koffiemarkt in handen. Enter Starbucks, die de markt veranderde.
Uit: The Economist Free Exchange / Surf's up - 19 Mei, 2012
Onderzoek wijst uit dat de aanleiding vaak ligt in schokken. Die kunnen technologisch zijn. zoals de telefoon, die transactiekosten veranderen. Maar ook vraaguitval die voor overcapaciteit zorgt. Of deregulering waar de een sneller of beter op inspeelt dan de ander. Ook de financiele situatie (veel cash, goedkoop krediet) speelt een grote rol.
Zodra met een eerste (grote) fusie het spel op de wagen is, krijg je kopieergedrag. Anderen voelen zich bedreigd. Sommigen maken winst en hebben geld om anderen over te nemen en zo hun winst per aandeel nog verder te vergroten. Mangers krijgen vanwege hun bonussen belang bij fusies.
Dit alles suggereert dat we een rondje consolidatie krijgen. Er is overcapaciteit, veel bedrijven zitten goed in de slappe was en er is hier en daar sprake van deregulering om innovatie te bevorderen. Zo bezien is de door Arla aangekondigde zuivelfusie niet onlogisch.
Effecten van fusies zijn in de regel lagere prijzen (goed voor de consument) en daarmee wat herstel van de vraag. Het kan ook de concurrentie aantasten, maar The Economist is daar niet zo bang voor. Als er maar toetreding is: in 1987 hadden General Foods, Proctor & Gamble en Nestle in de VS 90% van de koffiemarkt in handen. Enter Starbucks, die de markt veranderde.
Uit: The Economist Free Exchange / Surf's up - 19 Mei, 2012
vrijdag 8 juni 2012
geschiedenis van bio
Maandag stelde ik hier n.a.v. 25 jaar Nautilus dat er nog een mooi boek mogelijk is over de geschiedenis van de biologische landbouw in Nederland.
Uit Wageningse kring wordt ik er op gewezen dat dat boek er sinds mei al is, en dan nog wel in de vorm van een Utrechts proefschrift:
Dick Hollander is 7 mei 2012 gepromoveerd aan de Universiteit Utrecht op zijn proefschrift: ‘Tegen beter weten in’; De geschiedenis van de biologische landbouw en voeding in Nederland (1880-2001) - Dick Hollander, uitg. eigen beheer, isbn 9789039357620. Zie ook de website van BioKennis.
Uit Wageningse kring wordt ik er op gewezen dat dat boek er sinds mei al is, en dan nog wel in de vorm van een Utrechts proefschrift:
Dick Hollander is 7 mei 2012 gepromoveerd aan de Universiteit Utrecht op zijn proefschrift: ‘Tegen beter weten in’; De geschiedenis van de biologische landbouw en voeding in Nederland (1880-2001) - Dick Hollander, uitg. eigen beheer, isbn 9789039357620. Zie ook de website van BioKennis.
donderdag 7 juni 2012
ganzenvoet - 2
Gisteren was ik in Dublin en zag met de Minister van Landbouw hoe de Olympische Vlam het rugby stadion werd binnengebracht. Dat als intermezzo op een conferentie met de Ierse agri-business over innovatie. Ik mocht er een key-note houden over ons Europees rapport. Kortom we waren in goede handen van KPMG, Rabobank en nog enkele sponsors. Geen blog dus gisteren, misschien nog wel inspiratie voor een column over Ierland.
Ik kom nog even terug op een recente blog over Ganzenvoet, ook wel Quinoa. Die werd met instemming gelezen door een collega-blogger, die zijn blog aan zijn project heeft gewijd om na te gaan of er een Nederlandse quinoa-keten is op te zetten. Het project wordt uitgevoerd als Nuffield Scholar, een programma dat
jonge boeren de kans geeft om zich te ontwikkelen tot 'Leaders of industry'. En zo leerde ik dat daar ook het LEI bij betrokken is. Lees dus even de blog van dit studie-project, met mooie foto's van het product Ganzenvoet.
Ik kom nog even terug op een recente blog over Ganzenvoet, ook wel Quinoa. Die werd met instemming gelezen door een collega-blogger, die zijn blog aan zijn project heeft gewijd om na te gaan of er een Nederlandse quinoa-keten is op te zetten. Het project wordt uitgevoerd als Nuffield Scholar, een programma dat
jonge boeren de kans geeft om zich te ontwikkelen tot 'Leaders of industry'. En zo leerde ik dat daar ook het LEI bij betrokken is. Lees dus even de blog van dit studie-project, met mooie foto's van het product Ganzenvoet.
dinsdag 5 juni 2012
data in groentenketens
Vandaag een link naar een filmpje uit de groenten en fruit sector over data in de keten. Van nederlandse huize, niet helemaal nieuw, maar ik kreeg het min of meer toevallig net onder ogen. Zie hier
maandag 4 juni 2012
de historie van bio
Als aanvulling op het bericht van gisteren, is het niet zo gek om eens stil te staan bij de opmerkelijke ontwikkeling van biologische landbouw in Nederland. Dat leert iets over hoe transities verlopen: ze duren lang en zitten vol met onverwachte wendingen. Ik doe dat gemakshalve in het Engels, want ik schreef er pas iets over voor een internationaal publiek.
The movement started elitist in the 1920s in an artist colony in Domburg (including famous painters like Piet Mondrian) with converting a large (sic!) arable farm to Rudolf Steiner’s principles. It was at that farm that the Amsterdam-based hippy leader Roel van Duijn took a break in the summer of 1968 and learned the word Kabouter (Gnome), with which he labelled a new political movement. Then organics moved to ‘small is beautiful’ and the introduction of box schemes and specialty shops.
A new window of opportunity arose around 1990. In Flevoland the city of Lelystad created a cluster of organic farms on new land. These farmers produced more than they could sell in the traditional specialty shops and formed an organic cooperative (Nautilus). Soon they were joined by large scale arable farmers in Flevoland who faced a disruption in the cereal policy and baby food manufacturers as well as retailers started to look for organic supplies. With the help of the timely EU organic labelling directive, these farmers also started to deal with the international supermarkets.
Er liggen nog mogelijkheden voor een mooi paper, afstudeerscriptie of boek over deze historie.
The movement started elitist in the 1920s in an artist colony in Domburg (including famous painters like Piet Mondrian) with converting a large (sic!) arable farm to Rudolf Steiner’s principles. It was at that farm that the Amsterdam-based hippy leader Roel van Duijn took a break in the summer of 1968 and learned the word Kabouter (Gnome), with which he labelled a new political movement. Then organics moved to ‘small is beautiful’ and the introduction of box schemes and specialty shops.
A new window of opportunity arose around 1990. In Flevoland the city of Lelystad created a cluster of organic farms on new land. These farmers produced more than they could sell in the traditional specialty shops and formed an organic cooperative (Nautilus). Soon they were joined by large scale arable farmers in Flevoland who faced a disruption in the cereal policy and baby food manufacturers as well as retailers started to look for organic supplies. With the help of the timely EU organic labelling directive, these farmers also started to deal with the international supermarkets.
Er liggen nog mogelijkheden voor een mooi paper, afstudeerscriptie of boek over deze historie.
zondag 3 juni 2012
25 jaar Nautilus
Gisteren vierden we op de Floriade 25-jaar Nautilus. Mooie bijeenkomst en alleraardigst om ook oud-bestuurders uit te nodigen (waarvoor dank). In een van de programma-onderdelen mochten de oprichters nog eens uitleggen hoe het zo gekomen is, en dat is het waard om vast te leggen.
Terug naar Lelystad, 1987. Daar had de jonge gemeente bedacht om een stuk grond (de Bronsweg) uit te geven aan biologische boeren. Die kwamen van het oude land en konden hun productie uitbreiden. Maar een goede afzetmarkt ontbrak: het aanbod overtrof de vraag van de natuurvoedingswinkels. En dus begonnen Wim Jonkman, Lex Kruit en hun collega's zich te organiseren in Nautilus, dat open dagen organiseerde voor supermarkten en voedingsmiddellenfabrikanten om te laten zien dat er een grootschalig aanbod van biologisch product was.
Inmiddels is meer dan 15% van de bedrijven in de gemeente Lelystad biologisch, zo begreep ik. En de Nautilus-leden zijn na ups en downs goed voor 50 miljoen omzet, waarvan de helft uit glastuinbouw. Niet gek voor 77 leden.
Terug naar Lelystad, 1987. Daar had de jonge gemeente bedacht om een stuk grond (de Bronsweg) uit te geven aan biologische boeren. Die kwamen van het oude land en konden hun productie uitbreiden. Maar een goede afzetmarkt ontbrak: het aanbod overtrof de vraag van de natuurvoedingswinkels. En dus begonnen Wim Jonkman, Lex Kruit en hun collega's zich te organiseren in Nautilus, dat open dagen organiseerde voor supermarkten en voedingsmiddellenfabrikanten om te laten zien dat er een grootschalig aanbod van biologisch product was.
Inmiddels is meer dan 15% van de bedrijven in de gemeente Lelystad biologisch, zo begreep ik. En de Nautilus-leden zijn na ups en downs goed voor 50 miljoen omzet, waarvan de helft uit glastuinbouw. Niet gek voor 77 leden.
maandag 28 mei 2012
Ganzenvoet
Mijn oog valt de laatste dagen op het woord Quinoa, dat je op zijn Spaans moet uitspreken als kien-wa. In goed Nederlands heet het gewoon Ganzenvoet, het is een plantje.
En niet zo maar een plantje, in het ooit machtige Inca-rijk in Peru en Bolivia was het na mais het belangrijkste gewas. Het groeit onder moeilijke omstandigheden tot op grote hoogte.
Twee weken geleden had the Economist een stukje over dit nieuwe export-gewas en prompt las ik daarna in een reisgids de vertaling naar Ganzenvoet. Klopt volgens de Cambridge Food Encyclopedia, die er op wijzen dat het vroeger ook wel in Engeland werd geteeld, al was het maar voor kippenvoer.
Ganzenvoet is geen graan, het is in de verte familie van spinazie. Het heeft veel gezonde eigenschappen (zink, magnesium etc.), maar is van nature bitter. Dat moet je er uit wassen, de encyclopedie suggereert zelfs een giftig aspect. In de Andes dus eten voor de armen, reden voor Peru's indiaanse president Eva Morales om 2012 uit te roepen tot het jaar van de Ganzenvoet. De VN heeft dat voor 2013 al op de kalender gezet.
Inmiddels loopt de export al als een trein - aanvankelijk vooral in de biologische niche-markt. Bolivia exporteerde vorig jaar voor 64 mln dollar (+36%), Peru voor 23 mln. Waar Peru in de jaren tachtig nog 7.000 ton produceerde, gaat het nu al om 42.500 ton. En in Bolivia zijn er al gevechten tussen dorpen uitgebroken om de schaarse grond. Kortom een slimme herpositionering van een product. Om die reden zal het in Nederland wel als Quinoa op de kaart blijven, en niet als Ganzenvoet.
En niet zo maar een plantje, in het ooit machtige Inca-rijk in Peru en Bolivia was het na mais het belangrijkste gewas. Het groeit onder moeilijke omstandigheden tot op grote hoogte.
Twee weken geleden had the Economist een stukje over dit nieuwe export-gewas en prompt las ik daarna in een reisgids de vertaling naar Ganzenvoet. Klopt volgens de Cambridge Food Encyclopedia, die er op wijzen dat het vroeger ook wel in Engeland werd geteeld, al was het maar voor kippenvoer.
Ganzenvoet is geen graan, het is in de verte familie van spinazie. Het heeft veel gezonde eigenschappen (zink, magnesium etc.), maar is van nature bitter. Dat moet je er uit wassen, de encyclopedie suggereert zelfs een giftig aspect. In de Andes dus eten voor de armen, reden voor Peru's indiaanse president Eva Morales om 2012 uit te roepen tot het jaar van de Ganzenvoet. De VN heeft dat voor 2013 al op de kalender gezet.
Inmiddels loopt de export al als een trein - aanvankelijk vooral in de biologische niche-markt. Bolivia exporteerde vorig jaar voor 64 mln dollar (+36%), Peru voor 23 mln. Waar Peru in de jaren tachtig nog 7.000 ton produceerde, gaat het nu al om 42.500 ton. En in Bolivia zijn er al gevechten tussen dorpen uitgebroken om de schaarse grond. Kortom een slimme herpositionering van een product. Om die reden zal het in Nederland wel als Quinoa op de kaart blijven, en niet als Ganzenvoet.
zondag 27 mei 2012
Eten met Freakonomics
The Freakonomics blog, van de bekende boeken, is een podcast gestart onder het motto "you eat what you are". Met bekende namen en oorlogsopnames hoe je ook toe kunt met wat minder vlees. Zie hier.
zaterdag 26 mei 2012
economie voor beginners
| Nog een fotootje uit Baku |
Dasgupta is een bekend (ontwikkelings)econoom en schreef dit boekje in een reeks very short introductions over van alles en nog wat (van de Koran tot de Koude Oorlog).
Hij maakt gebruik van twee karakters, Becky die in een middenklasse gezin in de VS woont, en Desta die in een selfsubsistance boerderijtje in Afrika opgroeit. Met bijpassende foto's. De nadruk ligt op economische redeneringen en modellen (althans de ingewikkelder) komen niet aan de orde. Door de toelichtingen via de twee meisjes zie je dat allerlei gedrag op verschillende plekken in de wereld van toepassing is, maar dat door de omstandigheden van de aanwezigheid van een markteconomie of andere sociale verhoudingen de uitkomst heel anders is.
Appreciatie
Het boekje is aan te raden voor wie een introductie zoekt, maar toch is ook dit nog niet het perfecte boekje. Op teveel plaatsen kan Dasgupta het niet laten om toch maar een symbool te gebruiken als A, B of C, waar een zin goed genoeg was geweest (en waarvoor een bijzin verderop had kunnen wijken). Het boekje is hier en daar ook academisch door bij het publiek onbekende economen op te voeren als bedenker van die theorie.
Mijn grootste bezwaar is dat de inhoud erg afwijkt van wat de lezer van de Financiele Telegraaf verwacht. De macro economie wordt zo ongeveer in 4 pagina's behandeld, en we vernemen niets over het bankensysteem, maar wel 4 pagina's over Ken Arrow's analyse van stem-systemen: hoe kies je het eerlijkst een president.
Ook is er erg veel aandacht voor de institutionele economie van normen, waarden en instituties.
Daarmee is het boekje een mooie afspiegeling van wat er nu zoal aan universiteiten (en dan vooral in de micro-economie) wordt onderzocht en gedoceerd. Aan te raden dus voor wie overweegt of een studie economie iets is. Maar de krantenlezer die verdieping zoekt moet na lezing van Dasgupta nog even doorzoeken.
vrijdag 25 mei 2012
Lijstje: rotterdamse restaurants
| Foto uit Baku, vanwege onze indiaanse inzending |
- Wilhelminapark
- Mevrouw Meijer
- Eendracht
- Eetlokaal van de boer
donderdag 24 mei 2012
tractor en ploeg
Zoals je al aan de foto's zag, zat ik in Argentinie. Op de terugweg las ik met dank aan de KLM de Volkskrant van woensdag, om te constateren dat voorpagina columnist Arnon Grunberg onbegrijpelijke zinnen over landbouw schrijft: "Het liefst zou de SP de tractor verbieden, zodat de ploeg weer ingezet kan worden". Daar zal dan toch een paard bij moeten, anders komt de ploeg niet van zijn plek.
woensdag 23 mei 2012
fileteado - beschilder een stier
Nu we het toch over Argentinie hebben: daar houden ze er nog een versierkunst op na met bloemguirlandes en andere sierlijke krullen die ze Fileteado noemen. Doet me denken aan oude sigarenbandjes en aan art nouveau / jugendstil ontwerpen. Volgens deze blog kan het ook met stieren.
dinsdag 22 mei 2012
vanaf de asado
Fotootje van de Argentijnse bbq, asado geheten. Argentijnen zijn vleeseters. Dat komt omdat er vroeger een overvloed van was, zodanig dat ook de hardwerkende arme delen van de bevolking forse porties vlees verorberden. En die menen daar nog steeds recht op te hebben.
Er wordt wel beweerd dat dit ook kwam door de lage prijzen: wol en huiden waren in de 19e eeuw makkelijk naar Europa te exporteren, vlees alleen in gedroogde vorm. En dus was er bij goedlopende vraag naar huiden vlees genoeg voor het dunbevolkte land, anders rotte het maar weg- zo wil het verhaal (wetenschappelijke referenties aanbevolen).
Of dat in de toekomst nog mag is de vraag natuurlijk. Hoewel het niet verstandig is de pampa om te ploegen. Dat brengt me op een Ierse site die in hun ConsEnSus project onderzoek doen naar levensstijlen nu en in de toekomst en de vraag hoe ze duurzamer gemaakt kunnen worden.
Er wordt wel beweerd dat dit ook kwam door de lage prijzen: wol en huiden waren in de 19e eeuw makkelijk naar Europa te exporteren, vlees alleen in gedroogde vorm. En dus was er bij goedlopende vraag naar huiden vlees genoeg voor het dunbevolkte land, anders rotte het maar weg- zo wil het verhaal (wetenschappelijke referenties aanbevolen).
Of dat in de toekomst nog mag is de vraag natuurlijk. Hoewel het niet verstandig is de pampa om te ploegen. Dat brengt me op een Ierse site die in hun ConsEnSus project onderzoek doen naar levensstijlen nu en in de toekomst en de vraag hoe ze duurzamer gemaakt kunnen worden.
Abonneren op:
Posts (Atom)



