zondag 20 februari 2011

Scenarios in de Alpen

Scenarioplanning was het onderwerp van de laatste dag van het EAAE Forum in Igls. Een inspirerende bijeenkomst. Vanuit het EU Standing Committee on Agricultural Research is een werkgroep bezig geweest om meer dan 250 foresights die de afgelopen paar jaar gemaakt zijn, op een rijtje te zetten en met een synthese te komen. Die zijn nuttig gekoppeld aan het transitiedenken en een tweetal (elkaar aanvullende) paradigma's.
Vanuit het bedrijfsleven was er een presentatie van Vision 2050 van de World Business Council for Sustainable Development. Een indrukwekkende studie, hier te downloaden. Er werd een sterk pleidooi gevoerd om met betere maatstaven te komen voor duurzame ontwikkeling dan al die aparte indicatoren als co2, water, etc. De sociale kostprijs zou ik zeggen, maar daar is nog wel onderzoek voor nodig.
Het leidde ook tot veel discussie over versplling en afval (waste), waarbij iedereen het er snel overeens is dat dat vooral plaats vindt op productieniveau (het verschil tussen potentitele productie, werkeleijke productie en wat er na post-harvest verliezen echt beschikbaar is) en op consumptieniveau. In de keten is het meeste economisch rationeel, en kan vermoedelijk hooguit nog wat beter verwaard worden.
Verder vond de spreker het wel een duurzaamheidsprobleem dat Europa netto veel veevoer importeert en er dus veel Europese ha's in Latijns Amerika liggen. Dat lijkt me discutabel in die zin dat die ha vroeger (voor de Braziliaanse militairen zich te afhankelijk voelden van de import en overgingen tot liberalisering (minder belasting op de landbouw) en nuttige investeringen in onderzoek die de cerrado bruikbaar maakten voor grasland en soja) ook niet gebruikt werden om bv. Afrika of India te voeden.

Kleine boeren
Het probleem van de honger is er namelijk niet een - en daar was iedereen het wel weer over eens- van beschikbaarheid van voedsel, maar van armoede. Wat ook tot het inzicht leidt dat de oplossing van het probleem van voedsel van 9 miljard vooral zit in de professionalisering van de small holders in Afrika en India die nu helemaal niet in het systeem zitten.
Zo gaf de spreker vanuit Syngenta aan dat er weliswaar maar weinig zaadveredelaars meer zijn, maar dat die maar 5% van de wereldzaadproductie veredelen. Het probleem is dat de andere 95% juist nauwelijks wordt veredeld, anders dan dat boeren de beste zaden van de vorige oogst achterhouden. Ook het feit dat die boeren veel risico lopen doordat ze vaak elk jaar heel hun kapitaal in de grond stoppen, is een groot probleem. Verbinden met kapitaalmarkten die het risico kunnen overnemen werd als een oplossing gezien. Waarbij de technologie van weerpalen en remote sensing kan helpen omdat het de risico's inschatbaar en controleerbaar maakt, en daarmee verzekerbaar.
Een Franse collega merkte ook nog op dat in de discussie over speculatie over het hoofd gezien wordt dat veel onzekerheid in markten ontstaat doordat in landen buiten de OECD de oogstraminingen en voorraadinformatie van veel geringere kwaliteit is dan bij ons, en dat dit leidt tot onzekerheden over de fundamentals in de reele markt, die speculatieve bewegingen versterken. Ik geef het maar even door, want het leek mee een valide redenering.
De spreker van Syngenta sloot af met de mooie stelling dat Corporate Social Responsability wat hem betreft een achterhaald concept is. Sustainability is inmiddels gewoon een business concept waarmee geld verdiend wordt en niet wat extra's in het Rijnlandse model.

Ongebruikte scenario's
Er mogen dan aan de lopende band scenariostudies worden uitgevoerd, methodologe Angela Wilkinson (Oxford) constateerde dat ze maar weinig in besluitvorming worden gebruikt. In de reeks Producing, Using, Embedding zou je maar een derde van tijd en geld aan het produceren moeten besteden. De praktijk is dat het ver boven de tweederde ligt.
Ze maakte een nuttig onderscheid tussen forcasting, foresight en normative values, concepten die steeds verder van het nulpunt liggen op de assen Complexity en Value conflicts. Scenarios zijn vooral storytelling die niet gaan over de toekomst an sich, maar het onbespreekbare in huidige beslissingen boven water proberen te halen. Het gaat om het leren van verschillende toekomsten met verschillende toekomstmethoden.
Wilkinson pleitte voor RIMA: reflexive, interactive, multi agent aanpak in een activistische opstelling. Tegen die achtergrond scoorden veel van de bekende landbouwscenariostudies maar matig.
Niet nog meer studies doen, zo lijkt het, maar beter in de besluitvorming van bedrijven en de politiek integreren.

zaterdag 19 februari 2011

Uit Igls

Voor beginners laat de sneeuwkwaliteit te wensen over, zo begreep ik, maar ik was in Igls, het olympische skidorp van Innsbruck voor zaken. Naast een EAAE bestuursvergadering hadden we het jaarlijkse forum van onderzoekers met interesse in system dynamics van voedselketens.

Mijn bijdrage was dit jaar beperkt tot het mede organiseren van een netwerk-game waarin we deelnemers lieten spelen voor boeren die een innovatie moesten realisren en anderen voor wetenschappers die we vooral een wetenschappelijke opgave gaven. Het resultaat was wat je er in stopt: weinig zinvolle interactie tussen het innovatieproces en de wetenschap. En ook weinig behoefte aan samenwerking en voorlichting bij de puzzelende "boeren".
Wat dan weer een mooie opmaat was voor een discssie over het optimale agrarische kennis- en innovatiesysteem en of dat wel werkt als de incentives van de verschillende partijen niet gericht zijn op het zoveel mogelijk waarde toevoegen aan de innovatieketen.
Verder besteden we een dag aan scenarioplanning, waarover morgen meer.

donderdag 17 februari 2011

eten en oorlog

Oorlog en eten zijn sterk met elkaar verbonden. De Oostenrijkse koffiecultuur gaat terug op de belegering van Wenen door de Turken, die hun koffie achterlieten op het slagveld. Zoiets als de haring en wittebrood na Leidens ontzet. Gisteren vertelde een Fransman me dat de crossiant als cressent ook uit Wenen en het beleg van de Ottomanen komt.
Over eten en de tweede wereldoorlog is er nu een boek uit. Niet over tulpenbollen en de hongerwinter maar dat oorlogen gewonnen worden met logistiek en eten. De amerikaanse boeren profiteerden na de depressie enorm van de oorlog. In 1946 was Amerika de voedselleverancier van de oorlog geworden.
De Jappanners daarentegen maakten er een potje van. Voor de oorlog lag de productie op 336 gram rijst per hoofd van de bevolking, in 1945 nog maar 234. Het hielp ook niet dat men de veroverde landen verplichte tot zelfvoorziening en de handel de nek omdraaide. Het leidde bijvoorbeeld in Vietnam tot een enorme hongersnood. De oorlog betekende ook de opmars van de voedingsleer (nutrition) en behoefte aan voedsel en land speelde een rol in de Ostpolitiek van de nazi's.
Dat staat allemaal in het boek "The taste of war: world war two and the battle of food" van Lizzle Collingham, waarvan ik vorige week in the Economist een recensie las - met daarin bovenstaande feiten. Het blad is kritisch: niet alles hangt van voedsel af (de Russen waren er ook niet best in maar versloegen wel de nazi's) en het feit dat het boek van belang is omdat er in de toekomst geen productiestijging meer is is onzin. Maar los van dat schijnt het toch het lezen waard te zijn. Ik geef het maar even door.

woensdag 16 februari 2011

grond is duur

Er zijn altijd meer mensen die grond duur vinden dan een koopje. Maar nu is de grond wel erg goed geprijsd, al was het maar omdat de overheid komende jaren minder zal aankopen dan afgelopen jaren. Op Boerenbusiness schreef ik er een column over.

dinsdag 15 februari 2011

nieuwe LEI site

Vandaag reclame voor de site van de baas: het LEI heeft zijn website vernieuwd in een verfrissende stijl. De modernisering maakt de site jaren jonger.

maandag 14 februari 2011

AWT en de financiering van innovaties

Wie een van mijn lezingen van de laatste jaren heeft bijgewoond (waarin er weinig wordt voorgelezen) of een artikel van mijn hand gelezen heeft, is vermoedelijk al eens geconfronteerd met de lange-golf theorie van de economie en de nuttige figuur waarin Carlota Perez in 2002 de kennis daarover samenvatte.
Door de midlife crisis van de ICT golf bij de Nasdaq crisis van 2000 te situeren, en die niet als voorschok te zien miste ze de kans de grote financiele crisis van 2008 te voorspellen. Dat overkwam mij ook door haar theorie vanuit een transitie-invalshoek te herinterpreteren, in een paper in Beleggers Belangen's Technische en Kwantitiatieve Analyse in 2008, een paar maanden voor Lehman Brothers. (het paper is bewerkt gepubliceerd in onze Wageningse bundel met transitiepapers in 2009). Voorspellen is dus lastig voor economen.

Inmiddels duikt Perez, nu verbonden aan de universiteit van Talinn, steeds vaker op in de Nederlandse literatuur. Ze schreef een voorwoord in het standaardwerk van de Nederlandse transitieschool in 2010 (Grin et al.) en nu heeft de Adviesraad voor Wetenschapsbeleid en Technologie (AWT) haar een mooi essay laten schrijven in de bundel Let Finance Follow and Flow.
Zowel zij, als de andere essay-auteurs Henk Schenk en Arnoud Boot wijzen er op dat de 'Frenzy' periode voor de crisis gekenmerkt werd door een zeker casino-kapitalisme waarin de innovaties vooral in het financiele systeem zelf zaten en onvoldoende door regels werden ingeperkt.

Perez gaat verder dan beide andere auteurs en filosofeert dit keer wel ook over de toekomst en de rol van de overheid. Zeer bruikbaar materiaal voor toekomstige inleidingen. Ik volsta hier met de conclusie in de samenvatting: " The government will have to become a much more active player as well. By influencing the direction of innovation through strict environmental regulation and formulating 'man on the moon' projects like zero-emission, zero-waste goals. A new sort of 'industrial policy' may very well be needed as well. Not by having the government to 'pick winners', but by building consensus through networking with business and science".

C. Perez: "The financial crisis and the future of innovation: a view from technology with the aid of history" in: AWT: Let finance follow and flow, The Hague, 2010

zondag 13 februari 2011

lijstje: food valley innovaties

Al een tijdje geleden kreeg ik een mooi klein boekje van de Stichting Food Valley dat de winnaars  van hun Awards voor innovatie over de laatste 5 jaar presenteert. Voor wie voorbeelden zoekt van wat voor innovaties de "gouden driehoek" van de agro-sector voortbrengt, hier een greep:
  • Valess, een vleesalternatief (nooit geweten trouwens dat het is uitgevonden door een 80 jarige sous-chef van het Amstel Hotel - voor innovaties ben je nooit te oud)
  • Groentesap uit groenteafval in de procesindustrie
  • Diep frituren zonder olie
  • Verrijkte eieren voor medicijnen tegen een oogziekte
  • Een enzyme om met aardappelzetmeel producten betere textuur te geven
  • Gezondere margarine met veel minder verzadigde vetten
  • Een food jet printer om eetbare letters en figuren te spuiten op taartjes etc.
  • Bacteriedodende fagen
  • Eiwitten uit aardappelen ter vervanging van vlees-eiwitten
  • Plantensensor voor minder en betere bestrijdingsmiddelentoepassing in kassen
  • Worstenmaker op basis van radio-golven zodat de productietijd, energie en arbeidskosten sterk dalen
  • Bioconverter om groenteafval om te zetten in energie
  • UV-licht spuitmachine die fungiciden vervangt
  • Teff, glutenvrij graan uit Ethiopie
  • Cisgene appelras
  • Sterilisatie met koud plasma
Stichting Food Valley: Innovation at its best

vrijdag 11 februari 2011

over zorgvuldige veehouderij

is de titel van een bundel essays die deze week door Wageningen UR aan de staatssecretaris werd aangeboden. De auteurs bespreken tal van dilemma's in de veehouderij en hopen daarmee het maatschappelijk debat van informatie te voorzien.
Zelf droeg ik bij met een essay over de afweging tussen markt en macht. Duurzame ontwikkeling kan worden bevorderd door een aantal marktprocessen (zoals labelling en vraag naar meer diervriendelijk geproduceerd vlees) te versterken, door onduurzaam beleid (zoals marktbescherming) aan te passen en door gebruik te maken van marktconforme instrumenten in die gevallen dat de overheid (resterende) externe effecten moet corrigeren.

Aanbevolen, al was het alleen maar voor het essay van Prem Bindraban die uitlegt dat ontwikkeling van graslanden met roodvlees productie soms te verkiezen is boven vegetarisme dat kiest voor akkerbouw met een  hoog water verbruik. Vandaar de foto vandaag met de Namibische geiten.

H. Eijsackers en M. Scholten (red): Over zorgvuldige veehouderij. Wageningen.

woensdag 9 februari 2011

Stemmen in Flevoland

De NRC van vanavond bevat een ingezonden brief van mijn hand. Dat doe ik zelden, maar zondag werd een ingezonden brief van een Groningse hoogleraar me te gortig. Je mag van alles beweren over Flevoland, maar wat mij betreft niet dat de polderpioniers niet in staat waren om in de jaren 60 en 70 ordentelijke verkiezingen te organiseren omdat de infrastructuur ontbrak. De werkelijkheid is dat ze het een tijdlang zelfs elke twee jaar deden. Juist om een goede afspiegeling te krijgen bij de snelle immigratie.

Dat dit nu nog een discussie is, komt omdat de toenmalige inwoners van het Openbaar Lichaam en (later) de gemeenten Dronten en Lelystad wel voor een adviesraad en gemeenteraad mochten stemmen maar niet voor de provincie, eenvoudig omdat ze niet provinicaal waren ingedeeld. De provincie Flevoland werd pas in 1985 ingesteld.
Bijna 25 jaar lang zouden dus de verkiezingen voor de provincies ongeldig zijn geweest als we de redenering ophangen die nu door sommigen bij het in maart niet mogen stemmen op de BES-eilanden wordt aangevoerd.

dinsdag 8 februari 2011

ontwerpen voor de zw delta

Een jaar geleden hield in een inleiding voor de werkplaats van de zuidwestelijke delta over verre toekomstbeelden voor de landbouw. Voor een prikkelende discussie. Dat is ook voor andere onderwerpen gebeurt en heeft de werkplaats aanleiding gegeven daar ontwerpschetsen aan toe te voegen en het geheel in een werkdocument te publiceren. Leuk boekje geworden.

RWS/Deltaprogramma: Werkdocument De Zuidwestelijke Delta op weg naar 2100

maandag 7 februari 2011

Nederland - Slovenie

Een jaar geleden blogde hier ik al eens over een Nederlands - Sloveens twinning project.  Afgelopen week kreeg ik opnieuw een mooi boekje toegestuurd: "Producer and consumers' choices regarding cattle farming systems and products - surveys in Slovenia".
Het geeft een mooi beeld van hoe Sloveense boeren zich proberen aan te passen aan de EU en aan nieuwe markten, en hoe Twinningprojecten hun daarbij helpen.
Het boekje is uitgegeven door het Ministerie van Landbouw in Ljubljana.

zondag 6 februari 2011

de kabouters voorbij

Enkele weken geleden al in druk verschenen, maar nu ook online: een nieuwe editie van Syscope, gewijd aan de samenwerking tussen de biologische landbouw en de gangbare variant.
Zoals gebruikelijk schreef ik er een column - over groot en klein, van Loverendale tot Nautilus.

vrijdag 4 februari 2011

Ierland terug bij gras

Afgelopen dagen zat ik in Dublin voor een workshop rond de EU Kennis- en Innovatiesystemen. Daarbij werden we ook even bijgepraat over hoe Ierland met zijn topgebieden omgaat. Met de bankensector heeft men het helemaal gehad en ook van de computer-assemblage (die met veel invoer gepaard gaat) zijn de verwachtingen niet al te hoog gespannen. Lyrisch daarentegen zijn de Ieren over de grasland-economie van melk en rundvlees.
Er zijn streken waar 300 dagen per jaar het gras gratis groeit. Daar moet het dus volgens onze collega's van komen. En de wereld schreewt om voedsel, dus de markt is er. Vooruitlopend op de afschaffing van het melkquotum houden boeren al meer jongvee aan, zo vertelde mijn zegsman. De productie kan dan straks met 50% omhoog. Het aspect van effecten op het klimaat komt daarbij minder aan de orde.

woensdag 2 februari 2011

Keuzestress bij de NS

Gistermiddag even naar Brussel voor een overleg. En wat blijkt: de NS serveert nu twee soorten koffie in de trein: Columbiaans en Italiaans. Wie om een kopje koffie vraagt krijgt nu dus de vraag welke. Wat weer tot een vraag van de reiziger leidt naar het verschil. Bij elke stoel opnieuw. Typisch geval van keuzestress, zo leek me.
Maar het blijkt een innovatie: Starbucks is ingehuurd om het assortiment te verrijken (en een deel van de toegevoegde waarde af te romen). Op de terugweg even aan de serveerder gevraagd wat hij er van vindt: betere koffie maar vervelend voor de Cappucino klanten, want daar is Starbucks nog niet uit. Wordt aan gewerkt.
Andere innovatie: kleine zakjes suiker van Starbucks. Zal wel tegen de obesitas zijn. Maar het effect is dat je er twee neemt, zodat wellicht het omgekeerde wordt bereikt.
Al met al toch een mooie ontwikkeling dat er ook in de kleine dingen in de trein innovatie is.


dinsdag 1 februari 2011

innovatief ideetje?

Of het in Nederland ook werkt durf ik niet te garanderen maar in de VS is er een interensante innovatie in de horeca: het vrachtautorestaurant. Niet zozeer een restaurant van of voor truckers, maar een restaurant vanuit een vrachtauto.
In verschillende steden duiken mobiele restaurants op: de chef kookt in een grote truck, niet alleen snacks maar complete maaltijden. Die kunnen dan op straat of aan de picknick bank worden genuttigd, of meegenomen.
Een voordeel van het systeem is dat de vrachtauto's daar naar toe kunnen waar de mensen op dat moment zijn. En velen laten dat via Twitter weten, zodat ze ook nog vaste klanten die bereid zijn wat om te rijden, naar zich toe trekken. Er is ook al een bedrijf dat vrachtauto's verhuurt aan ondernemende chefs, zodat de instapkosten maar 15.000 dollar hoeven te zijn.
Vanzelfsprekend ingegeven door de crisis, en het leidt tot anti- en pro wetgeving van steden over waar de trucks mogen staan.

Ontleend aan The Economist, The world in 2011: Trucking delicious.