Het was deze week stil op de blog, ik zat in Brussel en in Athene voor een projectvergadering. Terwijl het in Nederland nog sneeuwde lunchten we op het dakterras bij 20 graden.
Voordeel van twee avonden vliegen met een tussenstop in sorteerdozen als Munchen en Zurich is wel dat je weer bij bent met de internationale pers. De International Herald Tribune van dinsdag 19 maart drukte -zoals het een kloon betaamt- een boekrecensie uit de NY Times af met de titel "How food companies use science to snare".
Gaat over een dik boek van Michael Moss: "Salt Suger Fat - how the food giants hooked us". Daarin worden dus klappen uitgedeeld. Moss is ooit beroemd geworden met het ons vertrouwd maken met Pink Slime, het vleesachtige spul dat van botten wordt geschraapt en ook in de hamburgers van een bekende keten bleek op te duiken.
De recensie valt positief uit. Ik leerde eruit dat soft drinks een 'bliss point' hebben, dat eigenlijk een bliss spectrum is, dat het optimale suikerniveau aangeeft. En het boek legt de nadruk op het feit dat gewone mensen voor hun werk zulke zaken wetenschappelijk optimaliseren.
Wie uit zulke boeken afleidt dat het allemaal wat romantischer in de landbouw moet, met de koe in de Alpenwei, moet vooral de Suddeutsche Zeitung van dezelfde dag lezen. Onder de titel Albtraum am Alpenrad doet de krant uitgebreid verslag van de runder-tbc die heerst in het gebied langs de Oostenrijkse grens, van Lindau to Berchtesgarden. Intussen staat vast dat het uit rood-wild (herten) komt. Er wordt veel geld besteed aan het testen van rundvee. Zo'n 100.000 dieren, en in een tussenstand blijkt eenvijfde besmet. 530 zijn er al afgemaakt, vlees vernietigt.
Koe in de wei is hier een nieuwe zorg: ook voorgaande jaren waren verschillende stallen tbc-vrij, tot de koeien op de alm weer met herten in contact kwamen. Jagers hebben nu opdracht om die herten populatie vergaand af te schieten, maar dat is bij de jagers geen populaire maatregel en ze halen dan ook hun quotum niet. Waarbij zich ook ethische vragen voordoen, zoals de vraag of je herten in hun winterbeschutting mag schieten.
Dezelfde krant herinnert ook nog even aan het feit dat het internet, en in het bijzonder het Internet of Things in 1991 op Carnegie Mellon in Pittsburg begon met het commando "finger coke@ca.cmu.edu". Het finger commando bestond al langer (op DEC machines) maar het nieuwe was (vollgens een internetbron overigens al in de 70er jaren) dat men de computer verbond met een coca cola frisdrank automaat zodat men vanaf het bureau kon zien of het apparaat nog flesje van de gewenste smaak bevatte.
Mooie reislectuur op weg naar een vergadering van SmartAgrifood over gebruik van ICT in de voedingsketen. Onder andere om paardenvlees te traceren en boer en consument weer met elkaar te verbinden. Met een equivalent van het finger commando kunnen we straks zien of de bergkoe nog in de buurt van de tbc-herten is geweest.
weblog over de toekomst van de Nederlandse landbouw en het platteland. Gemotiveerd vanuit het werk als econoom, de nevenfuncties als bestuurder en de woonomgeving van de moderator, maar als persoonlijke stellingname geheel buiten de verantwoordelijkheid van mijn werkgevers - zoals het hoort bij een weblog.
vrijdag 22 maart 2013
maandag 18 maart 2013
terug uit Brussel
Ik volsta even met mijn dagnotitie op LinkedIn:
was in Brussels today and enjoyed drinks and a talk organised at the Landbouwborrel by MP ms. Esther de Lange. The European CAP is not very European for a farmer farming in the Netherlands as well in Germany, we learned: borders are still too real. And diversification rules will lead to administrative land arrangements of which only accountants benefit: specialisation is a strong force in the economy.
was in Brussels today and enjoyed drinks and a talk organised at the Landbouwborrel by MP ms. Esther de Lange. The European CAP is not very European for a farmer farming in the Netherlands as well in Germany, we learned: borders are still too real. And diversification rules will lead to administrative land arrangements of which only accountants benefit: specialisation is a strong force in the economy.
zondag 17 maart 2013
energietransitie
Het wetenschapskatern van de NRC van dit weekend duikt weer eens in de energietransitie - naar aanleiding van een TNO studie die stelt dat afkicken van fossiel in dit land maar niet lukt. Dat levert een paar inzichten op die ik voor mezelf maar eens even documenteer.
Utrecht hoogleraar Marko Hekkert wijst nog eens op het bekende political economy mechanisme dat de huidige bedrijven lobbyen voor goedkope (fossiele) brandstof. De aardoliemaatschappijen, chemie, energiebedrijven, de tuinbouw: ze willen bij hun businessmodel blijven. Zijn PhD's kunnen het maar lastig aantonen en een topambtenaar van I&M ontkent het, maar het argument is eerder ook in de NWO transitiestudies geopperd. Complotten en obstructies zullen het niet zijn, maar het zou raar zijn als gezond pleiten voor eigenbelang niet plaats vindt in de nederlandse polder.
Ámsterdams milieu-econoom Jeroen van den Bergh laat een aantal simpele economische mechanismes noteren die vaak vergeten worden. Zoals het rebound effect bij bv. zuiniger auto's, waarmee we verder gaan rijden. De zuinige ledlampjes die ons verleiden de tuinverlichting de halve winter aan te zetten. De snellere treinverbinding waarmee mensen verder van hun werk gaan wonen (de voorbeelden zijn van mij, niet van Van den Bergh)
En wie duurzame energie stimuleert, vergroot het aanbod, waardoor de prijs van energie daalt en er dus meer (juist ook fossiel) gebruikt wordt. Van de lagere energieprijs voor duurzame energie gaat ook een prikkel uit om de voorraden fosiel versneld op te pompen met als gevolg overaanbod, dalende prijzen en toenemende vraag (de zgn. groene paradox).
Hekkert wijst nog op de creatieve destructie, die vooral van nieuwe spelers zal komen. De smart grids en intenethandel in je eigen zonne-energie bijvoorbeeld, zo constateerde the Economist vorige week nog in een stuk over de sharing economy..
En zo lijken de ontwikkelingen in de energie zeer lastig te voorspellen. Schaliegas dat de prijzen naar beneden drijft en ons overspoelt met goedkope Ameerikaanse kolen, opvattingen over kernenergie, mogelijke vondsten in de Noordpool of Groenland, creative destruction van nieuwe spelers, de onvoorspelbaarheid lijkt me groot.
NRC: Hoe Nederland kan afkicken van olie en gas, 16.3.2013
Utrecht hoogleraar Marko Hekkert wijst nog eens op het bekende political economy mechanisme dat de huidige bedrijven lobbyen voor goedkope (fossiele) brandstof. De aardoliemaatschappijen, chemie, energiebedrijven, de tuinbouw: ze willen bij hun businessmodel blijven. Zijn PhD's kunnen het maar lastig aantonen en een topambtenaar van I&M ontkent het, maar het argument is eerder ook in de NWO transitiestudies geopperd. Complotten en obstructies zullen het niet zijn, maar het zou raar zijn als gezond pleiten voor eigenbelang niet plaats vindt in de nederlandse polder.Ámsterdams milieu-econoom Jeroen van den Bergh laat een aantal simpele economische mechanismes noteren die vaak vergeten worden. Zoals het rebound effect bij bv. zuiniger auto's, waarmee we verder gaan rijden. De zuinige ledlampjes die ons verleiden de tuinverlichting de halve winter aan te zetten. De snellere treinverbinding waarmee mensen verder van hun werk gaan wonen (de voorbeelden zijn van mij, niet van Van den Bergh)
En wie duurzame energie stimuleert, vergroot het aanbod, waardoor de prijs van energie daalt en er dus meer (juist ook fossiel) gebruikt wordt. Van de lagere energieprijs voor duurzame energie gaat ook een prikkel uit om de voorraden fosiel versneld op te pompen met als gevolg overaanbod, dalende prijzen en toenemende vraag (de zgn. groene paradox).
Hekkert wijst nog op de creatieve destructie, die vooral van nieuwe spelers zal komen. De smart grids en intenethandel in je eigen zonne-energie bijvoorbeeld, zo constateerde the Economist vorige week nog in een stuk over de sharing economy..
En zo lijken de ontwikkelingen in de energie zeer lastig te voorspellen. Schaliegas dat de prijzen naar beneden drijft en ons overspoelt met goedkope Ameerikaanse kolen, opvattingen over kernenergie, mogelijke vondsten in de Noordpool of Groenland, creative destruction van nieuwe spelers, de onvoorspelbaarheid lijkt me groot.
NRC: Hoe Nederland kan afkicken van olie en gas, 16.3.2013
zaterdag 16 maart 2013
Lijstje: globarisering exit?
| Tot stilstand gekomen suikerriet crushers op Marienburg, SU |
Globalisering in de wetenschap en kennis dus. Vorige week melde het Zwitserse KOF (een onderzoeksclub van ETH in Zurich) dat de globalisering niet meer toeneemt. Al een paar jaar is de mate van globalisering in de wereld stabiel. Op hun website staat niet alleen een mooie grafiek, maar ook een leuke kaart (onder maps) waar je goed kunt zien hoe in de afgelopen decennia de globalisering van de Afrikaanse landen is toegenomen. Dan hier nog even de top-3 van meest geglobaliseerde landen:
1. Belgie
2. Ierland
3. Nederland
Sterke stijgers in het afgelopen jaar: Lesotho en de Dominicaanse Republiek. Sterkste daler: Samoa, nu op plaats 135. Onderaan op 187 bungelt Oost-Timor. En daarna volgen nog een stuk op 20 niet geclassificeerde landen, waaronder de Nederlandse Antillen.
donderdag 14 maart 2013
lijstje: de ATNI
| cashewnootjes in the making |
Nieuw beeld sinds afgelopen maand is de economische voedselfraude: het omkatten van paardenvlees of gangbare naar biologische eieren: je krijgt er niets van maar je krijgt ook niets van wat je bestelt.
Hier ligt een overheidstaak, zo constateerde de Tweede Kamer vandaag, maar, zo meldden Wageningse collega's in de NRC, ook het bedrijfsleven heeft hier een grote rol. Die controleren meer en beter dan de overheid schreef iemand.
Het komt dus aan op food and nutrition governance binnen de bedrijven. En laat er nu net deze week ook een rating-agency opgestaan te zijn die bedrijven o.a. hierop beoordeelt: er is een nieuwe index, zo lees ik in de NRC: de Access To Nutrition Index, de ATNI. Mede gefinancieerd door de Bill and Melinda Gates Foundation.
Ik heb eens even de website bekeken. Naast de governance kijken ze o.a. naar de voedingswaarde van producten, naar de labelling, naar de prijs (is het betaalbaar in arme landen), naar het lobby-gedrag, het ondersteunen van gezonde lifestyles en nog wat zaken.
In de overall rating scoren de bedrijven nauwelijks voldoende, en hier is de voor kenners weinig verrassende top 5 (de top 3 had ik wel kunnen voorspellen):
1. Danone
2. Unilever
3. Nestle
4. Pepsico
5. Kraft foods
En op 19 nog een Nederlands bedrijf: Friesland Campina.
Voorbeeldige website zelfs, waarin je de ranking op de onderdelen kunt bekijken en de methodologie (met al zijn subjectiviteit) kunt downloaden.
maandag 11 maart 2013
Belastingdienst innoveert
Weekendje belastingen: de IB deadline komt er weer aan. Hulde aan de ICTers van de belastingdienst, eindelijk zijn niet alleen gegevens over loon, maar ook die over eigenwoningbezit, hypotheek en bankrekeningen vooraf ingevoerd.
Prima rol-omkering: zij vullen in, wij controleren. Mooi voorbeeld ook voor de landbouwtelling: daar kunnen de oppervlaktes suikerbieten (al lang opgegeven aan Cosun) en de aantallen dieren (bekend bij I&R) ook wel vooraf ingevuld. Of doe zoals bij de volkstelling: helemaal niet meer vragen en 'synthetisch tellen'. Er zullen wel nadelen aanzitten, anders was het al verzonnen, toch?
Prima rol-omkering: zij vullen in, wij controleren. Mooi voorbeeld ook voor de landbouwtelling: daar kunnen de oppervlaktes suikerbieten (al lang opgegeven aan Cosun) en de aantallen dieren (bekend bij I&R) ook wel vooraf ingevuld. Of doe zoals bij de volkstelling: helemaal niet meer vragen en 'synthetisch tellen'. Er zullen wel nadelen aanzitten, anders was het al verzonnen, toch?
zondag 10 maart 2013
lijstje: meest innovatieve foodbedrijven
Fast Company selecteerde de meest innovatieve bedrijven ter wereld, zo leer ik uit de nieuwsbrief van AWT. And the winner is: Nike
Ze hebben ook lijstjes gemaakt per sector. Hier de voor mij volslagen onbekende top 10 uit de categorie food:
1. Sodastream, heeft blijkbaar doe-het-zelf als je koolzuur in je drankje wil, populair gemaakt.
2. Applebee, die met humor hun formule hebben gerevitaliseerd
3. Stonyfield farm - eco joghurt en meer
4 Brightfarms, voor het idee dat je verse groenten in een urban farm op het dak van de supermarkt moet telen
5. Kind Snacks voor gezondere snacks
6. Lyfe Kitchen, een gezonde fast food keten van ex-McDonalds managers
7. Blue Print Cleanse: markt leider in koud geperst sap
8. Bon Appetit Management Co. die tools maakt waarmee je in een restaurant informatie krijgt over je maaltijd (in termen van duurzaamheid, foot print etc)
9.Copilot labs: voor software waarmee restauranthouders het succes van hun social marketing campagnes kunnen meten en aan yield management voor hun stoelen kunnen doen
10. Scan Avert: voor hun inspanning allergie informatie in de bar-code van producten op te nemen.
Veel van die initiatieven lijkt me ook in Nederland mogelijk. Misschien zijn er voor innovatoren deals te maken.
Ze hebben ook lijstjes gemaakt per sector. Hier de voor mij volslagen onbekende top 10 uit de categorie food:
1. Sodastream, heeft blijkbaar doe-het-zelf als je koolzuur in je drankje wil, populair gemaakt.
2. Applebee, die met humor hun formule hebben gerevitaliseerd
3. Stonyfield farm - eco joghurt en meer
4 Brightfarms, voor het idee dat je verse groenten in een urban farm op het dak van de supermarkt moet telen
5. Kind Snacks voor gezondere snacks
6. Lyfe Kitchen, een gezonde fast food keten van ex-McDonalds managers
7. Blue Print Cleanse: markt leider in koud geperst sap
8. Bon Appetit Management Co. die tools maakt waarmee je in een restaurant informatie krijgt over je maaltijd (in termen van duurzaamheid, foot print etc)
9.Copilot labs: voor software waarmee restauranthouders het succes van hun social marketing campagnes kunnen meten en aan yield management voor hun stoelen kunnen doen
10. Scan Avert: voor hun inspanning allergie informatie in de bar-code van producten op te nemen.
Veel van die initiatieven lijkt me ook in Nederland mogelijk. Misschien zijn er voor innovatoren deals te maken.
zaterdag 9 maart 2013
het business model van het Internet
Op basis van de wijze waarop iemand zijn mobiele telefoon heeft gebruikt (in de afgelopen tijd) kun je voorspellen waar iemand op dit moment is. In 93 van de 100 gevallen is die voorspelling goed. Een onderzoeker in Boston deed dat voor 50.000 mensen er nimmer zakte de accuratesse beneden de 80%.
Dat is de kracht van big data sets. En die betalen in feite ons internet-gebruik. Het basis business model van het huidige internet is dat (grote) bedrijven wat gratis weggeven aan ons consumenten, daarmee (zonder dat we ons daar goed rekenschap van geven) data over ons verzamelen en dat verkopen aan derden die er mee doen wat ze willen.
De vraag is of dat goed gaat. Sommige firma's willen de consument graag de eigendom teruggeven en ons de data laten beheren en zelf bepalen aan wie we dat verkopen of weggeven en daarmee bepalen wat anderen van ons mogen weten. Maar dan zullen we wel voor allerlei dienstverlening moeten gaan betalen......
Uit: The Economist: 23.2.2013 waarin twee artikeltjes staan die de feiten hierboven leverden:
Dr Seldom I presume
The price of reputation
Dat is de kracht van big data sets. En die betalen in feite ons internet-gebruik. Het basis business model van het huidige internet is dat (grote) bedrijven wat gratis weggeven aan ons consumenten, daarmee (zonder dat we ons daar goed rekenschap van geven) data over ons verzamelen en dat verkopen aan derden die er mee doen wat ze willen.
De vraag is of dat goed gaat. Sommige firma's willen de consument graag de eigendom teruggeven en ons de data laten beheren en zelf bepalen aan wie we dat verkopen of weggeven en daarmee bepalen wat anderen van ons mogen weten. Maar dan zullen we wel voor allerlei dienstverlening moeten gaan betalen......
Uit: The Economist: 23.2.2013 waarin twee artikeltjes staan die de feiten hierboven leverden:
Dr Seldom I presume
The price of reputation
vrijdag 8 maart 2013
Over de beleidsrelevantie van landbouweconomen
Een interessant paper van de Canadese collega Lars Brink. Niet omdat ik in de acknowledgements sta, maar omdat het een onderwerp is wat er toe doet: de effectiviteit van ons werk richting beleid.
donderdag 7 maart 2013
Europese Cooperaties onderzocht
Website DG Agri met eindrapprt, summary en achtergrondrapporten
Alternatief is er de
Website LEI Wageningen UR ook met 78 achtergrond rapporten
De website van DG Agri bevat ook een openbaar oordeel van de opdrachtgever over ons werk. Zouden de Nederlandse overheid en Topsectoren ook eens moeten doen in de verantwoording van het besteden van publieke middelen: per project rapporten openbaar laten maken en een appreciatie toevoegen.
woensdag 6 maart 2013
retail versus online
On-line retailers leggen heel veel vast van hun klanten. Waar ze vandaan komen, waar ze naar toegaan (wat sites betreft), hoe lang ze twijfelen etc. Supermarkten zijn nu ook bezig hun klanten meer te observeren met o.a. camerabeelden. Nog niet zozeer individuen met naam adres woonplaats maar wel qua looproutes, wat populaire schappen zijn etc. (Beveiligings)camera's en trackers van mobiele telefoon signalen zijn de favoriete tools, zo leerde ik uit The Economist (Retail Technology, 9.2.2013)
dinsdag 5 maart 2013
Mijn SmartAgriFood presentatie
Vorige week presenteerde ik ons EU project Smart Agrifood op een bijeenkomst bij het Mobile World Congress in Barcelona. Die presentatie heeft de EU keurig op video laten zetten en kun je nu op YouTube bekijken. Ik kom erin vanaf minuut 40.
Vandaag doen we het wat uitgebreider in Brussel in een stakeholder event van dit Future Internet project.
Vandaag doen we het wat uitgebreider in Brussel in een stakeholder event van dit Future Internet project.
maandag 4 maart 2013
Plantages
De laatste blogpost over Suriname (de fotootjes lopen wat langer door) staat stil bij de plantages. Suriname is / was het land van de plantages, voor suiker, koffie, cocosnoten en andere tropische producten. Wie nu over het platteland rijdt komt door dorpjes, die de plantagenamen dragen. In het Nederlands (Meerzorg, Jagtlust, Katwijk, Lust en Rust), in het Frans (door de Franse hugenoten: La Redoute, Chantillon etc) of in het Engels (door de Engelsen en Schotten vooral van rond 1800: Mary's Hope, Friendship).
Lintbebouwing met Javaanse, Creoolse (Afro-Surinaamse) en Hindostaanse huizen en Chinese supermarkten. Oorspronkelijk gebouwd voor de contractarbeiders en ex-slaven met hun eigen "kostgrondje". Bij het verlaten van de plantages zullen die grondjes wel wat uitgebreid zijn als dat voor de zelfvoorziening nodig was. Tussen / achter die dorpen hele stukken verwilderde plantages waar vooralsnog geld en management ontbreekt om op de vruchtbare zeeklei (aangevoerd door de Amazone-stroom, het water voor de kust lijkt in niets op de blauwe Caraibische zee, het is een modderstroom) de landbouw weer ter hand te nemen. Ook de kostgrondjes en kleinere boerderijen worden soms verlaten voor de welvaart van Paramaribo of de Randstad, of dienen nog slechts als woonverblijf met een bungalow betaald met inkomsten uit de stad.
Ooit waren er (rond 1750) 500 plantages. Investering 100.000 a 250.000 guldens, prijspeil 18e eeuw. Miljoenen ondernemingen dus. Gefinancierd via de Amsterdamse financiele wereld, wat bij een beurskrach in 1773 tot de eerste problemen leidde. Velen verlieten berooid de kolonie. In 1826 waren er nog 216. Een van de laatste, de suikerfabriek Marienburg, sloot in 1986.
Kapitaal was in Amsterdam goedkoop te verkrijgen (eeuwenlang de plek met de laagste rente), maar arbeid was er in Suriname te weinig. Nog steeds is Suriname met een half miljoen inwoners dun bevolkt. Lang hield men dan ook vast aan de slavernij, ook nadat de handel in slaven internationaal was afgeschaft en nadat bijvoorbeeld het buurland Brits Guyana de slavernij had opgeheven. Hun positie was natuurlijk slecht, hoewel eigenaren geen belang hadden bij hun ziekte of dood. Het hielp ook niet dat de plantage-eigenaren bij winst mooi huizen in Paramaribo bouwden zodat ze dicht bij de luxe zaten en plantage-directeuren aanstelden. Niet alleen leidde dat tot een agency-probleem (doe de directeur wel wat de eigenaar wil), maar ook werden er contracten gebruikt die de directeuren aanzetten tot korte-termijn winst, ten koste van de slaven.
En bij de afschaffing verplichtte men de slaven nog 10 jaar betaald te werken, wat hun positie soms niet verbeterde omdat de plantage geen belang meer had bij het instandhouden van de waarde van de slaaf. Daarna kwamen de contractarbeiders uit Hong Kong en uit India (voor het gemak Hindostanen genoemd, indianen waren er al), en -toen de Engelsen dat verboden- uit Java. Sommigen werden onwetend geronseld en aan boord gelokt voor een verre zeereis. Er was ook nog een mislukt experiment met Groninger en Gelderse boeren, dat niet veel meer opleverde dan de plaatsnaam Groningen.
Plantages waren dus forse investeringen. Het is een organisatievorm die werkt waar lokaal kapitaal en management voor de productie van met name exportproducten ontbreekt, In Suriname liep het uiteindelijk fout op het gebrek aan arbeid. Het wachten is op een forse opleving in de voedselprijzen en dan ligt hier nog land en volop mogelijkheden.
Bron voor historische feiten: Tessa Leuwsma: Suriname (reisgids)
Lintbebouwing met Javaanse, Creoolse (Afro-Surinaamse) en Hindostaanse huizen en Chinese supermarkten. Oorspronkelijk gebouwd voor de contractarbeiders en ex-slaven met hun eigen "kostgrondje". Bij het verlaten van de plantages zullen die grondjes wel wat uitgebreid zijn als dat voor de zelfvoorziening nodig was. Tussen / achter die dorpen hele stukken verwilderde plantages waar vooralsnog geld en management ontbreekt om op de vruchtbare zeeklei (aangevoerd door de Amazone-stroom, het water voor de kust lijkt in niets op de blauwe Caraibische zee, het is een modderstroom) de landbouw weer ter hand te nemen. Ook de kostgrondjes en kleinere boerderijen worden soms verlaten voor de welvaart van Paramaribo of de Randstad, of dienen nog slechts als woonverblijf met een bungalow betaald met inkomsten uit de stad.
| Suikerfabriek Marienburg in verval |
Kapitaal was in Amsterdam goedkoop te verkrijgen (eeuwenlang de plek met de laagste rente), maar arbeid was er in Suriname te weinig. Nog steeds is Suriname met een half miljoen inwoners dun bevolkt. Lang hield men dan ook vast aan de slavernij, ook nadat de handel in slaven internationaal was afgeschaft en nadat bijvoorbeeld het buurland Brits Guyana de slavernij had opgeheven. Hun positie was natuurlijk slecht, hoewel eigenaren geen belang hadden bij hun ziekte of dood. Het hielp ook niet dat de plantage-eigenaren bij winst mooi huizen in Paramaribo bouwden zodat ze dicht bij de luxe zaten en plantage-directeuren aanstelden. Niet alleen leidde dat tot een agency-probleem (doe de directeur wel wat de eigenaar wil), maar ook werden er contracten gebruikt die de directeuren aanzetten tot korte-termijn winst, ten koste van de slaven.
En bij de afschaffing verplichtte men de slaven nog 10 jaar betaald te werken, wat hun positie soms niet verbeterde omdat de plantage geen belang meer had bij het instandhouden van de waarde van de slaaf. Daarna kwamen de contractarbeiders uit Hong Kong en uit India (voor het gemak Hindostanen genoemd, indianen waren er al), en -toen de Engelsen dat verboden- uit Java. Sommigen werden onwetend geronseld en aan boord gelokt voor een verre zeereis. Er was ook nog een mislukt experiment met Groninger en Gelderse boeren, dat niet veel meer opleverde dan de plaatsnaam Groningen.
Plantages waren dus forse investeringen. Het is een organisatievorm die werkt waar lokaal kapitaal en management voor de productie van met name exportproducten ontbreekt, In Suriname liep het uiteindelijk fout op het gebrek aan arbeid. Het wachten is op een forse opleving in de voedselprijzen en dan ligt hier nog land en volop mogelijkheden.
Bron voor historische feiten: Tessa Leuwsma: Suriname (reisgids)
zaterdag 2 maart 2013
Wageningen is niet meer wat het was
Ik vond het interessant om rond te kijken bij de vergane glorie van SML. Voor wie de geschiedenis niet kent: na de Tweede Wereldoorlog werd een deel van de Marshall gelden gebruikt om de gemechaniseerde rijstteelt in ons overzees gebiedsdeel Suriname op te zetten. Rijstaanvoer uit Indonesie leek door de onafhankelijkheidsstrijd problematisch te kunnen worden en hier lag een gebied dat riep om inpoldering: grote goede door de Amazone-stroom aangevoerde zeeklei gebieden. Rijst werd er al door Javanen en Hindoestanen (de ex-contractarbeiders van de plantages) geteeld op de traditionele handmatige wijze.
De opkomende mechanisatie moest het probleem van de schaarste aan arbeid (waar de plantages in zekere zin aan ten onder waren gegaan, zie de blogs van eerder deze week) oplossen. In 1949 werd de SML opgericht en de inpoldering van 6000 ha ter hand genomen. De polder Wageningen met een gelijknamig dorp. Naar goed IJsselmeerpolder-model werden Nederlandse boeren geworven voor rijstbedrijven van 70 ha.
Midden in het gebied, aan de Nickerie rivier (spreek uit Nie-Keer-ie, geen variant op nicker) verrees als een soort Emmeloord het plaatsje Wageningen, waar de SML zijn hoofdkantoor met rijstinstallaties (pellerij, silo's etc) vestigde. Compleet met een hotel De Wereld (net als in Wageningen NL) voor de bezoekers van de Veluwe. Bruynzeel leverde pre-fab woningen die er nu nog volop in gebruik zijn. Kortom: een echte company town.
Wageningen SU kreeg wereldfaam vanwege de veredeling door Wageningers (NL) van rijst zodat het met een korter groeiseizoen en betere aren, opbrengsten leverde van meer dan 5 ton per ha. Ook de mechanisatie, waarbij het gewas wordt ingezaaid, bemest en bespoten door vliegtuigjes en wordt geoogst door lichte combines op rupsbanden (tracks) trok veel bekijks - en kun je ook nu nog gaan zien: de witte vliegtuigvlaggetjes voor de Surinam Sky Farmers staan netjes op de kopakkers.
Minder goed ging het met de economische kant van het project (daar zit een mooie studie in voor een student agrarische geschiedenis of bedrijfskunde: hoe is dat ontworpen, waarom liep het fout?): De 70 ha bedrijven bleken bij tegenvallende wereldmarktprijzen helemaal niet optimaal. Veel boeren vertrokken - verschillende van die families heb ik in de jaren 60 leren kennen in Flevoland, waar het ze veel beter af ging. Als een soort Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders nam SLM vanaf 1956 alle grond in eigen beheer en ging grootschalig gemechaniseerd aan de slag. Dat bleek een zeer concurrerend model - niet tot vreugde van de kleine Hindostaanse en Javaanse gezinsbedrijven. En dat ondanks het dure kader.
| Rijst uit Wageningen |
Na 1975 werd SML een Surinaamse staatsonderneming en daarmee keerde het tij. Het werd steeds bureaucratischer en de winst ging naar de staatskas, geld voor vervangingsinvesteringen was er onvoldoende. Kleine private telers overleefden in die moeilijke jaren na de onafhankelijkheid door hun besparingen en door smokkel naar Guyana (terzijde: een vergeten Nederlandse kolonie met het stadje Amsterdam die na 200 jaar ten tijde van Napoleon overging in Engelse handen maar waar nog tot 1900 Nederlands werd gesproken). SLM kon op die manier niet 'hosselen'. Het verhaal wil dat de overheid een jaar of tien geleden de boel sloot toen er ook nog 40.000 ton rijst "kwijt" was. Een van de grootste private telers, het bedrijf Manglie, zou het probleem van een vordering van 6 miljoen op SLM hebben willen oplossen door voor 5 miljoen de hele zaak (die 11 miljoen US $ aan activa zou hebben) te kopen en daarmee te privatiseren, zo vertelde mijn gids. De regering Venetiaan ging niet akkoord, naar mij verteld werd vanwege de politieke kleur van de bieder. En zo kwam er een einde aan het roemruchte verleden van SML. Wageningse medewerkers vonden na een paar jaar werk in een 30 km verderop opgezette bananenplantage.
| Het verlopen SML complex |
Bron: onze Djoser reisbegeleider ter plekke en de reisgids van Tessa Leuwsma: Suriname. Ik houd me aanbevolen voor literatuurtips over dit fraaie staaltje Hollands Glorie in de Tropen.
vrijdag 1 maart 2013
Domburg
| Oudhollands kunstwerk in Domburg |
Al snel bleek er nog meer muziek in Domburg SU te zitten als pleisterplaats (a half-way house zeggen de Engelse zo leerde ik in het Rijksmuseum Schiphol op de heenweg, gelukkig kennen wij meer pleisterplaatsen dan halfweg). Dat komt doordat de Suriname-rivier een fors verschil tussen eb en vloed kent en het voor volle boten naar het Noorden niet mogelijk was in 1 tij Paramaribo of de zee te bereiken. Wachten in Domburg dus en daar begon (eindigde) een weg over land naar Paramaribo. Plantage-eigenaren (veelal in Paramaribo van hun rent genietend, vandaar de fraaie oude stad) en plantage-directeuren stapten hier dus over van boot naar koets.
Het Domburg SU van nu heeft ook wat (bescheiden) recreatie-activiteiten: in het weekend komt men er varen, naar een kermisje en natuurlijk eten. Maar nog niet op het niveau van Domburg NL.
Abonneren op:
Posts (Atom)