Op de (eigen) foto een Australisch Black Angus stiertje dat speciaal voor de Europese markt wordt gefokt en daarmee extra administratieve lasten heeft. Maar de Australische eigenaar vond dat prima: het wordt goed betaald.
weblog over de toekomst van de Nederlandse landbouw en het platteland. Gemotiveerd vanuit het werk als econoom, de nevenfuncties als bestuurder en de woonomgeving van de moderator, maar als persoonlijke stellingname geheel buiten de verantwoordelijkheid van mijn werkgevers - zoals het hoort bij een weblog.
zondag 31 december 2006
Oudjaars worst
Op de (eigen) foto een Australisch Black Angus stiertje dat speciaal voor de Europese markt wordt gefokt en daarmee extra administratieve lasten heeft. Maar de Australische eigenaar vond dat prima: het wordt goed betaald.
zaterdag 30 december 2006
Groeten uit Grolloo
Dirk is een goed observator en bovenal goed in beelden en one-liners. Met plezier citeer ik hem nog wel eens bij lezingen als het gaat om de vermeende slechte bereikbaarheid van het platteland: je kunt bent sneller in het ziekenhuis in Drente, dan tijdens de spits in Pijnacker.
In zijn oratie wijst hij erop dat het platteland veel sneller verandert dan de binnensteden. Zo ziet de binnenstad van Groningen er nog vrijwel net zo uit als honderd jaar geleden, maar dat kun je van Grolloo niet zeggen. Dat kende ontwikkeling van woeste grond, ruilverkaveling, de introductie van snijmais, natuurontwikkeling. Komt omdat hoogwaardige (dure) gebieden geen ontwikkeling behoeven, c.q. duur zijn om van bestemming te veranderen. Buitengebied is goedkoop en zet je dus voor minder geld op zijn kop. Ook in steden zie je dat een gebied vaak eerst moet verloederen en in waarde dalen (oude havens, verkrotte woonwijken) voor er wat gebeurt.
Grolloo wordt zo wel populair in de plattelandsliteratuur. Pakweg anderhalf jaar geleden publiceerde Cock Hazeu in de laatste uitgave van SPIL ook al over Grolloo. Althans hij nam mijn suggestie over van de titel 'Groeten uit Grolloo'. We kwamen daarop omdat in het concept een gedocumenteerde ervaring uit de jaren 50 stond: een bus toeristen uit Grolloo ging een paar dagen naar Luxemburg maar durfde daar nauwelijks de bus uit. Zo geisoleerd was platteland toen nog - nu is het geintegreerd en kent het nauwelijks aparte problemen was de strekking van het verhaal.Ik vond dat wel een herkenbare ervaring. Rond 1960 zat ik in Oud-Vossemeer op een lagere school die dichter bij Antwerpen dan Rotterdam lag, dus in de tweede klas ging je naar het buitenland op schoolreisje (in de eerste naar de Efteling). We kwamen wel in de speeltuin maar het uitgeven van de franken aan een ijsje leek me als kind te spannend of te lastig - alle geld kwam weer mee terug.
Overigens eindigt Dirk Strijker zijn oratie natuurlijk niet in Groningen maar in de Veenkolonien en de vraag waarom dit laagwaardige gebied dan niet verandert zoals Grolloo. Lang waren de vaarwegen met hun lintbebouwing de optimale inrichtingsvariant. Dat werd een nadeel en na de ruilverkavelingen liggen er nu goede wegen. Maar het blijft tobben met het gebied.
Eerst hebben we geprobeerd er met Philips en de Rijksdienst voor het wegverkeer werk naar toe te brengen, zodat mensen konden blijven of ook konden komen. Beklijft maar matig. Vervolgens wordt geprobeerd mensen te trekken met bv. de Blauwe stad. Sommigen denken dat ook een Zuiderzeelijn zou helpen (kun je vanuit het Noorden in Amsterdam werken zonder er te wonen - maar er zijn ook gebieden die leeggelopen zijn toen ze ontsloten werden). En dan is er nog een community ontwikkelingsmodel, dat vooral probeert het gebied uit eigen kracht te ontwikkelen.
En misschien - zo voeg ik toe- moet je er geen probleem van maken en kijken we wellicht op te korte tijdschaal. Over 50 jaar vindt men het een mooi leeg gebied met vergelijkbare kwaliteit als andere lege gebieden. En wil men er ineens wel wonen. Dat aantrekkelijkheid voor wonen in toenemende mate de economische omvang van een gebied bepaalt, is ook duidelijk.
Verder luisteren we verder naar de Top2000 met de Groeten uit Grolloo van Harry Muskee's Cuby & the Blizzards.
Op de foto een poster van Joris Driepinter, vandaag poster van de dag op www.reclemearsenaal.nl. Aanbevolen
donderdag 28 december 2006
Erven van de toekomst
Overigens blijkt ook uit Erven van de toekomst weer dat op een punt de Belgische landbouw blijft afwijken van de Nederlandse: die van boekhouding. In Belgie is een boer nog steeds niet verplicht om voor de inkomstenbelasting een boekhouding bij te houden. Het Belgische LEI, dat CLE heette, heeft dan ook geen gegevens over betaalde belastingen en besteedbaar inkomen van boeren en kan dus maar lastig uitspraken doen over eventuele armoede situaties. Stedula heeft zich er ook niet aan gewaagd en rept over een politiek gevoelig onderwerp. Het lijkt me de economische en sociale duurzaamheid bevorderen als we daar net als in veel andere landen inzicht in zouden krijgen en Vlaamse boeren ook gewoon inkomstenbelasting op basis van werkelijke in plaats van forfaitaire inkomens gaan betalen. Boeren zouden er zelf ook wat aan hebben, want uit een analyse blijkt dat het aantal jaren dat een bedrijf mee doet aan het boekdhoudnet van CLE (en dus werkelijke cijfers onder ogen krijgt) een positieve invloed heeft op het economisch functioneren. In Nederland vindt je dat effect niet meer.
Steunpunt Duurzame Landbouw: Erven van de toekomst – over duurzame landbouw in Vlaanderen. Gontrode, Belgie; 2006
Op de (eigen) foto: een typisch Hollands landschap: de Linge bij Leerdam
woensdag 27 december 2006
ontwikkelen of ontwerpen
dinsdag 26 december 2006
lijstje aankoopmotieven bio
Intussen zochten mijn collega's bij het LEI uit waarom mensen selectief wel kopen, en dan met name biologische producten. Belangrijke aankoopreden voor biologische producten zijn:
- lekker
- gezond
- hoge kwaliteit
- koop het meestal
- goed voor het milieu
wat niet veel afwijkt van die voor gangbare producten:
- lekker
- vers
- koop het meestal
- gezond
- hoge kwaliteit
Geen wonder dat mensen het bio product laten liggen als het veel duurder is.
W.H.M. Baltussen et al: Een biologische prijsexperiment - grenzen in zicht?, LEI Den Haag, 2006
lijstje: ontwerp je landschap

In de geest van de beste Nederlandse ingenieurstradities kun je nu je eigen landschap ontwerpen. Althans op de site www.daarmoetikzijn.nl kun je kenmerken van landschappen opgeven en dan zoekt de computer van de Alterra collega's er een bestaand landschap bij. Handig voor de kerstwandeling of de verhuizing. En voor de projectontwikkelaars.
Hiernaast mijn kaartje met typisch open agarisch landschap als resultaat. Raar overigens dat Flevoland niet beter scoort, zal wel door mijn eisen aan horizonvervuiling en geluidsoverlast komen, of de wens tot 5% sloten en water.
Maar de winnaar is Appelscha, zo meldt het Wageningen blaadje Resource. De top 5 van meest populaire landschappen:
- Rond Appelscha
- Rond Dwingeloo
- De Weerribben
- Rond Harskamp
- Terschelling
En de 5 minst populaire:
- Rond Amsterdam
- Zuidelijk deel Groene Hart
- Rond Leeuwarden
- Rond Sittard Geleen
- Knooppunt Arnhem-Nijmegen
zaterdag 23 december 2006
Lijstje: foute kerst
- foie gras (dwangvoedering met buis in strot),
- varkensvlees (van onverdoofd gecastreerde biggen),
- blank kalfsvlees (van kalf met bloedarmoede om vlees blank te houden),
- vis (die veelal levend van ingewanden wordt ontdaan; ‘gekaakt’),
- kip (is een plofkuiken die op slachtleeftijd van 6 weken 2 ½ kilo weegt),
- kalkoenfilet (van kalkoen met gewrichtsproblemen door snelle groei),
- eend (met duizenden in stallen zonder badwater),
- biefstuk (van rund in stal op betonvloer),
- konijn (uit draadgazen kooi, soort legbatterij voor konijnen) en
- reebout (uit bos geschoten).
Een van de meest onderschatte trends van deze tijd is de opwaardering van het dier, zo las ik elders. Het begon bij Darwin die liet zien dat de mens ook maar een onderdeel is van de Schepping. Laatste jaren wordt steeds duidelijker dat menselijk gedrag ook een sterk fysieke (hersen-gerelateerde) achtergrond heeft. Het leerstuk van de 'vrije wil' kraakt, zo meldt The Economist in haar kersteditie. Veel diersoorten blijken menselijk gedrag te vertonen, en zijn intelligenter dan we dachten. Deze trend stopt dus niet bij de kamerzetels voor de Partij voor de Dieren.
Ik wens u een prettige en smakelijke kerst.
woensdag 20 december 2006
inkomens goed genoeg voor discussie
Een collega stelde gisteren onder de oesters van de kerstborrel nog voor om bij dit soort ontwikkelingen wat meer superlatieven te gebruiken omdat goed nieuws altijd wat minder aandacht trekt dan slecht nieuws. Maar ook zonder dat kun je commentaar verwachten.
Dat kwam vanmiddag al op een onverwacht moment. Ik bezocht met mijn schoonvader het kerstdiner van zijn zorginstelling in Dronten en kwam er tot mijn verrassing een oude bekende tegen uit mijn plattelandsjongerenverleden in dezelfde regio. Ze is nu akkerbouwster en liet weten zich wel aan dit onderzoek te hebben gestoord. Bijna LTO gebeld. Ze kon zich wel in het resultaat herkennen maar was bang dat nu bij consumenten het beeld ontstaat dat boeren van hen profiteren. Mijn repliek is dat wil je geloofwaardig blijven als sector (en onderzoeker) je niet alleen slechte resultaten kunt melden. Als het weer beter gaat moet ook dat gemeld. Anders hoef je ook geen brand meer te roepen als het slecht gaat. En de consument weet al lang dat de prijs van zijn frietjes niet zozeer van de aardappelen afhangt maar ook van de energieprijs en bovenal de loonkosten. En hij eet er geen portie frites minder bij. Eens zijn we het geloof ik niet geworden, maar het diner en het weerzien waren er niet minder hartelijk onder.
En verder moet de visquota weer worden vastgesteld, dat heeft zin nu er nog vis is. Maar het is niet makkelijk met de lage inkomens in de visserij. Daarover (commercial!) verscheen mede van mijn hand net een artikel in EuroChoices. Ter inspiratie voor de onderhandelaars op de foto een experimentele IJslandse viskwekerij.
dinsdag 19 december 2006
you
En nu maar hopen dat het niet zo gaat zoals bij menig CEO die tot manager van het jaar wordt uitverkozen, of de bedrijven die in de schijnwerpers worden gezet als zijnde excellent. Dat zijn meestal de betere verkooptips voor de aandelenmarkt: als een bedrijf aangeprezen wordt door de taxichauffeur of onder de thee door je schoonmoeder, dan is er sprake van een strong sell.
Vanuit deze bescheiden wetenschap blogt de internetcommunity verder - met dank aan Time.
maandag 18 december 2006
onduurzaamheid
, althans zoals samengevat in de agrarische pers, weinig tegenkwam. Vorige week discussieerden we in Wageningen over transities en leerprocessen in de samenleving. Ik hield er de notie aan over dat 'onduurzaamheid' in de landbouw of visserij vooral veroorzaakt wordt door het feit dat de koppeling met de rest van de samenleving deels verbroken is. En dan bedoel ik niet in termen van materiaalstromen, maar in feed back mechanismes: burgers vinden dat zaken in de sector niet kunnen, maar het ontbreekt aan informatiestromen en prikkels om dat ook door te laten klinken. En zo kan het ontsporen op een overmaat van negatieve externe effecten.Wat dan opvalt, is dat we in onderzoek en beleid weinig aandacht geven aan hoe je die koppelingen weer aanbrengt. We richten ons op technische oplossingen of aan het bij elkaar brengen van wetenschappers van diverse pluimage om zo multidisciplinair met een nieuwe oplossing te komen - en zo te leren hoe de kennisinfrastructuur anders moet. Maar echt ingrijpen op feed back loops is blijkbaar lastig.
Mogelijk komt dat omdat in sommige situaties veel mensen een beetje last hebben van een negatief effect als milieuvervuiling of dieronwelzijn, maar dat bij maatregelen een kleine groep boeren een groot effect voelt. Liever proberen we dan positieve feed back, zoals het stimuleren van biologische producten. Dat valt ook al niet mee, blijkt uit een onderzoek dat mijn collega's vandaag in Nieuwspoort aan Minster Veerman aanboden. Men let vooral op lekker en gezond en wil maar een beetje extra betalen.
Op de (eigen) foto een onduurzaam landschap van lava op IJsland: ooit vervalt dit tot vruchtbare grond.
zondag 17 december 2006
suikerquotum kopen?
Een economisch probleem goed stellen is niet altijd even eenvoudig. Neem nu de vraag of je suikerquotum moet bijkopen. Deze week viel er een brief van Cosun, de cooperatieve suikerfabriek in de bus met de vraag of we wat suikerquotum wilden bijkopen. De Europese Unie begint dat quotum als het ware verhandelbaar te maken binnen de EU: fabrieken die er mee willen stoppen, nu de beschermde europese prijzen dalen naar het stijgende wereldmarkt niveau, kun quotum aan de EU verkopen, en wie daar wat van wil kopen kan zich ook in Brussel melden. Dat heeft de Nederlandse industrie gedaan, en die biedt nu de Nederlandse telers aan hun quotum te vergroten met een aantal procenten. Kosten: 35 cent per kg.Een voorman van de Nederlandse bietenindustrie stelt in het Agrarisch Dagblad van 14 december dat telers moeten aankopen. Zijn argument is dat er komende jaren een korting op de quota in het verschiet ligt, waardoor je minder zou mogen gaan telen. Als je dan nu alvast bijkoopt, kun je je areaal gelijk houden en hoef je niet naar laagwaardiger producten over te schakelen. Een door het blad geinterviewde teler uit Friesland twijfelt hardop: "stel ik neem 7% en er komt een korting die net zo groot is, dan ben ik het meteen weer kwijt. Investeer ik niet, dan verlies ik het dubbele".
Het is de formulering van het probleem als een soort prisoners dilemma. In dit geval onnodig ingewikkeld. Ik heb even op de web site van de Limburge bietentelersvereniging COVAS gekeken. Die verhandelen al jaren onderling quotum, en de laatste prijsnotering is 50 cent per kg. Als individuele teler hoef je dus alleen maar die 35 en 50 cent te vergelijken. Moeilijker moet je het niet maken. En dus lijkt het simpele advies: bijkopen. Of er nu kortingen komen of niet.
Tenzij je je zorgen maakt dat er zoveel quotum nationaal beschikbaar komt dat daardoor de nationale prijs zakt. En wie denkt dat hij de waarde van 50 cent komende jaren niet terugverdient, moet onmiddelijk zijn hele quotum verkopen.
Op de foto een deel van een rietsuikerfabriek in Australie.
vrijdag 15 december 2006
juridische zaken
Een juridisch dagje vandaag. Vanochtend zat ik met een groep boeren bijeen om een kavelruil te bespreken. Het was een mooie illustratie van het feit dat administratieve lasten niet alleen komen uit wetgeving, maar vooral uit wijziging van de wetgeving. Subsidies op kavelruil komen nu nog van DLG en per 1 januari krijgen we de Wet ILG die door provincies wordt uitgevoerd. Dus doet zich de vraag voor of je iets met haast en kans op fouten in het oude systeem moet afhandelen, of dat de nieuwe regeling aantrekkelijk is en of de overgang tussen de wetten wel goed geregeld is. We lijken er bevredigend uitgekomen, en het is leerzaam om weer eens te zien hoe dit werkt en wat zo'n wijziging aan effecten en gedrag oproept.Vanmiddag bezocht ik een deeltje van het symposium van de vakgroep Recht en bestuur (v/h Agrarisch Recht) van Wageningen, die in zijn huidige vorm 25 jaar bestaat (maar al 70 jarige wortels heeft). Er was een interessante discussie over GMO's, waarover iemand opmerkte dat de rechtsvorm van een patent maar matig geschikt is voor GMO's. Het suggereert dat je over zo'n uitvinding de volledige controle hebt, maar GMO's 'ontsnappen' in het veld. En als dan in het zaad van de buren GMO wordt aangetroffen loopt zo'n boer de kans op een proces wegens diefstal of patent fraude. Maar als dat een biologische teler is die schade heeft van het ontsnappen, dan is de patent-eigenaar ineens niet aansprakelijk. Je kunt je wel af vragen of dat nou zo fraai geregeld is.
En verder leerde ik dat de betrokken vakgroep uniek is in kennis over 'legal pluralism': het feit dat rechtsystemen naast elkaar kunnen bestaan en dat mensen zelfs kunnen kiezen: staatsrecht, contractrecht naar Nederlands of naar Amerikaans recht. De onderzoekstraditie gaat terug op onderzoek naar dit verschijnsel in de oude kolonie Indie, waar Nederlands koloniaal recht, adat en islamitisch en hindu familierecht naast elkaar bestaan of door elkaar heen liepen. Door de globalisering heeft deze kennis nu hele nieuwe toepassingen, juist ook in de westerse wereld. Alweer een voorbeeld waaruit blijkt dat onderzoek in ontwikkelingslanden betekenis heeft voor de Nederlandse context.
donderdag 14 december 2006
MKB in Markelo
Politiek is ook een kwestie van presentatie en stemmingmakerij. Ook dat illustreert de Markelo case waarover ik gisterend blogde. De organisatie van de betrokken varkenshouders presenteert zich zonder dikdoenerij als 'Gezinsbedrijven Plus'. Waar dat Plus op slaat is niet erg duidelijk. Het gaat om bedrijven met 350 zeugen en 2500 mestvarkens zo meldt de krant, ofwel anderhalve arbeidskracht. Een glastuinbouwbedrijf van die omvang zou niet levensvatbaar zijn.Een VVD politicus uit de groep tegenstanders ziet er echter een kolchoze in: "we hebben de kolchozen bij het vallen van de muur net afgebroken, dan moet je ze niet meer opbouwen", zo citeert de NRC Gert Jan Oplaat. Als econoom zet ik toch wat kritische kanttekeningen bij het hanteren van het begrip kolchoze. Volgens Van Dale staat dat voor een groot collectief landbouwbedrijf gekenmerkt door een combinatie van gemeenschappelijke en persoonlijke eigendom en gebruiksrecht. Het is de vraag of er wel sprake is van een groot collectief bedrijf. Het lijkt me even groot en collectief als de meubelboulevard Alexandrium III in Rotterdam of de eerste de beste autoboulevard. Misschien moeten we daar voortaan ook van meubel- of autokolchoze spreken?
Conclusie: de gezinsbedrijven worden door hun omvang niet meer herkent als specifiek gezinsbedrijf in de landbouw, en worden vanaf nu gewoon tot het MKB (Midden- en Kleinbedrijf) gerekend.
woensdag 13 december 2006
Nimby in Markelo
Het leek zo'n leuk idee: je haalt vervuilende en storende vormen van (intensieve) landbouw weg waar ze ongewenst zijn, je hebt multifuncitonele gebieden waar prettige vormen van landbouw gemengd worden met natuur, recreatie en wonen, en je maakt agrarische productiegebieden. Die laatste hebben dan soms het karakter van een agrarisch industrieterrein - en daar zit de achilleshiel van het reconstructie-idee. Want wat op papier in de Tweede Kamer nog een aardige (re)constructie lijkt, loopt spaak op het NIMBY effect in de realiteit van de locale politiek: alles best maar Not In My Back Yard.Na Nederweert is Markelo het recentste slagveld, zo meldde gisteren het avondblad. Daar willen zes varkenshouders hun bedrijven clusteren op 25 ha die ze alvast hebben gekocht. Ze hebben de medewerking van allerlei overheden, maar niet van hun collega-boeren. Die vrezen dat ze zelf nu in de toekomst minder kunnen groeien, klagen over oneeerlijke concurrentie of over hun uitzicht als plattelandsbewoner. Onder de tegenstanders zelfs een collega-pluimveehouder die tot voor kort lid was van de VVD Tweede Kamerfractie, niet bepaald een club die de landbouw naar het leven staat.
De situatie illustreert dat ook boeren elkaar tegenwoordig als concurrenten behandelen, en dat de eigendomsrechten aan het uithollen zijn. Denk je 25 ha grond en vergunningen te hebben (of te krijgen), maar blijken ook de buren 'eigendomsrechten' op de ontwikkeling van je grondbezit te hebben. Als dit zo door zet, dan verdwijnt of het deel van de intensieve veehouderij dat wel moet maar niet mag verplaatsen, of het wordt zaak de intensieve veehouderij locatie maar echt als een industrieterrein te zien: met projectontwikkelaars die eerst voor veel geld grond kopen en het bestemmingsplan laten aanpassen of als varkensflat op een haventerrein. Veel NIMBY-actievoerders zijn in hun denken blijkbaar al zover.
dinsdag 12 december 2006
discussieforum
http://worldtradelaw.typepad.com/ielpblog/2006/12/food_for_though.html
http://benambra.org/benambra/?q=node/748
http://usfoodpolicy.blogspot.com/2006/12/nonsense-from-economist-buy-organic.html