weblog over de toekomst van de Nederlandse landbouw en het platteland. Gemotiveerd vanuit het werk als econoom, de nevenfuncties als bestuurder en de woonomgeving van de moderator, maar als persoonlijke stellingname geheel buiten de verantwoordelijkheid van mijn werkgevers - zoals het hoort bij een weblog.
maandag 31 maart 2008
nu bij de Slegte
zondag 30 maart 2008
waar blijft de tijd
De overgang naar de zomertijd roept de vraag op waarom we die kosten eigenlijk maken: iedereen is weer 5 minuten bezig tijdklokken te verzetten, mensen worden uit hun ritme gehaald (gederfde levensvreugde) en soms ontstaan er ongelukken door.Om energie te besparen, de Amerikanen noemen het niet voor niets Daylight saving time. Niet dat er daglicht wordt gespaard, alleen gaat de mens er beter mee om. Nu steeds meer processen 24 uur doorgaan, is dat effect wel steeds geringer. En sommigen wijzen op een groot substitutie-effect: door de langere zomeravond gaan we eerder een avondje naar de boulevard en drinken daar uit de koelkast een roseetje, en wordt er dus per saldo misschien wel helemaal geen energie bespaard, maar extra aangewend.
Maar is er wel toegenomen levensvreugde en welvaart (ten opzichte van de variant thuis met een boek bij de schemerlamp op de bank), en als dat de kosten van de energie waard is, dan moet je wel de tijd verzetten, en is het subsititutie-effect geen argument tegen. Energiebesparen is geen doel op zich.
Stadse mensen denken nog wel eens dat het voor boeren aantrekkelijk is dat de tijd wordt verzet, maar dat betwijfel ik. Natuurprocessen en daarmee een deel van het boerenwerk onttrekken zich toch al aan de kloktijd en planten groeien niet langer en beter want -in tegenstelling tot wat de amerikanen denken- er is nog evenveel daglicht. Maar door het verzetten van de tijd worden sommige van die processen wel duurder.
Hooien en dorsen kun je pas als het product droog is en de dauw uit de velden is opgetrokken. Ook spuiten vraagt vaak om weinig wind, en wordt meer dan gemiddeld bij het vallen van de avond gedaan. De zomertijd heeft tot gevolg dat het eerder avond is, en je dus eerder in overwerktarieven van medewerkers zit. Want waar zonder zomertijd het product om 10.00 uur dorsbaar zou zijn, is dat nu 11.00 uur. En stop je niet om 21.00 uur maar 22.00 uur.
Maar ook hier geldt dat door de flexibilisering van arbeid in de 24uurs economie dat effect wellicht niet meer zo zwaar telt dan twintig jaar geleden. Eigenlijk wordt het wel eens tijd voor een studie naar de voor- en nadelen van de zomertijd.
zaterdag 29 maart 2008
onheldere wetgeving bedrijfstoeslagen
Politiek en wetgeving zijn niet altijd simpel. De globalisering is lastig voor wetgevers die alleen over de natiestaat gaan, en ook door de welvaart wordt de wereld heterogener zodat het lastiger is om het iedereen naar de zin te maken. Dan is er nog de rol van de media en incident-politiek ligt voor de hand.
Soms is de politiek daar zelf ontevreden over en schrijft een commissie weer regels voor die gehanteerd moeten worden voor nieuwe wetgeving: meer impact-analyse vooraf (leuk voor ons onderzoekers), alleen wetgeving bij gespecificieerde doelen en nog meer rationalisaties die lastig zijn bij het politieke weelen and dealen. Het rapport Dijsselbloem over wat er in ons onderwijs fout zit is een mooie recente illustratie: zakelijker wetgeving gewenst en het past een paar weken later al niet bij het gratis weggeven van schoolboeken.
Ook de mosselkwekers hebben last van onvoldoende heldere wetgeving, die de natuurorganisaties de kans geeft de vangst in de Waddenzee maar eens volledig via de Raad van State te blokkeren, om tot duidelijker beleid te komen, zo lees ik in de krant.
En zelf volg ik uit welbegrepen eigenbelang de situatie rond de eigendom van de rechten op de EU Bedrijfstoeslag. Ik blogde daar al eerder over: voor pachters is onduidelijk of ze volledig eigenaar zijn, of dat de verpachters gelijk hebben dat ze 50% van de waarde opeisen (zoals eerder bij quota). Velen in Europa denken dat het recht van de boeren is (en reageren met ongeloof als ik de Nederlandse situatie uitleg) en eerder schreef Minister Cees Veerman een brief waarin hij stelde dat het aan de onderhandelingstafel zo was afgesproken.
Maar de Nederlandse verpachters, niet in de laatste plaats trouwens ook de overheid in de vorm van het Ministerie van Financien met zijn dienst Domeinen, claimen de helft en Cees Veerman werd door een Nijmeegs jurist terecht gewezen dat de wetgeving voor Nederland (waar de pachtwetgeving een belangrijke positie inneemt, die blijkbaar niet per definitie ondergeschikt is aan ook niet geheel duidelijke EU landbouwwetgeving) dat helemaal niet zo duidelijk maakt. De rechter in Zwolle stelde in een proefproces de verpachters in het gelijk, waarna agrarisch jurist Willem Bruil voorstelde het hof in Luxemburg maar eens te gaan raadplegen.
Inmiddels is de case in hoger beroep in Arnhem, en nu heeft de huidige minister van Landbouw, Gerda Verburg, gemeend de Europese Commissie om advies te vragen. Met hun mening in de hand informeerde ze de Tweede Kamer dat haar voorganger helemaal gelijk had: het is van de boeren. Met als gevolg dat natuurlijk nu de juristen boos zijn. In het Agrarisch Dagblad van afgelopen week maakt jurist en columnist Willem Bruil duidelijk dat de wetgever zijn zaken goed moet regelen en zich niet moet bemoeien met zaken die onder de rechter zijn. Dat is in Montesquieu's Trias Politica een doodzonde. Blijkbaar had het initiatief bij de rechter moeten blijven om de Europese Commissie als getuige op te roepen. En zo blijven de boeren in onzekerheid en mogen we in Brussel blijven uitleggen dat wij het weer eens anders doen dan EU regels beogen. Een soort zelf-gecreerde derogatie.
Het goede is in ieder geval dat het standpunt van de Commissie en de Minister duidelijk en pachtersvriendelijk zijn, en dat komt me wel goed uit.
Op de foto de Dordtse gebroeders De Witt uit de tijd dat politiek en wetgeving ook al niet simpel waren
vrijdag 28 maart 2008
kom in de wereldhaven
En daar kunnen we nog wat van leren in de agrarische sector. Natuurlijk hebben we het Openluchtmuseum, Orvelte en nog wat agro-attracties, maar doen we wel genoeg?
De NRC had gisteren een mooi verhaal over haventoerisme. Er is potentieel veel belangstelling voor de haven, en de haven heeft daar belang bij, maar veel individuele bedrijven niet. Die vinden twee dagen per jaar de wereldhavendagen prima, maar verder moet er wel gewerkt worden en zijn bedrijven geen toeristische attractie: dat leidt maar af, het geeft ARBO / aansprakelijkheidsproblemen, oncontroleerbare pottenkijkers en het levert weinig op. Terwijl het Havenbedrijf ons wel zou willen kennis laten maken met exotisch fruit op de fruitterminal, sapbaar en restaurant incluis. Hier ligt dus een spanning tussen micro en macro.
Doen we het dus met dat ene weekend Kom in de Kas (volgende week weer!) in de tuinbouw en het vrijwel gelijknamige restaurant in Amsterdam nog niet zo gek, nu de intensieve veehouderij nog.
donderdag 27 maart 2008
Experimenteren met kennissystemen
woensdag 26 maart 2008
Witte Pasen en slechte statistiek
maandag 24 maart 2008
Links: Pannelldiscussies
boer en woordenboek
Eerder deze maand verscheen het Boerenwoordenboek van schrijver en woordenboekmaker Wim Daniels. Hij laat zien dat het woord 'boer' velerlei gebruik kent, naast de agrarier en de oprisping - zo begreep ik uit het Agrarisch Dagblad.
Hoewel boeren vanoudsher een lompig, althans weinig gecultiveerd intellectueel, aanzien hadden (alleen de allerslimste boerenkinderen brachten het ver, dus oververtegenwoordiging van minder slimme, harde werkers in de branche lag voor de hand) is dat aan het veranderen. Voor voetbalclub de Graafschap is het al een Geuzennaam. En volgens hetzelfde NLTaal.blog is boer in de betekenis van oprisping een klanknabootsing en daarmee een toevallig homoniem, en heeft het weinig met de vermeende lompigheid te maken.
Enfin de meest typerende 'boer' woorden zijn wat mij betreft die in samenstellingen als de wat minder verfijnde, dozen-schuivende winkeltypes als sigarenboer, computerboer e.d.
zondag 23 maart 2008
Lijstje: Romantische vleesindustrie
Enfin, voor literatuurkenner Pieter Steinz was het aanleiding een stapeltje romans op te duiken die eerdere misstanden in de vleesindustrie in beeld brengen. Daar kun je een leuk lijstje van maken:
- Upton Sinclair: The Jungle (1906) over Litouwse immigranten die in Packingtown (Chicago) niet gelukkiger worden, met 'misselijk makende beschrijvingen van de de industriele vleesverwerking'
- Ruth Ozeki: My Year of Meat (1998), een satirische roman over uitwassen in de Amerikaanse vleesindustrie
- Emile Zola: Le ventre de Paris (1873): de Parijse markthallen met "overvloed en onbehagen"
- Manon Uphoff: Vlees (1995): van een slagersdochter die vegetarier wordt
- Beate Sterchi: Bloesch (1983): Zwiterse klassieker over een koe en een gastarbeider in een boerensamenleving
- En als uitsmijter: Michel Faber: Under the Skin (2000) een science fiction verhaal over buitenaardse wezens op zoek naar mensenvlees. Het kan altijd nog erger, zullen we maar denken.
Pieter Steinz: In Fictie, NRC, 22.3.2008
zaterdag 22 maart 2008
Hoezo schaalvergroting

Google docs blijft wat moeite houden om mooie figuurtjes te generen voor weblogs, maar als je er hiernaast op klickt dan krijg je een beter image.
Het gaat hier om een opvallend lijntje: er is de nodige discussie over schaalvergroting, maar uit de CBS landbouwtelling cijfers blijkt dat het aantal bedrijven in de grootste categorie (> 150 nge voor de kenners) tussen 1990 en 1995 nog verdubbelde naar meer dan 10.000, maar sinds die tijd stabiel is. Het valt zo te zien dus wel mee met de schaalvergroting - als de cijfers de werkelijkheid goed weergeven.....
vrijdag 21 maart 2008
boeren planten bomen
donderdag 20 maart 2008
fazant zonder zuurkool
woensdag 19 maart 2008
op naar de stad

Daar wordt de wereld duurzamer van zo lijkt me - wonen in de stad gaat met minder CO2 emissie gepaard dan wonen op het platteland, zo vermoed ik. Wie kent daarvan de cijfers?
dinsdag 18 maart 2008
Lijstje: Paarden-Psychotherapie
- Een paard spiegelt emoties. Spanning bij de client is spanning bij het paard.
- Een paard snapt geen dubbele boodschappen. Een client die zegt zich prima te voelen terwijl hij gespannen is wordt betrapt door het paard als leugendetector
- Paarden oefenen een grote aantrekkingskracht uit op mensen en zeker op kinderen. Patienten verleggen daardoor eerder hun grenzen
- Het paard draagt de client en het maakt dus niet uit hoe iemand eruit ziet. Patienten voelen zich daar gemakkelijker bij dan bij een therapeut
- De driedimensionale bewegingen van het paard hebben een heilzame werking op lichaam en geest want je gaat de dialoog aan met je eigen geestelijke en lichamelijke evenwicht.
Hier ligt een markt, ook voor bedrijfsuitjes en cursussen voor managers zo lijkt me. Mij krijg je niet op zo'n beest, ik hield met een slecht evenwichtsgevoel ook al niet van zeereizen en kermisattracties, maar gelukkig voel ik me nog prima. Maar wie het eens wil proberen: paarden genoeg in dit land.
M. Snoeijen: Dokter Paard in: NRC 15.3.2008. Op de foto een oude Spaanse hacienda met paardenstallen.
maandag 17 maart 2008
Afrikaantjes
Nieuwsgierig, creatief en mouwen omhoog. Dat is de titel van een boekje dat het Ministerie van LNV enige tijd geleden uitbracht met daarin innovatieve agro-ondernemers aan het woord. Met bekende voorbeelden als de Volwaard-kip, Happy Shrimp, Insecten en de Pulskor.Er is ook een artikeltje gewijd aan het netwerk Telen met Toekomst, met daarbij de tekst: "Velden vol oranje bloemen. Wie goed oplet ziet ze steeds vaker op de akkers: Afrikaantjes. Ze symboliseren de 21e eeuwse gewasbescherming. De 'giftige' sappen in de wortels van de planten zuiveren de grond van schadelijk ongedierte. (..). Natuurlijke oplossingen in plaats van chemische".
Het herinnerde me eraan dat enkele economen al in de jaren 80 begeistert waren van Afrikaantjes - ver voor dit pleidooi uit de hoek van de plantentelers. Het waren de tijden van landbouwoverschotten en het idee van braaklegging (set aside) begon opgang te doen, maar lag politiek zeer gevoelig. Toenmalig LEI-directeur Jan de Veer stelde daarom voor een nieuwe teeltsubsidie op Afrikaantjes in te stellen. Een gewas dat geen bijzonder doel had (zodat er geen verstoring in de markt plaats vond), kleuriger en minder politiekgevoelig dan braak en bovendien milieuverbeterend omdat het aaltjes wegwerkt.
Het plan heeft het niet gehaald, en dat zal ook niet meer gebeuren want intussen verschijnt Wageninger Frank 'graanrepubliek' Westerman in het journaal om uit te leggen dat we landbouwgrond niet meer in randmeren of natuur moeten omzetten. Binnenkort mogen bestrijdingsmiddelen ook weer volop, want de EU interventievoorraden van tarwe zijn sinds kort geheel verdwenen.
O ja, blijft de aloude vraag: waarom heet een afrikaantje een afrikaantje en hoe noem je een afrikaantje in Kameroen?