zondag 20 maart 2011

Onstilbare honger naar voedseldebat

Honger naar voedseldebat is onstilbaar, zo kopte de NRC dit weekend. O.a. naar aanleiding van het foodfilmfestival in Amsterdam en andere activiteiten rond voedsel werd de vraag opgeworpen wat de honger naar kook-, voedsel- en warenkennis kan verklaren.
Volgens Marjolein Kelderman, boekinkoper bij Atheneum, is het gewoon mode, aangezet door Jamie Oliver die liet zien dat je niet heel precies hoeft te koken voor een uitstekend diner. Peter de Rooden van Stroom in Den Haag houdt het op onbehagen over de industrialisering van de landbouw, naast hedonisme. Het draait zijn inziens om gebrek aan grip dat we als gemiddelde burger hebben op ons voedsel.
Een derde verklaring komt van Heln Kranstauber, organisator van het Food Film Festival: het is een onderdeel van een ontwikkeling die je ook bij andere producten ziet zoals kleding: mensen stellen allerlei vragen bij de consumptie. Omdat voedsel zo dicht bij ons staat, is het daar extremer.

Helemaal bevredigend vind ik de verklaringen nog niet, maar het is een begin. Op de foto overigens een productinnovatie om de man achter het fornuis te krijgen. Zal hier wel niet mogen, maar in Namibie wel.

zaterdag 19 maart 2011

profijt van solidariteit

Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid stuurde me de bundel "Het profijt van solidariteit". Het zijn opstellen over draagvlak voor herziniening in het stelsel van werk en inkomen. Met vele bijdragen. Waaronder van Cock Hazeu die in een slothoofdstuk 7 misvattingen over solidariteit, herverdeling, verzorgingsstaat en de rol van de overheid bespreekt.
Interessant is ook de bijdrage van Barbara Vis over hervormingsbereidheid en electoraal risico.Vooral regeringen die zich in een situatie van sociaal-economische en/of politieke risico's bevinden, zijn bereid hun nek uit te steken en echt te hervormen. Dat geeft te denken, maar is aardig te verklaren.

woensdag 16 maart 2011

nieuwe links

In het rijtje links hier links, voeg ik twee nieuwe links toe naar gezaghebbende economen. Martin Wolf is de Chief Economist van de Financial Times en blogt veelal over actuele macro-economie. Dat geldt ook voor Nobelprijswinnaar Paul Krugman op de site van de NY Times.
Kijk vooral even bij zijn blog van vandaag. Met een fraaie YouTube video van een jonge Bob Dylan in mijn favoriete Dylan song Blowin' in the wind. Ook leuk in de gepolijste coverversie van The Hollies. Als inleiding op een discussie of het in 2050 allemaal van wind- en zonneenergie komt. The answer my friend, is.....

dinsdag 15 maart 2011

spring is in the air

De eerste lentedag van dit jaar bracht me in Brussel voor een overleg met Copa-Cogeca. Geanimeerde discussie over cooperaties. Daarna nog net tijd om in het voorjaarszonnetje door het park naar het centraal station te wandelen - van rokjesdag was echter nog geen sprake.
Met de trein naar Woerden omdat we in het Kasteel naast (nou ja, naast) het station vergaderden. Jammer dat er alleen nauwelijks treinen heen gaan: ik moest vier intercities voor laten gaan voor de stoptrein kwam. Enfin, een mooie oude omgeving om te brainstormen over de landbouw in 2025 en wat de trends zou doen kunnen omslaan. Voor de akkerbouw het oude liedje van arbeid (structuur en management van de bedrijven onder invloed van ict en arbeidsmarkt) en kaptiaal (grond, fiscaliteit, beursgenoteerde beleggers als grondprijzen langdurig zouden stijgen), zo gaven we de onderzoekers mee. In ruil voor een mooi diner met een gezellige kout. Mogelijk geprogrammeerd om het onbespreekbare bespreekbaar te maken - misschien polderen we tegen die tijd wel weer in. Maar dat klinkt nu nog weinig geloofwaardig - wat het probleem is van toekomstverkenningen.

maandag 14 maart 2011

risico management

De wereld is vol van risico's, zo zien we weer dagelijks op TV. Risicomanagement is dus aan de orde, en daarmee de vraag wat de rol van de overheid daarin is.
Ook in de agrarische wereld is dat aan de orde. De OECD gaf afgelopen week een aantal rapporten vrij, waaronder een analyse hoe we dat in Nederland doen. Goed dus, maar het kan altijd beter. zie hier voor de downloadbare rapporten

zondag 13 maart 2011

Gebiedsontwikkeling in crisis

“Er is weiland gekocht zonder na te denken” zo stelde de Rotterdamse wethouder (en ex-makelaar) Hamit Karakus vorige week zaterdag in de laatste broadsheet editie van de NRC. In een interessante analyse van projectontwikkelingsmarkt, die op zijn gat ligt. Projectontwikkelaars hebben al jaren vooruit voor hoge prijzen gronden aangekocht. Door de economische crisis is de markt voor nieuwbouw opgedroogd, en de aanscherping van de eisen voor hypotheekuitgifte door banken die de AFM heeft opgelegd maken de markt ook kleiner.


Gebiedsontwikkeling bevindt zich daarmee in een existentiele crisis, zo verklaren tal van deskundigen. Decennia lang verdeelden projectontwikkelaars en gemeenten het financiele surplus van het opwaarderen van weiland naar bouwgrond. Gemeentelijke grondbedrijven maakten jaarlijks miljoenen over naar de algemene middelen van de gemeentes. Volgens een recente VNG studie is er nog aan 12 miljard investeringen bij gemeentes waarvan als het tegenzit 3 miljard moet worden afgeboekt. Elk jaar de rentekosten bijboeken lijkt er in ieder geval niet meer bij te zijn.

Sommige projectontwikkelaars willen nog wel door met meer woningen per ha, maar zover zijn de gemeenten nog niet, die willen juist hogere kwaliteit bouwen. Maar daar is geen markt meer voor. Volgens deskundigen wordt het nooit meer zoals het was. Dat is een uitspraak om te wantrouwen maar als dat zo is heeft dat gevolgen voor de land- en tuinbouw, waar nu een deel van het rendement op grond uit de herwaardering komt – ik wees daar onlangs in een column of Boerenbusiness al op.

Rotterdam denkt dat de bouw in de binnenstad eigenlijk best 25% goedkoper kan, door een ketenaanpak en goede samenwerking tussen projectontwikkelaars en de gemeente. Het was daartoe gedwongen (hoewel men het zo niet meldt) toen annexatie in de Zuidplaspolder niet realiseerbaar bleek – en men liever de onroerendgoedbelasting in eigen gemeente houdt. Met die 25% kostprijsdaling kan men de concurrentie aan met Lansingerland (v/h Bleiswijk, Bergschenhoek en Berkel en Rodenrijs) dat op een traditionele uitleglocatie nog dure grond in de aanbieding heeft voor 5000 woningen. Misschien wordt dat wel weer weiland.

NRC: miljardenstrop in woningbouw. zaterdag 5 maart 2011

zaterdag 12 maart 2011

bloemlezen

De Metro had donderdag weer eens een koe breed op de voorpagina. Een protesterende, van de laatste Rotterdamse boer. De gemeente gaat het laatste boerenbedrijf binnen zijn grenzen sluiten en heeft de bestemming van de grond verandert van agrarisch naar natuur - een gevoelig waardeverlies. Een rode bestemming had de pijn voor de eigenaar van het roodbonte vee misschien nog een beetje verzacht.
Ik vroeg me na het lezen wel af of iemand een statistiekje kan maken van de grootste 100 steden ter wereld die nog een traditioneel boerenbedrijf binnen de grenzen hebben (de moderne urban farming telt even niet), en hoeveel van die steden in de top-100 van grootste steden zouden staan.

Op de volgende  pagina van de Metro stond een verhaal dat er misschien onbedoeld wel mee te maken had: de banen van de toekomst. Het platform Betatechniek heeft de leukste jobs van 2030 op een rijtje gezet, zoals Vertical Gardening Architect (voor de urban farming), robotmonteur, weather modification manager, en orgaanontwikkelaar. Met functiebeschrijving.

Al in de jaren zestig heeft een bekend econoom (wie weet nog wie, ik ben het zelf eerlijk gezegd even kwijt) eens gezegd dat het probleem van economische hervorming met ontslagen is dat mensen wel zien dat werkgelegenheid verdwijnt in de mijnen en de scheepsbouw, maar nog niet weten dat er weer nieuwe baan komen bij de TV of als computerprogrammeur of videomaker. Zinvol dus om de banen van de toekomst voor het voetlicht te brengen.

In the Economsit van vorige week wijst een briefschrijver er in dat verband op dat er een J curve theorie bestaat van de politieke wetenschapper Chowning Davies, die stelt dat revoluties (zoals nu in Noord Afrika) ontstaan als na een periode van verbeterende economische en sociale omstandigheden een korte scherpe trendomkering (reversal) optreedt en de condities verslechteren. Voorbeelden: de Franse, Russische, Amerikaanse revoluties. En de start van de 80jarige oorlog. Een kwestie van sterk oplopende verwachtingen die worden geknakt. Wat dan in het geval van de arabische wereld weer betekent dat het effect van gestegen voedselprijzen niet moet worden onderschat, zo interpreteer ik. Brood en spelen.

Doet me denken aan een sociologische theorie waar ik ook de bron niet meer van weet, maar die stelde dat stakingen en protestdemonstraties van bv. boeren optreden wanneer het de facto al weer wat beter gaat, als mensen zich beseffen wat ze in de crisis hebben meegemaakt. En een uitbarsting van woede de zaak niet meer lijkt te kunnen verslechteren.

Enfin, terug naar de economie. In de rubriek Economics focus in the Economist wordt ene Charles Jones geciteerd, een econoom die schat dat 80% van de groei tussen 1950 en 1993 kwam van de toepassing van oude ideeen, en dat dat effect nu grotendeels is uitgewerkt. Daarom is een keuken tussen 1900 en 1973 sterk veranderd, en daarna niet meer. Past mooi in de lange termijn golf theorie. Dat zou betekenen dat over 20 jaar door ICT keukens er weer heel anders uit zien. Maar voor de economie is het beter daar niet op te wachten.

De foto is de melkverkoop in Innsbruck Igls, dit jaar ook verdwenen zo zag ik onlangs

vrijdag 11 maart 2011

speculeren op de termijnmarkt

Gezien alle discussies over speculatie op termijnmarkten en de effecten op de voedselproductie heb ik er weer maar eens een column aan gewijd voor Boerenbusiness.
Hoe meer ik er met deskundigen over praat, hoe meer het inzicht zich opdringt dat het de onzekerheden in de fysieke markt zijn die leiden tot risico-premies in de termijnmarkt. Die bij hogere prijzen toch al wat hoger zijn. En die maken speculeren aantrekkelijk, als ook het investeren in informatie over oogstramingen en voorraden om die onzekerheid terug te dringen. Dat kunnen vooral de handelshuizen en die proberen te profiteren met zelf verkregen "voorkennis".
Maar er loopt veel onderzoek, dus wellicht dat iemand toch nog een betere verklaring vindt.

donderdag 10 maart 2011

tapas in Sevilla

Hier een tip voor wie komende tijd nog in Sevilla, Spanje moet zijn: ga tapas eten bij Eslava. Wij hadden er gisteravond een uitstekend aantal hapjes voor zeer betaalbare prijzen. Waaronder de winnende tapas van dit jaar en van vorig jaar. De tapasbar is gekoppeld aan een sterrenrestaurant dat er naast zit, zo begreep ik. Buiten de toeristenroutes, en zo hoort het ook. Desalniettemin is het er dringen.
Ook Spaans: 's avonds laat dineren. Ik miste mijn aansluiting in Madrid (dat is daar vrij normaal zeggen veelreizigers) en Iberia regelde netjes een hotel met gratis diner. Dat laatste hoefde van mij niet meer om 24.00 uur.
Ik was in Sevilla bij IPTS, een outfit van de Europese Commissie, om met veel organisaties te praten over samenwerking in software en data upgrading voor modellen. Een nuttige bijeenkomst.

woensdag 9 maart 2011

Opgedeelde gevolgen van de GLB herziening

Een jaar geleden hield de OECD een workshop waarin tal van onderzoekers een paper gaven over de gevolgen van herzieningen in het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. Waarbij het niet zozeer ging om de nationale welvaartswinst, maar om de gevolgen voor tal van groepen boeren, de voedingsmiddelenindustrie, het milieu, de grondeigenaren etc. Disaggregated impacts of CAP Reforms.
Het rapport kreeg ik vorige week uit Parijs toegezonden en het is op een voorbeeldige manier electronisch (ook in delen) beschikbaar.

dinsdag 8 maart 2011

Reclame voor EFFL

Multi-disciplinaire samenwerking doet je soms in bladen belanden waarvan je het bestaan niet vermoedde. Vooral door inspanningen van de 1e auteur verscheen een paper op basis van een eerder EU project in European Food and Feed Law Review. Over verschillen in voedselwetgeving in de EU en de USA.

Harry Bremmers, Bernd van der Meulen, Jo Wijnands en Krijn Poppe: A legal-economic analysis of international diversity in food safety regulation: content and impact. In EFFL Review, 2011-1, p. 41 -50

maandag 7 maart 2011

Instituties en infant industries

Het is een bekend debat in de economie: komt het allemaal goed met macro-economische stabiliteit en liberalisering (de Washington consensus) of is er meer nodig voor economische ontwikkeling van een land, bv. in Afrika.
De Zuid-Koreaan Ha-Joon Chang kiest niet alleen voor de tweede opvatting (niet raar voor een Zuidkoreaan die in het bij vlagen marxistische Cambridge UK heeft gestudeerd) maar zet zich behoorlijk af tegen de eerste. Recent verscheen van zijn hand 23 dingen die ze je niet vertellen over het kapitalisme.
Ik las een interview met hem waarin zijn retoriek niet onderdoet voor die van Milton Friedman, zo laat de journalist doorschemeren. Hij is vanzelfsprekend voorstander van een gerichte staatssteun voor sleutelsectoren en niet bang voor al te veel rent seeking. Ook wie wil graaien heeft belang bij een grotere economie en als het te gek wordt kunnen het volk en het leger (zoals in de jaren zestig in zijn geboorteland) geweldloos ingrijpen.

Een mooie illustratie van zijn betoog is dat hij verwijst naar de Amerikaanse presidenten op de dollarbiljeten: Alexander Humilton ($ 10) was warm voorstander van het beschermen van jonge industrieen, publieke investeringen in infrastructuur en stimuleren van de bankensector. Abraham Lincoln ($5) bracht invoertarieven op een recordhoogte. George Washington ($1) wilde bij zijn inauguratie geen goede Engelse kledij maar de inferieure inlandse.

De redenering dat insituties er toe doen is langzamerhand gemeengoed. Het infant-industry argument wordt steeds weer toegepast, dus is een fact of life - en uit transitie oogpunt is er veel voor te zeggen. En het probleem met de economie is dat het geen harde wetenschap is maar aan modes en vooral political correctness onderhevig is: David Ricardo, de van oorsprong Amsterdamse theoreticus van de liberale handelstheorie werd gelauwerd in de UK, dat alle belang had als wereldheerser bij vrijhandel. Het infant-industry argument werd geintroduceerd door Friedrich List toen Duitsland zijn chemische industrie met staatssteun opbouwde. En Chang komt uit Zuid-Korea dat in de jaren zestig de Nederlandse scheepswerven wegconcurreerde (en de industriepolitiek van de Nederlandse overheid). De winnaar heeft het gelijk opvallend vaak aan zijn zijde.

zondag 6 maart 2011

Nederland in de ondernemerschaps top10

Aan lijstjes waarin landen worden gebenchmarkt op hun economische prestaties geen gebrek. Naast die over inkomen per hoofd van de bevolking (het ultime doel zou je zeggen), zijn er lijstjes die ook proberen te meten hoe het staat met het zaken-klimaat (de Wereldbank lijst: hoe snel kun je een b.v. oprichten?), en natuurlijk de lijst die concurrentiekracht probeert te meten, van het World Economic Forum (the global enterpreneurship monitor).
Een probleempje met de laaste lijst is dat het alle ondernemers op een hoop gooit: de innovatieve biotech start-up die veel banen schept en de werkeloze in Zimbabwe die zich noodgedwongen als ZZP-er in de statistieken meldt en zich bezig houdt met straathandel.
De Wall Street Journal en the Economist melden nu de dat er enkele academici in dit gat gesprongen zijn met de Global Enterpreneurship and Development Index. De index corrigeert voor het stadium van ontwikkeling van een land, naar aanleiding van Michael Porter's 3 fasen: factor-driven, efficiency-driven en innovation-driven. Ondernemerschap zou een S-curve vormen over die drie fasen. In deze index worden alleen start-ups in de high en medium tech meegenomen.
Na wat gezoek op internet (het is de bedoeling dat je het boek van auteurs Acs en Autio koopt), vond ik een paper met de ranking: Nederland staat (ook hier) op nummer 10, na de top3 van Denemarken, Canada, de VS. Maar voor Belgie, Finland en Duitsland.

zaterdag 5 maart 2011

data visualisatie

Beelden blijven beter hangen dan tekst. Als het goed gemaakte beelden zijn althans. Een mooi voorbeeld is een infographic van The Economist van vorige week waarin informatie werd gegeven over het regionaal inkomen, het inkomen per hoofd van de bevolking, de bevolkingsomvang en de export per Chinese provincie. Dat is op zich al een mooie interactieve infographic (als je op een provincie klikt worden cijfers zichtbaar en wordt er een mooi grens omheen getrokken), maar cijfers worden ook 'vertaald'. De namen van de provincie worden omgezet in het land (Bolivia, Hongarije etc) dat in de wereldstatistieken het dichtsbijzijnde vergelijkbare cijfer heeft. Hongkong is Signapore, Jiangsu is Zwitserland (bij de omvang van de economie). Voor wie een abonnement op het blad heeft: hier kun je er mee spelen.

Voor de liefhebber ook een link naar http://www.infographics.eu/ waar alle nominaties staan voor de uitreiking van de beste Nederlandse infographics van 2010.

donderdag 3 maart 2011

actualiteiten

Morgen weer een wat informatievere blog. Ben nu net terug van een rondje Noordwest Europa. Was gisteren in Brussel om een aantal Lords en Baronesses uit het Britse Hogerhuis bij te praten over Agricultural Knowledge and Innovation Systems. Hoe we dat toch doen in Nederland (en al die andere landen)...
Daarna van Zaventem (een luchthaven met veel roltrappen: van de trein naar 3 hoog, weer naar beneden om gescand te worden, weer omhoog voor de terminal) naar Basel. Heldere lucht, verlichte wegen en dorpjes. Voor een interessante bijeenkomst bij een multinational die zijn mondiale team bij elkaar had. Vandaag terug naar Amsterdam: Antwerpen en de Delta lagen er prachtig bij met een hele dunne mist en zon. Het wordt voorjaar, zo bazelde mijn Baselse taxichauffeur tussen zijn karnavalsverhalen door.