vrijdag 17 oktober 2008

vesting Brussel

Een dagje Brussel gisteren. Niet op de Eurotop overigens. Sterker: op weg naar een ander gebouw van de Commissie wilde ik de Schuman rotonde nemen, maar prikkeldraadafzettingen en agenten hielden me tegen. Zo'n Europese top annexeert een fors deel van de publieke ruimte, zelfs een heel metrostation wordt er voor afgesloten. Vinden we als Nederlanders snel een tikje overdreven, maar het schijnt nodig.
Overigens vergaderden we op historische grond: de 12e verdieping bij DG Enterprise (het Brey gebouw voor de insiders), in de vergaderzaal waar zo'n 15 jaar lang de Commissie Delors vergaderd heeft. Een grote ovale tafel die nog eens met een extra ring groter is gemaakt toen het aantal commissarissen werd uitgebreid. Met als gevolg een matige en vermoeiende acoustiek. Nu goed voor beraadslagingen over de concurrentiepositie van de food industrie en het landbouwbeleid. Achter gesloten deuren.

donderdag 16 oktober 2008

voedingsadvies

Wat zou je er van vinden om op basis van je DNA-profiel een persoonlijk toegesneden voedingsadvies te krijgen: verminder je persoonlijke kans op vaatziekte met 43% door het eten van spinazie met vette vis - ik noem maar wat raars.
Een proefschrift over dat idee werd gisteren in Wageningen verdedigd. Het was een interessante bijeenkomst. Het onderzoek wees uit dat de consumenten er wel wat inzien als de winst niet naar het bedrijfsleven gaat (dat is meestal ook niet zo), als je maar niet voor alle gezinsleden verschillend moet koken en als de wetenschappers het eens zijn over de voor- en nadelen. Wetenschappers zelf vinden dat de dood in de pot voor de wetenschap, die zijn het liever oneens.
Een van de opponenten vond het allemaal niet zo nieuw, of je nu een advies krijgt omdat je vrouw bent en suikerziekte hebt of dat dit heel precies op je eigen DNA is gebaseerd, dat maakt toch niet echt wat uit. En een ander vond het niet het echte issue: we weten al lang dat mensen adviezen niet opvolgen en zich toch weer met chips voor de TV dik eten en waarom zou dat nu veranderen met een advies gebaseerd op je genen.
Nu gaat het daar eigenlijk bij een proefschrift allemaal niet om, daar gaat het om de wetenschappelijke methoden waarmee je die vragen onderzoekt. Want zoals een van de opponenten eerlijk zei: de hype is al weer een beetje voorbij. Het idee kwam uit de hause van de ontrafeling van de genen-structuur (kost inmiddels niet veel meer) en de ICT (zodat je in de supermarkt precies aankoopadvies kunt geven), in een tijd dat Numico heel Nederland aan de nutripillen wilde helpen, en inmiddels blijkt het allemaal veel moeilijker om precies te ontrafelen hoe een bepaalde voedingsstof een gen en daarna je gezondheid beinvloedt. Gelukkig kun je de onderzoeksmethoden wel weer meenemen naar de volgende hype.
Soms wordt ik wel eens afgunstig als ik zie hoe bij nieuwe technieken er weer bakken met geld beschikbaar komen om zo'n technische ontwikkeling te onderzoeken, waarna het toch weer veel moeilijker blijkt dan voorgespiegeld. Dat lukt ons sociaal onderzoekers veel lastiger, maar gelukkig mogen we af en toe meeliften. Zo komen er toch nog mooie marketing proefschriften en goede verdedigingen.
Proefschrift: Amber Ronteltap: Public acceptance of nutrigenomics-based personalised nutrition, Wageningen 2008

woensdag 15 oktober 2008

van mais en modder

De buurman begon vanochtend aan de maisoogst. Met dit weer meteen een dijk met modder, waarbij er veel (en ook wel geslaagde) pogingen werden ondernomen om die op te ruimen. Er was een extra man met tractor en borstelmachine bijna full time mee bezig. Het mag wat kosten.
Een perfecte illustratie van het interview dat ik maandag dankzij deze blog aan een journalist gaf over de economie van kavelruil. De percelen in Nederland zijn vaak groot genoeg, maar de gebruikerskaart is een mozaiek. Of beter: een legpuzzel die misschien zo hier en daar met kavelruil kan worden opgelost. Zodat de percelen bij elkaar en bij de huiskavel komen te liggen en al die grote machines minder over dijken met fietsende schoolkinderen hoeven. En we de kosten besparen van de mensen met borstelmachines. Kunnen we gewoon doormodderen als het regent.

dinsdag 14 oktober 2008

het tuinpad voor uit in eigen land

Radio 1 wekte mij vanochtend vroeg met het Dorp van Wim Sonneveld en het bericht dat Deurne "het tuinpad van mijn vader" nu ook zo genoemd heeft. Ik blogde al eens eerder over deze evergreen die ons beeld van het platteland voor altijd met nostalgie heeft overgoten.
Misschien bevordert het het binnenlandse toerisme. In de laatste SPIL wijst Pieter Lukkes er op dat we 18 miljoen vakanties in het buitenland doorbrengen en dat dit slecht is voor de betalingsbalans (overigens niet van de euro, de vakanties gaan vooral naar Frankrijk en Duitsland dus dat valt volgens mij wel mee) en voor het milieu. We zouden in Nederland moeten blijven.
Ik vrees dat de marketing invalshoek hier wat onderbelicht is. Vooralsnog maak je aan de bar of op een verjaardagspartijtje meer indruk met je bergbeklimming van de K2, je trektocht door Patagonie of de citytrip naar Barcelona dan een weekje wandelen langs slagerij J. van der Ven in Deurne of een weekend in Appelscha.
Lukkes wil de marketing van de regio verbeteren, en niet van de Randstad naar de Chinezen maar van de Achterhoek naar de Hagenezen. De vraag is waarom de overheid dat zou moeten doen, kan het bedrijfsleven in de Achterhoek dat niet zelf via de VVV? Of denkt ook dat bedrijfsleven dat je vooralsnog meer verdient door de Chinezen de Tweede Binnenbantammerstraat in de Amsterdamse grachtengordel te laten zien, zodat we dat uitje naar Avignon of Alanya kunnen betalen uit de winst van dat inkomend toerisme?
.
Op een ander punt zou ik graag verdere cijfermatige onderbouwing willen zien: Lukkes is ook tegenstander van landschapsvervuiling door windenergie en verbindt deze zaken aan elkaar door te stellen dat de aantrekkelijkheid van Flevoland daardoor van een juweel naar een laag-productief industriegebied is gedegradeerd, daarmee suggererend dat dit de recreatie in Flevoland heeft doen afnemen. Daar zou ik wel eens cijfers over willen zien: heeft Centerparcs Zeewolde sinds de windmolens een lagere bezettingsgraad dan de andere parken van dat concern? Loopt het bezoek aan de Riviera- en Flevocamping langs het Veluwemeer terug? Heeft Dorhout Mees 5 km ijsbaan moeten aanleggen als tegenwicht tegen de windmolens? Is de overgang van de Flevohof naar Walibi naar Sixflags en weer naar Walibi een gevolg van teruglopende belangstelling door windmolens? Aarzelen mensen de Batavia of Schokland te bezoeken vanwege windmolens? I doubt it.
Ik denk dat er best een aantal mensen nu niet gaan wandelen of fietsen vanwege dat industriele (hoewel ook de Rotterdamse haven veel toeristen trekt) en in plaats daarvan naar de Achterhoek gaan. Maar daar staat tegenover dat Flevoland weer andere recreatievormen biedt waar de bezoekers die windmolens voor lief nemen omdat je ze alleen op de heen- of terugreis ziet of helemaal geen belangstelling voor landschap heeft. Regio's specialiseren zich dus. Prima om tegen windmolens te zijn, maar ik betwijfel vooralsnog of toerisme daarin een belangrijk argument is.

P. Lukkes: Regionale component onderbelicht bij toeristische promotie van Nederland SPIL, 2008-4

maandag 13 oktober 2008

4groepen model in SPIL

Gisteren geen blog want we lieten Amerikaanse vrienden Dordt zien (hier op archieffoto) - ons eigen Philadelphia zogezegd. En op het terras las ik nog even de nieuwste SPIL uitgave, een blad dat de discussie zoekt, dus in de komende blogs kunnen ze die met een paar signaleringen ook krijgen ;-)
Er staat een goed verhaal in uit kringen van de SER, dat het viergroepen model omarmt. Daarin komt niet iedereen zomaar voor overheidssteun in het landbouwbeleid in aanmerking, bijvoorbeeld omdat je het landschap openhoudt. Terecht constateert men dat in Flevoland of Noord-Frankrijk een open landschap een onlosmakelijk bijproduct van de landbouw is waar de boer niets extra voor hoeft te doen (en al een ruimtelijke ordeningsrecht heeft dat de grond voor landbouw beschikbaar houdt), en wat we dus ook niet extra hoeven te betalen.
Wel ziet men reden te betalen voor extra diensten of daar waar de kosten extra hoog zijn en je toch landbouw wilt houden. Bij die hoge kosten wordt ook de grondprijs genoemd als argument om premies tussen regio's te differentieren, maar dat zal wel een slip of the pen zijn - of men moet Ricardo nog eens lezen: de tarwe is niet duur omdat de grondprijs hoog is, maar de grondprijs is hoog omdat de tarwe duur is.
Over een ding hoor je nog te weinig in deze discussies, zo vind ik, en dat is dat de huidige bedrijfsstructuur niet bepalend zou moeten zijn voor de bepaling van die kostennadelen. Als je de veenweide landschappen goedkoper kunt onderhouden met veebedrijven van 100 ha en 200 koeien dan 40 ha en 80 koeien, dan moet je het kostennadeel bepalen bij die 200, niet bij die 80. Ik betwijfel of alle deelnemers in het debat die mening delen.
Overigens willen we juist in die veenweidegebieden helemaal geen landbouw houden, zo heb ik de indruk: het moet deels vernat worden zo wil het Randstadplan van het kabinet. Van mij zou de reductie van de klimaatgassen in het verkeer in plaats van in het veen mogen worden gezocht, maar dat schijnt op termijn geen oplossing te zijn, we blijven maar dalen.
Daarnaast moet mijns inziens in de discussie een rol spelen dat juist in de Nederlandse "nadeel" regio's men vaak relatief dicht bij de stad zit, met als voordeel alternatieve werkgelegenheid, mogelijkheden voor multifunctionele landbouw en optiewaarde van de grond. In een opiniebijdrage van eind vorige week in het Agrarisch Dagblald haalde mijn LEI collega Wim de Hoop en zijn mede auteur onderzoek van prof. Han Wiskerke uit Wageningen aan dat juist rond de stad het aantal bedrijven minder snel afneemt: er zijn makkelijker alternatieve strategieen mogelijk dan verder weg. Het lijkt dus wel mee te vallen met al die nadelen, want erg leeg loopt het nog niet en de ruimtelijke ordening zorgt er al voor dat het niet volgebouwd wordt.

Marko Bos en Alexandra van Selm: Naar een viergroepenmodel voor vergoedingen aan boeren in: SPIL 2008 nummer 4

zaterdag 11 oktober 2008

reele opties

Soms kun je beter even wachten met het nemen van een besluit, zelfs in het geval van een crisis. Omdat er volgende week meer informatie is dan vandaag, bijvoorbeeld omdat de manier waarop de crisis zich ontwikkelt zelf informatie oplevert (over het vermoedelijke verdere verloop van een ziekte of het vertrouwen van mensen in banken).
De optie om te wachten is dan geld waard, je koopt informatie. Dat is het idee van de reele optietheorie. Opties als in opties bij de aankoop van een huis. Reeel omdat het niet gaat om financiele opties maar investeringsbeslissingen. Het is in de huidige -mede door overmatig ongecontroleerd gebruik van risico management instrumenten veroorzaakte- financiele crisis misschien niet zo'n populaire theorie, en ik weet niet of Wouter Bos er gebruik van heeft gemaakt bij zijn besluit 20 miljard beschikbaar te stellen. Wel las is er een boeiend proefschrift over, waarin wordt beargumenteerd dat toepassing van dit inzicht in een MKZ (Mond- en Klauwzeercrisis) nuttig kan zijn. Ook al begint zo'n crisis vaak met achtergehouden informatie of tijdsvertragingen voordat de crisismanager weet dat hij moet gaan besluiten.
Lan Ge: Flexible decision-making in crisis events. Proefschrift Wageningen, oktober 2008

vrijdag 10 oktober 2008

nazomer



Een mooie dag vandaag. Indian Summer of in goed Nederlands: oudewijvenzomer.

De web2.0 wereld brengt met zich mee dat prive en werk in elkaar overlopen. Ofwel deze blog leidt tot interviews. Ook mooi.

donderdag 9 oktober 2008

modellen

Nog een keer wereldeconomie, en dan keren we weer terug naar de normale inhoud van deze blog. Het Rijnlandse model gaat weer in de mode komen, zo voorspelt Maarten Schinkel in zijn column in de NRC van afgelopen dinsdag (7.10.08). De Washington-consensus heeft wellicht zijn langste tijd gehad (vooral omdat Washington zelf zich er niet aan hield) en TINA (there is no alternative, in globalisation) lijkt ook niet waar. Schinkel citeert ene Piet Keizer van de Utrecht School of Economics, die een mooie synthese voor ordening uit drie wereldvisies destilleert:
  • het liberale principe van individuele vrijheid en verantwoordelijkheid
  • het socialistische principe dat iedereen recht heeft om zijn talenten te ontplooien en te participeren in de samenleving
  • het conservatieve principe dat personen en groepen (families, kerken, bedrijven, middenveld) die zich in het verleden hebben bewezen een voorlopersrol moeten kunnen vervullen

Maarten Schinkel: Op zoek naar Amerika's volgende topmodel, NRC 07.10.08

woensdag 8 oktober 2008

van het een komt het ander

De wereld is niet erg voorspelbaar noch maakbaar. Die positie mag ik als sociaal wetenschapper graag innemen in de discussie met de ingenieurs van deze wereld. En niets helpt daar zo goed bij als voorbeelden die in de wet van de onbedoelde gevolgen passen.
Zo legde The Economist pas uit dat de Noordkoreaanse overheid veel aan legitimiteit verloren heeft doordat de Chinezen goedkoop de nieuwe DVDs gingen produceren, waardoor de Zuidkoreanen massaal hun oude videorecorders wegdeden, die voor een prikje met de videos ten noorden van de gedemilitairiseerde zone zijn beland. Waardoor men nu daar weet hoe je de samenleving ook anders kunt organiseren.
Zondag las ik in de TGV de Financial Times en in zijn column The Long View had John Authers ook een paar interessante voorbeelden van onbedoelde gevolgen, in dit geval op zich niet zo heel relevante veranderingen in het wereldsysteem die hebben bijgedragen aan de kredietcrisis.
Een deel van de ellende gaat terug op president Johnson die bedacht dat het wel een goed idee was om Fannie Mae te privatiseren zodat de overheidsboekhouding ten tijde van Vietnam weer wat meer op orde kwam. Het feit dat deze private organisatie (en later Freddy Mac) met een impliciete of expliciete overheidsgarantie op hypotheken in de markt opereerden, betekende dat de rest van de banken daar niet tegen kon concurreren, en zich op de subprime hypotheken gingen richten.
Dan was er de millenium crisis die leidde tot de beslissing veel geld in de markt te pompen, wat leidde tot de Nasdaq crisis en nog weer meer liquiditeit in de markt om die crisis te bestrijden. En dan was er nog de beslissing van de amerikaanse overheid om de 30jarige leningen niet meer uit te geven, waardoor investeerders uitweken naar de verhandelde hypotheken.
Wat Authers niet noemt is de invloed van de computers op de mogelijkheid allerlei risico en optiemodellen door te rekenen, waardoor zeer ingewikkelde producten ontstonden die weinigen meer snapten en waarop het toezicht ontbreekt. Wat dat betreft is het ook een ICT crisis. Een Nobelprijs voor de optietheorie moet de komende weken maar even niet worden toegekend zo lijkt me. Eerdere winnaars maakten er in de praktijk ook al potje van en veroorzaakten een (achteraf nog overzichtelijke) crisis mee.
En zo krijgt de protestbeweging van de sixties alsnog gelijk: ze hadden veel eerder moeten stoppen met Vietnam en het ordentelijk moeten financieren. Dat laatste argument was weinig marxistisch en toen dus niet in de mode; had wel gemoeten.

dinsdag 7 oktober 2008

Angers

Wie deze blog gisteren heeft gemist, dat klopt. Ik was even naar Angers, aan de Loire voor een workshop van het Franse voorzitterschap en het SCAR. Dat klinkt wat angstaanjagend, maar dat is het Standing Committee voor Agricultural Research van de Europese Commissie DG Agri. We discussieerden over de organisatie van het landbouwkundig onderzoek in Europa. Interessant, maar veel verwarrende opvattingen.

Het oude model van onderzoek stond vooral in het teken van de productieverhoging en was een lineaire drietrapsrakket van onderzoek, voorlichting en producerende boeren. Waarbij de voorlichting de in zaaizaad, kunstmest en bestrijdingsmiddelen verpakte technologie hielp toepassen en het praktijkonderzoek uitzocht wat lokaal het beste paste.

Die organisaties bestaan nog (we kregen mooie inleidingen uit de fruitteelt), maar inmiddels hebben retail en agribusiness en ook de overheid zelf via milieuregels de rol van aanjager van innovatie overgenomen. En productieverhoging hoefde in ieder geval tot voor kort niet meer zo nodig. In alle verwarring is er via het plattelandsontwikkelingsbeleid daarnaast een 'grass root' beweging ontstaan van lokale netwerken (onder allerlei namen als Communities of Practices, F2F (farmer to farmer) studiegroepen etc) die onder nieuwe onduidelijke omstandigheden proberen zinvolle vernieuwingen te creeren, vooral in de multifunctionele kant van de landbouw.

Veel van de oude voorlichtings- en onderzoeksinstituten hebben bij die slag niet echt weten aan te haken en praten vooral met zichzelf, zo werd er beweerd. En de maatschappij en overheid roepen harder dan ooit om innovatie. Daarbij leren de landen niet erg van elkaar hoe elkaars systemen werken (of niet werken). Het ei van Columbus hebben we aan de Loire niet gevonden, maar een probleem goed benoemen is ook al wat waard.

zondag 5 oktober 2008

lijstjes van luxe paarden



Het aantal paarden is in dit land sinds 1990 ongeveer verdubbeld, er zouden er nu bijna 400.000 zijn. Op 81.000 locaties, dat is gelijk aan het aantal boeren in dit land. Maar veel van die locaties zijn niet van boeren maar van burgers of maneges. De NRC van dit weekend heeft er een artikel over. Misschien wel in het kader van dierendag.

Drie redenen waarom er meer paarden zijn:

  1. door de economische welvaart krijgen de paardenmeisjes uit de stad wat ze willen.
  2. door dezelfde welvaart kopen steeds meer mensen een boerderijtje op het platteland, en daarbij hoort een paard als ultiem statussymbool.
  3. door de schaalvergroting in de landbouw stoppen boeren en beginnen een manege, paardenkamp of paardenstalling.

Kortom stijgende vraag en relatief goedkoop aanbod. En drie negatieve externe effecten (volgens sommigen):

  1. verrommeling van het landschap met paardenbakken, witte hekken en wat dies meer zij.
  2. overmatig verkeer op B-wegen naar de maneges, met opstoppingen als gevolg
  3. ruiters mengen zich op wandel- en fietspaden met wandelaars, veelal met hond, en dat loopt niet altijd goed af.

Kortom een markt voor tal van adviesrapporten, handreikingen aan gemeentes en beleidsnota's.

NRC: 4 oktober2008: Er staat een paard in de tuin, puur voor de show.

zaterdag 4 oktober 2008

handel in het communistisch paradijs

Handelen doen mensen van nature. Jij jaagt, ik kook. Daarmee krijgt specialisatie een kans en worden we welvarender. In kringen van ontwikkelingshulp wordt het wel eens ontkent, maar het beste wat je voor mensen kunt doen is ze toch maar aan laten haken bij het wereldhandelssysteem.
Een mooie illustratie voor wie wel eens aan twijfelt aan die natuurlijke neiging tot handel en de voordelen ervan, is het verhaal van de twee Koreas, vorige week nog weer eens belicht in The Economist.
Niet alleen is het in het communistisch paradijs van Kim Jong Il bittere armoede en terreur, maar er blijkt ook volop handel. Alles is er te koop, tot Mercedesen en vertrekvisa aan toe. Voor wie het kan betalen natuurlijk. Maar er is dus een volledig paralelle economie, ontstaan tijdens de hongersnood 1995 - 1998 (1 miljoen doden ofwel 4% van de bevolking). En niet door liberalisatie maar als 'coping' mechanisme: ruilhandel en samen taken verdelen om het hoofd boven water te houden.
Een van de bronnen is de grens met China, die goed is voor smokkel en omkoping. Grensbewakers worden elke 6 maanden gewisseld, niet om eentweetjes tussen handelaren en grensbewakers te voorkomen, maar omdat iedereen in die dienst een tijdje op een lucratieve post bij de grens wil worden geplaatst.
The Economist: The Odd Couple, sept. 27, 2008

vrijdag 3 oktober 2008

Ossenboter

In 1871 kocht ene Jurgens te Oss een patent om margarine te maken van een Franse uitvinder. Ook boterhandelaar Van den Bergh uit datzelfde Oss nam de margarineproductie ter hand. Later zouden ze fuseren en uitgroeien tot de Uni in Unilever.
Er werd in het begin ook nog wel melk in margarine verwerkt en aanvankelijk werd het gewoon als boter en als "kunstboter" verkocht; dat hielp niet aan het kwaliteitsimago van onze boter in de Engelse markt.
Het is een bekend verhaal dat ik teruglas in Jan Bieleman's Boeren in Nederland. Wat ik niet wist was dat boeren de kunstboter smalend "ossenboter" noemden. Niet van de echte koe maar uit Oss.
Het leidde tot wetgeving die er later nog voor zou zorgen dat de Amerikaanse peanutbutter vertaald moest worden als pindakaas, maar dat is een ander verhaal.

woensdag 1 oktober 2008